Opinie

Balkanlanden laten via migratie hun macht voelen

Luuk van Middelaar

Dit jaar vroegen al zo’n 4,7 miljoen Oekraïners om tijdelijke bescherming, op een totaal van 5,3 miljoen asielzoekers in de Europese Unie. Dit is flink meer dan in 2015-16, toen het EU-asielstelsel omviel vanwege ruim één miljoen Syrische en andere vluchtelingen. De opvang van Oekraïners verloopt niet vlekkeloos maar gezien de aantallen best behoorlijk.

Onder de radar – op het oog verblekend bij de massale toestroom aan officiële asielloketten – doen zich echter nieuwe trends voor, die tot spanningen leiden. Mensen uit het Midden-Oosten of Afrika proberen steeds vaker via de Balkan illegaal de EU binnen te komen, meer dan via een zee-oversteek vanuit de Maghreb naar Spanje of Zuid-Italië. Driemaal meer mensen werden dit jaar opgepakt of teruggestuurd op de Westelijke Balkanroute dan in 2021. EU-breed gaat het om circa 300.000 illegale oversteken. Hoevelen ongezien doorlopen is niet bekend.

Het onderwerp stond hoog op de agenda van de Balkantop tussen de 27 EU-leiders en de premiers van de Westelijke Balkanlanden, dinsdag in Tirana. Politici uit Oostenrijk, eerste bestemmingsland, sloegen al deze zomer alarm. Ook België, aan het westelijke eind van de Balkanroute, is bezorgd. Net als Nederland kampen de Belgen met een asielopvangcrisis. Deze is nog verergerd sinds de Britten harder optreden tegen Kanaaloverstekers vanuit Zeebrugge of Calais en besloten asielaanvragen in Rwanda af te handelen.

Ook de laatste Nederlands-Bulgaarse ruzie ontspint zich in dit kader. Ter onderstreping van zijn veto tegen Bulgaarse toetreding tot Schengen zei premier Rutte vorige week dat je „voor 50 euro” illegaal de Bulgaarse grens over kunt – en dus de EU in – vanuit bijvoorbeeld Servië of Turkije. Boze reactie vanuit Sofia: „Onlangs stierven drie Bulgaarse grenswachten bij de EU-buitengrens: in plaats van solidariteit krijgen we cynisme”. Eurocommissaris Johansson suste wat, maar binnenskamers worden de zorgen over zwak Bulgaarse grensbeheer gedeeld.

Wat is er met die migratieroute aan de hand? Een blik op de herkomstlanden geeft een idee. De meeste op de Balkanroute betrapte illegalen komen uit Syrië, Afghanistan en Turkije. Niet verwonderlijk, en zeker de eerste twee groepen kunnen vanwege de barre toestand thuis veelal aanspraak maken op asiel. Sinds de zomer proberen echter ook groepjes uit India, Pakistan, Cuba, Egypte, Tunesië en zelfs Burundi het via de Balkanroute. Hiervan hebben de meesten nul kans op asiel.

Wat blijkt: vanuit deze landen vlieg je zonder visum naar Belgrado of Tirana en vandaar rijd je vrij eenvoudig een EU-grens over. Mensensmokkelaars op de Balkan maken hier gebruik van mazen in de visaregimes. Het gaat niet om honderdduizendenden, maar wel om honderden, zo niet duizenden mensen.

De politieke vraag is of Servië, Albanië en Noord-Macedonië deze migratieroute bewust inzetten om druk uit te oefenen op de EU. Oftewel, in termen van een uitstekend, dinsdag verschenen Clingendael-rapport: is er sprake van „instrumentalisering van migratie”?

Een grof, recent voorbeeld van deze praktijk was de Wit-Russische dictator Loekasjenko die zomer 2021 dreigde de EU „met vluchtelingen en drugs te overspoelen” en per charter mensen uit vooral het Midden-Oosten ophaalde en met bussen tot aan de Poolse grens bracht, met onlusten tot gevolg. De EU repliceerde met harde sancties. De Clingendael-auteurs spreken van een „oorlogsachtige” inzet van migratie.

Wat Servië en zijn buren doen is subtieler en heeft meer van een „onderhandelingsscenario”. Vriendelijke verklaring: de autoriteiten kijken weg, laten het gebeuren, het kan ze weinig schelen. Maar belangeloos is het niet. De gunst van visavrij reizen aan India, Egypte of Pakistan wordt ook verleend in de hoop op contracten. Albanië is een land waarvan de premier zegt: „Ik kan onze jeugd niet zeggen niet te vertrekken”. Met Burundi of Cuba, geen economische zwaargewichten, is dat zakelijke motief twijfelachtiger. Maar ook aan vliegverkeer valt geld te verdienen.

Tegelijk laten deze landen zo aan de EU weten: jullie hebben ons nodig. Het geeft wisselgeld in de relatie. Onder druk zegde Servië inmiddels toe om voor oudjaar visaregimes in lijn te brengen met die van de EU. Zo kan het iets positiefs doen. Handig op een moment van grote spanningen over Rusland, aangezien Servië, hoewel kandidaat-EU-lid, weigert mee te doen met onze sancties.

De EU-landen van hun kant moeten erkennen dat migratie behalve uitdrukking van de hoop van velen op een beter leven, ook een geostrategisch drukmiddel van buren en tegenstrevers is. Dat mag behalve met hulp en aandacht ook met tegendruk worden beantwoord.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof en historicus.