Het Israëlische leger heeft bij een inval op de bezette Westelijke Jordaanoever ten minste zes Palestijnen gedood. Ook raakten er tien mensen gewond, zo meldt persbureau AP. Het dodelijke geweld komt anderhalve week na het vredesoverleg tussen Israël en de Palestijnse gebieden. Bij dat overleg werd afgesproken dat verder geweld voorkomen moest worden.
Israëlische militairen verklaarden tegen AP dat het leger de stad Jenin inging om Palestijnen te arresteren die werden verdacht van de moord op twee Israëlische broers. Zij werden vorige week om het leven gebracht in de plaats Hawara, tevens op de Westelijke Jordaanoever. De inval zou zijn geëscaleerd tot een vuurgevecht tussen de Israëlische militairen en Palestijnse militanten. Wie de zes doden zijn is nog niet bekend.
De afgelopen tijd lijkt de spanning tussen Israël en de Palestijnse gebieden weer op te lopen. Op 22 februari kwamen er ook al Palestijnen om bij gevechten in de stad Nablus. Ook toen begon het geweld met een inval van het Israëlische leger bij een huis in de stad. Het geweld escaleerde, met elf doden tot gevolg, het hoogste dodental bij een dergelijke actie in achttien jaar tijd. Daarnaast vielen er 82 gewonden.
Vier dagen later gingen Israëlische en Palestijnse vertegenwoordigers met elkaar in overleg. Ze zeiden te willen werken aan een vredesverdrag om „verder geweld” te voorkomen. Wat het dodelijke geweld in Jenin zal betekenen voor het vredesoverleg blijft afwachten: bij geweld vanuit Israël komt het regelmatig voor dat Palestijnse militanten met een gewelddadige reactie komen.