Basisscholen komen minstens tienduizend docenten tekort. Hoe armer de wijk, hoe groter het tekort

Lerarentekort Het lerarentekort blijft oplopen, blijkt uit nieuwe cijfers, ondanks investeringen door het kabinet. Scholen in de grote steden, en dan met name in de armste wijken, hebben de grootste gaten in hun bezetting.

Foto van de lerarenkamer van openbare basisschool De Wynwizer in Leeuwarden in 2017, toen leraren staakten voor hogere lonen in het basisonderwijs.
Foto van de lerarenkamer van openbare basisschool De Wynwizer in Leeuwarden in 2017, toen leraren staakten voor hogere lonen in het basisonderwijs. Foto Kees van de Veen

Het lerarentekort loopt verder op, blijkt uit nieuwe cijfers van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Gemiddeld gaat het om een tekort van 9,5 procent in het basisonderwijs, tegen 9,1 procent vorig jaar; bijna tienduizend voltijdsbanen.

De cijfers komen uit een brief die onderwijsministers Dennis Wiersma (VVD) en Robbert Dijkgraaf (D66) dinsdag naar de Tweede Kamer stuurden, in aanloop naar een debat over leraren aanstaande donderdag.

Scholen in de grote steden hebben de grootste gaten in hun bezetting: hier gaat het gemiddeld om een tekort van ruim 15 procent, waarbij er grote verschillen bestaan tussen wijken. Ruwweg geldt: hoe armer de wijk, hoe groter het lerarentekort.

„We zien nu een oneerlijke verdeling”, schrijven de ministers. „De ene school heeft genoeg mensen, de andere veel te weinig. Leerlingen zijn daarvan de dupe en dat zijn vaak de leerlingen die de leraren extra hard nodig hebben.”

Thijs Roovers, bestuurder van onderwijsvakbond AOb, noemt de cijfers „afgrijselijk”, en stelt dat het probleem in de praktijk nog erger is. Omdat niet alle schoolbesturen eerlijk doorgeven hoe groot hun tekorten zijn, worden de tekorten „verbloemd”.

Roovers: „Het ministerie meet het aantal vacatures, maar ziet niet wat er in de klaslokalen gebeurt. Wij zien dat er op heel veel scholen onbevoegden voor de klas staan. Onderwijsassistenten worden structureel ingezet om les te geven, terwijl ze daar niet voor zijn opgeleid.”

Ook het voortgezet onderwijs kampt met oplopende tekorten. Over vijf jaar is er gebrek aan ruim tweeduizend docenten, met name voor de vakken wiskunde, Nederlands, Duits en Frans. „Hierdoor kan de kwaliteit en continuïteit van het onderwijs voor leerlingen in het gedrang komen”, schrijven Wiersma en Dijkgraaf.

De actuele tekorten op middelbare scholen zijn niet precies te meten. Hier is, nog meer dan in het basisonderwijs, sprake van verborgen tekorten. Als een docent uitvalt, wordt niet meteen een hele klas naar huis gestuurd. Leerlingen hebben dan vaker een tussenuur, of krijgen voortaan minder les in een bepaald vak. Gemiddeld worden twee tot vier lesuren per week geschrapt, bleek deze week uit een enquête van dagblad Trouw

Versnipperd

Het lerarentekort stijgt ondanks de investeringen door het kabinet. Er kwamen onder meer subsidies om de werkdruk te verlagen en salarisverhogingen voor leraren.

Dat helpt nog niet genoeg, constateren de onderwijsministers in hun brief aan de Kamer. De aanpak is „te versnipperd en soms te vrijblijvend”.

De voltijdsbonus, een proef die dit najaar werd gelanceerd om leraren meer uren te laten werken, is vooralsnog geen daverend succes. Uit een rondgang van Nieuwsuur, eind vorige maand, bleek dat slechts vijftien schoolbesturen zich hadden aangemeld voor de proef.

Wiersma en Dijkgraaf kondigden eerder dit jaar in een interview in NRC aan „onorthodoxe maatregelen” niet te schuwen om uit de „ongekende crisis in het onderwijs” te komen.

Zo willen ze schoolbesturen dwingen om beter samen te werken en meer vaste contracten te geven. De ministers schrijven in hun brief dat ze per 1 augustus 2024 „wettelijke eisen voor strategisch personeelsbeleid” willen hebben.

Ook moeten leraren meer tijd krijgen om hun lessen voor te bereiden. Dat moet de werkdruk verlagen en zo de aantrekkelijkheid van het vak vergroten.

Roovers is blij met de plannen van de ministers, maar verwacht niet dat de tekorten snel zijn opgelost. „De salarisstijging is mooi, maar die valt weg tegen de inflatie. Als je het vak echt aantrekkelijker wilt maken, moet je meer betalen.”

Lees het interview terug met onderwijsministers Dijkgraaf en Wiersma: ‘We zijn bereid alles te doen wat nodig is om het lerarentekort te bestrijden’

Leesvaardigheid

Het lerarentekort heeft direct invloed op leerlingen. Het vergroot de kansenongelijkheid (de tekorten zijn immers het grootst op scholen met de meest kwetsbare leerlingen) en het is slecht nieuws voor de toch al dalende taal- en rekenvaardigheid van Nederlandse scholieren.

Deze dinsdag bleek uit onderzoek van de Onderwijsinspectie dat de leesvaardigheid van basisscholieren is gedaald ten opzichte van tien jaar geleden. Slechts de helft haalt aan het eind van de basisschool niveau 2F, de minimale vaardigheid om mee te kunnen komen in de maatschappij. In het speciale basisonderwijs bereikt maar 7 procent dit niveau.

Thijs Roovers: „We raken bijna gewend aan dit soort cijfers. Maar het is desastreus voor onze jongeren. Iedereen zou in foetushouding op de grond moeten liggen huilen.”

Door het grote aantal leraren dat de komende jaren met pensioen gaat, zullen de tekorten verder oplopen. De pabo’s melden weliswaar een lichte stijging van het aantal studenten op basis van de voorlopige inschrijvingen, maar dat is niet genoeg om de tekorten te dekken.

De lerarenopleidingen, die docenten klaarstomen voor het voortgezet onderwijs, zagen het aantal studenten de afgelopen jaren dalen. De woordvoerder van de Vereniging Hogescholen: „Het is helaas niet zo dat we een blik nieuwe leraren kunnen opentrekken om de tekorten in te lopen.”