De meeuw die 17 plastic soldaatjes at – ‘dat gaat je toch tegenstaan?’

Jong geleerd Auke-Florian Hiemstra onderzoekt hoe vogels als meerkoeten plastic gebruiken voor hun nesten. „Dieren zijn geweldige architecten.”

Foto Dieuwertje Bravenboer

Wie op station Leiden Centraal arriveert, wordt opgewacht door bioloog Auke-Florian Hiemstra. Althans: door zijn tientallen meters grote portret, dat naast dat van andere bekende Leidenaren op een gevel hangt. Ruim twintig jaar geleden kwam hij hier voor het eerst, toen hij met zijn moeder naar natuurhistorisch museum Naturalis ging. „Als kind was ik een fanatieke schelpenverzamelaar. Elke herfstvakantie brachten we door op Schiermonnikoog en daar had je een fantastisch schelpenmuseum, Paal 14, waar ik dagelijks te vinden was. In Leiden bleek een nog veel groter natuurmuseum te staan, Naturalis, daar wilde ik dus ook heen.

„Aan het einde van de dag liepen mijn moeder en ik over de toenmalige loopbrug weer naar buiten en fietste er een groepje studenten onder ons langs. Misschien zijn het wel biologiestudenten, zei mijn moeder. Mijn mond viel open van verbazing. Dat je ervoor kon leren om zelf bioloog te worden, daar had ik nooit over nagedacht. Vanaf dat moment wist ik precies wat ik later wilde worden, en in welke stad ik wilde wonen. Als student fietste ik dagelijks onder die loopbrug door. En altijd keek ik even naar boven.”

Inmiddels is Naturalis zijn ‘nest’, zegt Hiemstra. „Na een jeugd waarin ik elke paar jaar verhuisde is dit nu echt mijn thuisbasis.” Hier, in het onderzoeksinstituut dat aan het museum grenst, is hij bezig met zijn promotietraject, dat ook over nesten gaat. Of preciezer: over de bouwsels van meerkoeten en andere dieren. „Dieren zijn geweldige architecten. Met takjes, bladeren en modder kunnen ze fantastische huizen bouwen. Maar in de stad zie je dat daar regelmatig nog een ander bouwmateriaal aan toe wordt gevoegd: plastic. Ik onderzoek hoe en waarom ze die materialen gebruiken, en wat de voor- en nadelen ervan zijn.”

Wegwerpbeker

Hiemstra kwam op het idee toen hij met zijn vriendin ging kanoën op de Leidse grachten, en zag hoe een meerkoet een plastic wegwerpbeker in haar nest verwerkte. „Daags ervoor was het groot feest vanwege Leidens Ontzet en de gracht lag bezaaid met van die bekers: 7.000 bekers op 100 meter gracht. Toen zijn wij actie gaan voeren tegen die bekers, tot de gemeente overstapte op herbruikbare statiegeldbekers. Maar er is nog veel meer plastic afval in de grachten en dus organiseren we nu al jaren clean-ups: elke zondag kanoën we met een groep vrijwilligers de grachten over.

„Maar dat beeld van die meerkoet liet me niet meer los, en toen ik erop ging letten zag ik veel meer plastic in nesten. Van origine is de meerkoet een moerasvogel die zijn nesten van riet bouwde, nu gebruikt hij plastic rietjes… In één nest dat ik onderzocht zaten er meer dan vijftig! En ik heb eens een meerkoetnest gezien dat was omwikkeld met een meterslange spanband. Zo stevig dat je er met een speedboot langs zou kunnen varen en het nest intact zou blijven.

Foto’s Dieuwertje Bravenboer

„Plastic zou dus zeker ook voordelen kunnen hebben voor zo’n vogel. Maar tegelijkertijd kan het een ecologische val zijn waarin de meerkoeten verstrikt raken. Denk aan mondkapjes: lekker zacht nestmateriaal, maar die elastiekjes zijn een ramp.” De meerkoet is zeker niet de enige soort die plastic gebruikt, benadrukt hij. „Zwanen, mollen, eekhoorns: allemaal verwerken ze soms verpakkingsmateriaal en ander afval in hun nesten. We hebben een citizen-scienceproject georganiseerd om gegevens over plastic in dierennesten te verzamelen.”

En dan zijn er ook dieren die plastic voor voedsel aanzien. In het kinderboek over stadsnatuur dat Hiemstra afgelopen jaar schreef, Perronpapegaaien en Krekelcriminelen, toont hij een foto van een ooievaarbraakbal vol postelastieken. „En ik las een wetenschappelijk artikel over een meeuw die zeventien speelgoedsoldaatjes at. Eentje kan ik me nog voorstellen. Maar zeventien! Dat gaat je toch tegenstaan? Wie weet was hij gedachteloos aan het snacken, zoals ik wel met chips doe.”

Speelgoedsoldaatjes

Een andere schrijnende foto is die van een baars die verstrikt raakte in de duim van een latex handschoen. Met de foto die Hiemstra ervan maakte, werd hij genomineerd voor de publieksprijs van de wedstrijd Wildlife Photographer of the Year. De winnaar is eind januari bekend.

Het idee voor het boek ontstond nadat Hiemstra las dat kinderen tegenwoordig meer Pokémon-figuren herkennen dan echte dieren. „Ik vond het zo heftig dat de virtuele natuur het wint van de echte, dat ik die kinderen wil aansporen: ga naar buiten! Overal om je heen ligt het avontuur voor het oprapen, juist ook in de stad. Als je naar natuur op tv kijkt dan voelt het altijd als een ver-van-je-bedshow. En áls je dan zelf op safari gaat, fotografeer je vaak alleen de kont van zo’n beest.

„Het is doodzonde dat mensen alleen het exotische op waarde schatten. Van een collega hoorde ik dat hij Zuid-Koreaanse gasten had die elke meerkoet wilden fotograferen omdat ze het zo’n bijzonder dier vinden. Meerkoeten! Zij worden dus net zo enthousiast van zo’n vogel als wij van een zebra of een panda.” Met zijn boek hoopt hij lezers, óók volwassenen, met andere ogen naar dezelfde natuur te laten kijken. „Natuurlijk hoop ik dat ze het boek uiteindelijk dichtslaan en zelf op avontuur gaan met de bijbehorende zoekkaart.” Zelf zal hij zijn verwondering sowieso blijven delen met het brede publiek. „Zo’n beest kan niet aanschuiven aan een talkshow, dat moeten wij doen.”