Jazzpianist Dave Brubeck in het Concertgebouw, 1958.

Foto Hans van den Busken

Interview

Eigenwijze foto’s van een te bescheiden fotograaf

Fotograaf Hans van den Busken (1935-2017) Van Ella Fitzgerald tot Ramses Shaffy, Hans van den Busken fotografeerde het rijke Amsterdamse culturele leven in de jaren vijftig en zestig. Zoon Yoeri maakte een postuum fotoboek. „Ik zie blijheid in zijn foto’s.”

‘Mijn vader is een beetje in de vergetelheid geraakt”, zegt Yoeri van den Busken. Zijn vader Hans van den Busken (1935-2017) fotografeerde én leefde in de jaren vijftig en zestig het uitbundige culturele leven van Amsterdam.

Hij stond naast Ella Fitzgerald en Josephine Baker tijdens late jazzconcerten in het Concertgebouw. Zag hoe Jasperina de Jong en Frans Halsema als jonge twintigers eigenhandig een theatertje verbouwden voor hun cabaret. Ontmoette Ramses Shaffy, zijn „mannelijke muze”.

Maar vooral hield Hans van den Busken van ballet, is te zien in het schitterende fotoboek Ander licht dat zijn zoon nu, zestig jaar later, heeft samengesteld. Van den Busken hield van danseressen en dansers, hun geconcentreerde blikken, precieze aanrakingen en gespannen spieren, alles scherp afgetekend in dramatisch zwart-wit. Ze kwamen zelfs bij hem thuis in zijn studio op de Prinsengracht: Rudi van Dantzig dansend met Hannie van Leeuwen, Olga de Haas voordat ze aftakelde door anorexia. In slechts vijftien jaar fotografeerde Hans van den Busken genoeg voor een hele carrière. Ander licht is het eerste boek met een overzicht van zijn werk.

Toen zoon Yoeri in 1969 werd geboren, was de fotocarrière van zijn vader al voorbij. Van den Busken had een gezin gesticht met zijn tweede vrouw, die ballerina was. Hij verruilde de fotocamera voor de filmcamera en werd documentairemaker. (Yoeri viel als peuter nog bijna dood, hij dook door de balustrade bovenin het huis aan de Prinsengracht, maar overleefde omdat hij precies in de kinderwagen landde. Yoeri, inmiddels 53 jaar oud, heeft nog altijd hoogtevrees. )

Zelfportret van Hans van den Busken, vermoedelijk 1959. Foto Hans van den Busken

Uitbundigheid

We zitten in een café in Purmerend, de fotomapjes met wereldberoemde jazzmusici liggen naast Yoeri van den Busken op de stoel. Veel was vergeten, zelfs nooit gezien, vertelt hij. Zijn vader had nooit een koffietafelboek of chique commerciële afdrukken gemaakt. Lang na Hans’ pensionering hadden ze wel besproken dat ze samen een boek zouden maken, met teksten van Yoeri, die zelf voetbaljournalist was geworden – al even productief als zijn vader trouwens.

Maar Hans kreeg alzheimer en stierf vijf jaar later. Zijn derde echtgenote had hem voor z’n 75ste verjaardag nog een scanner cadeau gedaan, maar hij had nooit één foto ingescand. Zijn fotoarchief zat in twee stalen kasten met kromgetrokken ordners en vergeelde mapjes. „Ik dacht, jezus, wat heeft ie veel gedaan.” Johnny Hallyday, Charles Aznavour – Hans was er te bescheiden over, denkt Yoeri. „Ik ben als het ware in het leven gestapt van iemand die ik nog niet kende.”

Jaap Flier en Hannie van Leeuwen op de Amsterdamse Bijenkorf tijdens de opnamen van het tv-ballet ‘Kain en Abel’ (1961). Foto Hans van den Busken

Er is één foto, zegt hij, daar zit bijna alles in: het dak van de Bijenkorf aan de Dam met twee balletdansers erop. Het zijn Hannie van Leeuwen en Jaap Flier tijdens buitenopnamen voor het ‘televisieballet’ Kain en Abel van de VPRO. De tinten grijs van de daken en torens in het ochtendlicht, de danspose, het duo dat afsteekt tegen een gevel. Typisch zijn vader, vindt hij. Hans had de foto zelf nooit gepubliceerd, niet eens afgedrukt – hij stond op een contactvelletje. Kranten wilden herkenbare mensen, plaatje praatje.

En zo ging het maar door, ordner uitpakken, foto’s uitstallen op de keukentafel, selectie maken, scannen, nog eens alles uitstallen om geen parel te missen. Vier jaar werkte Yoeri van den Busken aan het boek. Toch wilde hij aanvankelijk zijn naam niet eens op de kaft zetten, het was toch het werk van zijn vader?

„Ik ben in het leven gestapt van iemand die ik nog niet kende.”

Hij ziet „uitbundigheid, ongecompliceerde blijheid” in de foto’s van zijn vader. De cabaretiers van Lurelei, Rob de Nijs tijdens zijn eerste tv-show, pianist Tonny Eyk: ze waren begin twintig. Kinderen van de oorlog, die nu vol optimisme vooruitkeken. Hans van den Busken was een van hen: op de Prinsengracht woonde hij in hetzelfde huis als de mensen die hij fotografeerde. Volgens Eyk, die Hans’ bovenbuurman was, woonde er op elke verdieping een danseres.

Het was een verrassing om die kant van zijn vader te leren kennen, zegt zoon Yoeri. Toen hij zelf jong was, vond hij zijn vader „een beetje stoffig”. Hans zat altijd in zijn kantoor op de benedenverdieping van zijn latere huis in Duivendrecht. Het rook er naar zijn pijp, hij maakte documentaires over kunst en cultuur die vaak lastig verkoopbaar bleken. Als Yoeri naar een zelfportret kijkt van zijn vader als jonge fotograaf, wordt hij een beetje weemoedig. „Wat had ik die man graag ontmoet op die leeftijd.”

Olga de Haas en Simon André dansen ‘Melodie’ in 1963 Foto Hans van den Busken

Hans was als tiener in het culturele leven gerold via de Arbeidersjeugdcentrale, die volksverheffing serieus nam. Hij zat in een cabaretgroepje, en hield zo van dans dat hij jarenlang balletlessen nam. „Daardoor is hij gaan fotograferen zoals hij deed. Hij had zoveel oog voor de details van de dans. Hij wist wat het moment was met de grootste expressie.” In het boek staat een foto van Olga de Haas die getild wordt door Simon André. Zij lijkt los in de lucht te zweven, haar sluier licht op in het donker. Van hem zie je net genoeg: alleen zijn hoofd, linkerhand en voeten.

Eén wapenfeit van Hans van den Busken wordt ruim een halve eeuw later nog verteld. Toen hij als jonge twintiger als dansfotograaf begon, was hij gedwongen te werken vanuit de coulissen. De toen al gevestigde podiumfotograaf Maria Austria (1915-1975) duldde hem niet naast zich op de eerste rij. Het was juist dat ongewone camerastandpunt dat Van den Busken tot vernieuwende composities bracht, met toneellicht dat onverwachte schaduwen laat vallen.

Dat is niet het hele verhaal van zijn vaders fotografie, weet zijn zoon. Al snel vond Van den Busken podia waar hij wel kon staan waar hij wilde. Ook kreeg hij steeds meer opdrachten waarvoor hij artiesten opzocht tijdens hun repetities, op locatie zoals bij Kain en Abel, of tijdens buitenlandse tournees. Veruit zijn meeste foto’s maakte Hans van den Busken níet vanuit de coulissen.

Cabaretgroep Lurelei, met Jasperina de Jong, Frans Halsema, Sylvia de Leur, Ben Rowold en Eric Herfst.
Foto Hans van den Busken
Ella Fitzgerald
Foto Hans van den Busken
Josephine Baker in de Tuchinski - Amsterdam 1960.
Foto Hans van den Busken
(B) Cabaretgroep Lurelei, met Jasperina de Jong, Frans Halsema, Sylvia de Leur, Ben Rowold en Eric Herfst. (L) Ella Fitzgerald (R) Josephine Baker in de Tuchinski, 1960.
Foto’s Hans van den Busken

Intensiteit

Maar toch: ook zonder het juk van Austria bleef Van den Busken mensen fotograferen alsof ze hem niet opmerken. Op een foto van jazzpianist Dave Brubeck in het Concertgebouw, genomen van achter uit de zaal, komt de muzikant maar half boven zijn publiek uit. De klassieke wanden van de grote zaal worden grotendeels aan het zicht onttrokken door de tabakswalm.

John Kraaijkamp in 1963 als Fagin in ‘Oliver Twist’. Foto Hans van den Busken

Hans van den Busken fotografeerde nauwelijks iets anders dan mensen, maar geposeerde portretten maakte hij niet graag. In zijn latere woning in Duiven-drecht hingen slechts twee van zijn eigen foto’s. Er was er één van John Kraaijkamp als Fagin in Oliver Twist, wiens opengesperde, zwaar geschminkte ogen iets ontzettends lijken te zien („doodeng”, vond Yoeri als kind). Op de andere foto staat de wereldberoemde Russische danser Rudolf Noerejev, in een diepe, geharde concentratie tijdens een repetitie. Hij kijkt strak langs de fotograaf heen.

Zijn vader ving de intensiteit waarmee artiesten hun vak beleefden, vindt Yoeri van den Busken. Zelf voelt hij dat het meest bij een foto van Ramses Shaffy, stralend en zwetend met wijd open armen op een podium. De foto staat helemaal voorin het boek. „Dit zit zo vol vreugde en optimisme.”

Zijn vader was bevriend met Liesbeth List en bleef zijn leven lang een groot fan van Shaffy. „Shaffy had dat hele volle – een soort uitbundigheid die mijn vader misschien wel voelde, maar niet kon uiten.” De titel van het fotoboek verwijst naar een regel uit het lied Laat me: ‘Ik ben misschien te laat geboren, of in een land met ander licht.’ ‘Laat me’ was Van den Buskens lijflied, zegt zijn zoon. „Hij was niet alleen heel bescheiden, hij was ook stronteigenwijs. Mijn vader heeft het ook op zíjn manier gedaan.”

Rudolf Noerejev

Foto Hans van den Busken
Ramses Shaffy met theaterprogramma ‘Shaffy Chantant’ in het Miranda Paviljoen aan de Amstel, 1964.
Foto Hans van den Busken
Russische danser Rudolf Noerejev tijdens een repetitie en Ramses Shaffy met theaterprogramma ‘Shaffy Chantant’ in het Miranda Paviljoen aan de Amstel, 1964.
Foto’s Hans van den Busken
Hans & Yoeri van den Busken: Ander licht. Vormgeving Kiki Kraaijeveld en Merlijn Viersma. 312 blz. €39,90 in boekhandel Stumpel in Purmerend, De Vries Van Stockum in Haarlem en via Yoerivandenbusken.nl