Foto Michiel Bles

Een lier om het orgel te tillen

Dagenlang onderweg op vaak onmogelijke uren; de bandbus is het privéterrein van muzikanten. Fotograaf Michiel Bles en journalist bekijken de biotoop van bands on the road. Deze keer: Rob Mostert en zijn onhandige orgel.

Er was een tijd dat Rob Mostert voor elk concert zijn hammondorgel uit 1959 zelf de bus in tilde. Hij had hem op zwenkwieltjes staan en later kwamen er rijplaten, maar dan nog is die 160 kilo gewoon niet goed voor je rug. Als hij ’s nachts alleen thuiskwam, kon hij nooit voor de deur parkeren en moest hij bovendien eerst weer de voordeur uit zijn woning schroeven, anders paste het gevaarte er niet door. Dat moest anders.

Mostert speelt door het hele land: rock, soul en jazz in verschillende bands, vaak met dat oude bakbeest. Het werd beter toen hij verhuisde naar een polder bij Middelie in Noord-Holland. Maar daar ligt een bult op de dijk en bij elk ritje schoot zijn hoofd tegen het dak van het Hyundai-busje. Dat kon ook niet goed zijn voor het orgel, de twee klassieke Leslie-speakers en de andere instrumenten achterin. Toen de Hyundai op was, kwam de Mercedes Vito. Sindsdien voelt hij de bult niet meer.

Het is geen rock-’n-roll-bus, eerder een betrouwbare basis in het muzikantenleven dat gekenmerkt wordt door gesjouw en gehannes met spullen. Hij kon hem overnemen van een supermarkt die failliet ging. Er stond 18.000 kilometer op de teller. Dat was tien jaar geleden, nu is dat 250.000. Van binnen en van buiten ziet de bus er nog altijd piekfijn uit, clean bijna.

Foto Michiel Bles
Foto Michiel Bles
Foto’s Michiel Bles

Meestal zit Hans naast hem. Hans Lok is een trouwe vriend van Mostert. „Een typische biker: weinig woorden, grootse daden.” Hooguit een kwartiertje praten ze over vrouw en kinderen, daarna nemen ze door wat er moet gebeuren. Hans weet wat Rob wil als ze op de locatie zijn: zo snel mogelijk dat orgel in veiligheid en weten waar de kleedkamer is.

Maar de Mercedes en Hans verlosten hem nog niet van het tillen. Elke avond moest hij meermaals een beroep doen op anderen om hem te helpen. En: „Als ik op het podium zat, stonden mijn handen nog in de verhuisstand. Niet goed voor je fijne motoriek.”

Foto Michiel Bles

Toen hij op een winterdag onderuit gleed tijdens het sjouwen was de maat vol. Een buurman van verderop op de dijk, die hij pianoles gaf, had de oplossing. Hij monteerde een lier achterin de wagen. Die trekt nu al jarenlang zo die 160 kilo naar binnen.

Althans, tot een week voor het interview. Toen kwamen er opeens vonken uit de lier en stond-ie stil. Maar goed, normaal gesproken werkt hij dus. En toch, het zal altijd gedoe blijven. Dat is het lot van een onhandig instrument bespelen. Als de andere muzikanten aan het bier zitten, is Mostert meestal weer bezig zijn orgel terug in de bus te krijgen. Het scheelt dat hij toch al geen alcohol drinkt.

Op de terugweg is het meestal stil in de auto. Rob rijdt, naast hem zit Hans wat op zijn telefoon. Muziek draaien ze niet. „Dat werkt te veel op mijn gaspedaal.” Soms rijdt Hans terug, zodat de adrenaline van het concert wat kan zakken, maar het laatste stukje is meestal alleen. Dan draait Rob in het donker de dijk op, met de koeien en ganzen als enige getuigen, en parkeert voor de studio. Als hij de volgende dag weer moet spelen, blijft alles veilig achterin staan. En anders doet de lier het zware werk – zodra die weer gerepareerd is.

Foto Michiel Bles
Foto Michiel Bles
Foto Michiel Bles
Foto’s Michiel Bles