‘Zonder tanks ga je de oorlog niet winnen’

Zware wapens Westerse tanks als de Leopard 2, waar Oekraïne al tijden om vraagt, zijn nodig om een nieuw Russisch offensief af te slaan en om een bres te slaan in vijandelijke linies.

De Duitse Leopard 2-gevechtstank.
De Duitse Leopard 2-gevechtstank. Foto Michael Sohn / AP

President Zelensky smeekt er al bijna een jaar om. Maar ook na nieuw beraad onder de bondgenoten blijven de Oekraïense strijdkrachten wachten op de levering van moderne westerse gevechtstanks. Het topoverleg op de Amerikaanse luchtmachtbasis in het Duitse Ramstein leverde vrijdag geen besluit op over levering aan Oekraïne van de Duitse Leopard 2, waarvan er tweeduizend in gebruik zijn bij zeker dertien Europese landen. Het Verenigd Koninkrijk had eerder al wel besloten veertien Britse gevechtstanks naar het land te sturen, de Challenger 2.

Volgens sommige experts kan de Leopard 2, mits Oekraïne er genoeg krijgt, doorslaggevend zijn voor een succesvol tegenoffensief aan het front. Met de inzet van gevechtstanks wordt het mogelijk geacht een bres te slaan in Russische verdedigingslinies van bunkers, loopgraven, mijnenvelden en andere obstakels. „Het is eigenlijk heel simpel, zonder tanks ga je de oorlog niet winnen”, zo zegt luitenant-generaal buiten dienst Mart de Kruif.

Het blijkt een uitdaging om moderne westerse tanks te vinden die snel kunnen worden ingezet. Met honderden tegelijk werden ze de laatste dertig jaar doorverkocht, afgeschreven of opgeborgen. Na de Koude Oorlog was de rol van tanks grotendeels uitgespeeld, was de gedachte. De aandacht richtte zich aanvankelijk op vredesoperaties, daarna vooral op de strijd tegen terrorisme, waarbij zware wapens als de tank geen rol hadden. Een militair conflict in de 21ste eeuw zou zich vooral toespitsen op cyberveiligheid, dacht men, misschien op de ruimte, terwijl onbemande drones, stealth-gevechtsvliegtuigen, geleide raketten en precisie-artillerie zouden worden ingezet op grote afstand.

Maar de oorlog in Oekraïne bewijst dat tanks nog wel degelijk nodig zijn. Rusland beschikt nog altijd over vele duizenden tanks; ze vormen een cruciaal onderdeel van de Russische strategie, die van oudsher berust op het verkrijgen van een getalsmatig overwicht in materieel en personeel.

Eind vorig jaar zei de commandant van de Oekraïense strijdkrachten, Valeri Zaloezjny, dat hij driehonderd westerse tanks en zevenhonderd gevechtsvoertuigen nodig heeft om de Russische troepen van Oekraïens grondgebied te verdrijven. Volgens experts van het International Institute for Strategic Studies (IISS) in Londen heeft Oekraïne ten minste honderd moderne westerse tanks nodig om een significant verschil te maken ten opzichte van de huidige situatie met vrijwel bevroren frontlinies in het zuiden en oosten.

Veel geluk

De gevechtstank is allereerst zelf een belangrijk antitankwapen. Oekraïense tanks, zoals de T-72 die van Sovjet-makelij is, strijden nu met gelijkwaardige Russische T-72’s,of de moderne T-90, al worden die laatste niet veel op het slagveld gezien. Volgens het Britse ministerie van Defensie zou Rusland nu ook overwegen enkele van zijn nieuwste tanks, de T-14 ‘Armata’ in te zetten, hoewel dit wapen officieel nog niet operationeel is (en er weinig van zijn).

Een Oekraïense tankcommandant, Oleksander Romantsjoek, liet onlangs in The Times zijn licht schijnen op de huidige situatie voor Oekraïners op het slagveld. „Als je nu een T-90 tegenkomt heb je drie van onze tanks nodig om ermee af te rekenen. Of heel veel geluk.”

Volgens een IISS-schatting bezat Oekraïne op het moment van de Russische invasie 858, merendeels oude Sovjettanks. Maar volgens Oryx, een onafhankelijk platform dat materiële verliezen aan beide zijden documenteert, heeft Oekraïne er sindsdien zeker 450 verloren. (Volgens Oryx is Rusland er intussen ruim 1.600 tanks kwijtgeraakt.)

De komst van westerse tanks en infanteriegevechtsvoertuigen, zoals de Amerikaanse Bradley en de Duitse Marder, zijn hoogst noodzakelijk voor Oekraïne, in een offensieve én een defensieve rol, bijvoorbeeld om een Russisch voorjaarsoffensief, waarover wordt gespeculeerd, af te slaan. Rusland heeft zijn militaire aanwezigheid in de Donbas, in Zaporizja en ten noorden van de Krim inmiddels flink opgevoerd.

Gestabiliseerd kanon

De modernste versies van de Duitse Leopard 2, waarvan de eerste modellen in 1979 werden gebouwd, heeft grote voordelen ten opzichte van de meeste Russische tanks. Hij is betrouwbaarder, sneller en beter bepantserd. Cruciaal is een gestabiliseerd kanon waarmee hij al rijdend door het terrein de loop op een doelwit gericht kan houden en dit op een afstand van vier kilometer kan raken. Granaten gaan met twee kilometer per seconde op hun doel af. „Het hardste geluid dat je ooit hebt gehoord”, zegt een Nederlandse militair met tankervaring.

Maar de Leopard 2 kan het niet alleen af. Door een frontlinie heen breken vergt een nauwkeurig gecoördineerd samenspel van verschillende onderdelen, zogeheten combined arms operations. Idealiter begint een aanval met raket- en artilleriebeschietingen en luchtaanvallen door aanvalshelikopters en gevechtsvliegtuigen. Als de vijandelijke stellingen voldoende zijn verzwakt volgen de tanks die het terrein naar de verdedigingslinie moeten overbruggen. In hun spoor volgen de lichtere infanteriegevechtsvoertuigen en de infanterie om het terrein te veroveren en zeker te stellen. De Russen bleken er tot nu toe niet sterk in; of de Oekraïners dit na jaren bijscholing volgens de NAVO-doctrines beter beheersen, moet blijken.

Bij zo’n aanval is de zwaar gepantserde Leopard 2 een betrouwbaarder aanvoerder dan zijn Sovjet-tegenhangers. Met een topsnelheid van bijna 70 kilometer is de 60.000 kilo zware Leopard snel. Ook in ‘besmet’ terrein blijft de bemanning gevrijwaard van de gevolgen van een nucleaire, chemische of biologische aanval. Belangrijkste wapens zijn het 120 millimeter-kanon en twee middelzware mitrailleurs. Ook bij slecht zicht kunnen de tankcommandant en de schutter doelen identificeren dankzij speciale warmtebeeldsystemen. Die mogelijkheden hebben de Oekraïners nu niet.

Als Oekraïne straks eindelijk de tanks krijgt toegezegd waar het al zo lang om vraagt, betekent dat een enorme opsteker in de oorlog tegen Rusland, al zal het dan nog een tijd duren voor ze in grote aantallen beschikbaar zijn aan de frontlijn. Volgens luitenant-generaal buiten dienst Ben Hodges, tot 2018 bevelhebber van de Amerikaanse strijdkrachten in Europa, zou de levering van tanks en gevechtsvoertuigen pas het begin moeten zijn. Hij acht langeafstandsraketten een onvermijdelijke nieuwe stap. „Tanks, Bradley’s en andere voertuigen zijn heel belangrijk en ik ben blij dat ze die kant op lijken te gaan, maar ze zijn slechts onderdeel van de hele inspanning die Oekraïne moet leveren om de Russische strijdkrachten te verslaan, en ze te dwingen de Krim te verlaten”, stelt Hodges tegenover NRC.

Volgens hem kan Oekraïne „nooit veilig zijn” zolang de Russen de Krim in handen hebben. Om het Russische leger van het schiereiland af te krijgen zal Oekraïne de Krim eerst willen isoleren door de twee landverbindingen met Rusland af te snijden. Hodges: „Zodra ze geïsoleerd zijn, zal Oekraïne raketten inzetten tegen Russische doelen op de Krim, waardoor het onhoudbaar wordt, en ze gedwongen worden te vertrekken.”