Opinie

Democratiseer de zorg

Zorgstelsel pleit voor een betere scheiding der machten in de medische wereld. Financiële belangen bepalen nu te veel.
St. Antonius Ziekenhuis, Leidsche Rijn.
St. Antonius Ziekenhuis, Leidsche Rijn. Foto Bram Petraeus

Bij een strafrechtszaak zijn de verhoudingen helder: het Openbaar Ministerie staat aan één kant, de verdachte met advocaat aan de andere, en een onafhankelijke rechter beslist over de uitkomst van de zitting. Doorgaans accepteert de samenleving zo’n rechterlijke vonnis als rechtvaardig, of tenminste acceptabel.

Maar stel je voor: het OM geeft advocaat Jansen voor de zitting het dringende advies om voor een taakstraf pleiten. Argument: de plantsoenendiensten zoeken goedkoop personeel.

Het land zou te klein zijn.

Toch is dit wat er gebeurt in de geneeskunde. Wie is daar de ‘ rechter’ die bepaalt welke behandelingen u kan krijgen? Het Zorginstituut Nederland komt daar het dichtst bij in de buurt. Uw gezondheidsadvocaat? Die heeft u niet echt. De rol ligt een beetje bij uw arts en een beetje bij uw zorgverzekeraar. De laatste gidst u door het onoverzichtelijke landschap van ‘zorgaanbieders’ en helpt u de kwakzalvers van echte behandelaren te onderscheiden. Dokters, psychologen, fysiotherapeuten en andere behandelaars willen u helpen maar ook zorg verkopen om geld te verdienen. Het Zorginstituut bepaalt op zijn beurt welke behandelrecepten vergoed worden.

Maar wat gebeurt er nu als de overheid vindt dat de zorg te duur wordt? Dan kort de overheid op de bijdrage die de verzekeraars van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport krijgen. De dokter wordt daarna dus door uw gezondheidsgids onder druk gezet om het goedkoop te houden. Natuurlijk, het is goed dat iemand de dokter dwingt om zo efficiënt mogelijk te werken. Maar dat die druk voortkomt uit de financiële belangen van uw gezondheidsgids, dat is eigenlijk best bijzonder.

Niet-alledaagse aandoeningen

Het wordt bijzonderder als een goed recept (nog) niet in het Nederlandse kookboek staat. Bij patiënten met niet-alledaagse aandoeningen komt dat regelmatig voor. Dan moet de dokter voor zijn onschuldige, doodzieke patiënt een aanvraag doen bij de zorgverzekeraar voor vergoeding van een behandeling buiten het kookboek. Die wordt natuurlijk steevast afgewezen. De argumenten zijn meestal even ondiep als die bij de afwijzing van een autoschadeclaim.

Want bent u echt ziek en kost u geld, dan is de verzekeraar, ofwel uw gezondheidsgids, u liever kwijt dan rijk. Mocht u tijdens uw ziekbed de energie hebben om te wisselen van verzekeraar, dan blijkt uw nieuwe zorgverzekering net zo te werken. Zo dicteert nu eenmaal de zogenoemde ‘marktwerking’ in de zorg.

Het wordt echt vreemd nu er steeds meer recepten bijkomen, maar de bezuinigingen straffer moeten en de overheid een streng plafond stelt aan de totale zorgkosten. Verzekeraars besluiten sinds kort soms gezamenlijk om een recept dat wel in het kookboek staat, toch niet te vergoeden. Daargelaten dat dit soort kartelafspraken niet horen bij ‘marktwerking’, blijkt er dan zorgwekkend weinig tegenkracht in het systeem: iedereen die ooit ziek gaat worden lijkt nu overgeleverd aan de grillen van de verzekeringsindustrie. Er ontstaat verwarring en onbegrip, waarbij u als patiënt nergens in beroep kan.

Parlementaire discussies over de beperkingen in de zorg gaan helaas vooral over kleine onderwerpen

Nu de vergelijking met ons rechtssysteem. Is de behandeling bij een ernstige ziekte zoveel minder belangrijk dan een uitspraak in de rechtbank? Hoe zou een zitting eruit zien met marktwerking in het recht?

Lastige vragen, al jaren te lastig voor onze gekozen volksvertegenwoordigers. Parlementaire discussies over de beperkingen in de zorg gaan helaas vooral over kleine onderwerpen die geschikt zijn voor profilering. Zelden over de rechtspositie van de patiënt en nooit over grenzen aan de vergoede basiszorg. Die begrenzing wordt zonder democratische toetsing overgelaten aan het Zorginstituut en de ‘marktpartijen’.

Lees ook: Haal de verzekeraars uit het zorgstelsel

Tijd voor debat

Je kan je afvragen wat het nut is van tien zorgverzekeraars met bijna dezelfde basispremie, inkopend bij dezelfde ziekenhuizen. Maar belangrijker is dit: de Tweede Kamer leeft in de veronderstelling dat iedereen in Nederland alles wat echt helpt ook krijgt. Ten onrechte. En erger: een patiënt staat er akelig alleen voor na een onbegrijpelijke afwijzing.

Het is tijd voor een gesprek over de machtsverhoudingen in ons zorgstelsel. Het is tijd om een poging te doen om democratisch de grens aan vergoede basiszorg te bepalen, met alle Nederlanders, via onze wetgevende macht. Onze volksvertegenwoordiging kan inmiddels open debatteren over euthanasie; de tijd is nu rijp voor dit debat. Dat er iets moet gebeuren is evident: een plafond op de zorgkosten in een vergrijzend land zet de toegankelijkheid onder druk. Als de financiële belangen van tientallen marktpartijen de toegankelijkheid tot zo iets belangrijks bepalen, dan leidt dat tot onethische situaties.