Nederland heeft te weinig regels voor gezonder eten

Voedselomgeving Nederland loopt achter in Europa bij het gezonder maken van de eetomgeving. Er is wel beleid, maar er zijn te weinig harde maatregelen.

Schoolkinderen bij het Burgemeestersontbijt op het Amsterdamse gemeentehuis, waarbij het belang van een gezond ontbijt onder de aandacht wordt gebracht.
Schoolkinderen bij het Burgemeestersontbijt op het Amsterdamse gemeentehuis, waarbij het belang van een gezond ontbijt onder de aandacht wordt gebracht. Foto Evert Elzinga / ANP

Nederlandse beleidsmaatregelen voor een gezonde voedselomgeving blijven achter bij andere Europese landen. Om op scholen, in supermarkten en op straat een gezonder aanbod te creëren, doen de meeste landen meer dan Nederland. Dat blijkt uit een vergelijking van elf landen door onderzoekers van de Wageningen Universiteit en de Universiteit Utrecht. De studie verscheen deze maand in The Lancet Regional Health - Europe.

Nederland, Spanje en Duitsland bungelen onderaan in de zogeheten Healthy Food Environment Policy Index (Food-EPI), een index die kijkt naar overheidsbeleid en maatregelen die direct gericht zijn op het creëren van een gezonde voedselomgeving.

Voor deze vergelijking maakten de onderzoekers eerst een overzicht van het beleid in elf Europese landen. Gezondheidsexperts in die landen vergeleken het beleid in hun eigen land vervolgens met een lijst ‘best practices’ (goede voorbeelden) uit de rest van de wereld, zoals een suikertaks of beleid voor gezonde schoolmaaltijden. Op een schaal van 1 tot 5 beoordeelden zij hoe goed de uitvoering in hun land was.

Nederland scoort laag op onder meer implementatie van wet- en regelgeving voor voedselaanbod, -etikettering en -marketing. Bijna alle onderzochte landen scoren overigens ‘zwak’ als het gaat om maatregelen voor een gezondere voedselomgeving. Alleen Finland, Noorwegen en Portugal springen er bovenuit. Zo subsidieert Finland gezonde maaltijden voor studenten, geldt in Portugal een verbod op marketing gericht op kinderen onder de 16 en heeft Noorwegen meer regels voor het gezonder maken van producten dan andere landen. Finland scoort ook hoog op bestuur, monitoring en financiering.

Preventieakkoord

Deze eerste Europese vergelijking laat zien dat er weliswaar overal beleid is om de voedselomgeving gezonder te maken, maar wet- en regelgeving achterblijft. Zo is er in Nederland een ‘Nationaal Preventieakkoord’ en wordt overgewicht bijgehouden, maar betalen consumenten btw op groente en fruit, is er (nog) geen belasting op suikerhoudende dranken en hebben gemeenten geen instrumenten om fastfoodrestaurants te weren.

Lees ook: Schoolmaaltijden in arme wijken helpen tegen ondervoeding en overgewicht

„Meest opvallend is dat in Europa elk land iets anders doet”, zegt Maartje Poelman, een van de auteurs. „Er zijn wel Europese regels voor bijvoorbeeld gezondheidsclaims, maar wet- en regelgeving die de voedselomgeving direct beïnvloedt, zoals een suikertaks, is er niet voor de hele Europese Unie.” Poelman is in Wageningen universitair hoofddocent Consumptie en Gezonde leefstijl. Ze vulde zelf geen vragenlijsten in als expert.

Obesitascijfers

Landen die beter scoren op de Food EPI hebben overigens niet altijd minder overgewicht. Finland zit met 59 procent in de hoogste regionen. Poelman: „Daardoor wordt er mogelijk sterker de urgentie gevoeld om in te grijpen.” Uit hogere obesitascijfers kan dus niet geconcludeerd worden dat maatregelen geen effect hebben.

Het gezonder maken van de voedselomgeving – denk aan winkels, scholen, horeca, et cetera – is belangrijk, stellen de onderzoekers, omdat deze grote invloed heeft op het eetgedrag. Een zwaardere bevolking leidt tot meer diabetes type 2, hart- en vaatziekten en kanker. De zorgkosten als gevolg van overgewicht worden in de EU geschat op meer dan 300 miljard euro per jaar.

De onderzoekers erkennen dat het oordeel van de geraadpleegde experts subjectief is. Met dit soort studies kan de achtergrond van experts een rol spelen, schrijven ze. Wetten en regels in de landen zijn objectief vastgesteld, maar mogelijk zijn experts in Nederland kritischer geweest dan elders.

Lees ook: Preventieakkoord: vrijwillig afzien van je biertje en je broodje kroket

Zelfregulering

Joline Beulens, voedingskundige en epidemioloog (Amsterdam UMC) en niet betrokken bij het onderzoek, spreekt van „een mooie studie die een compleet beeld geeft.” Een bevestiging bovendien van wat uit eerder onderzoek bleek: het beleid om overgewicht en chronische ziekten tegen te gaan wordt minimaal uitgevoerd. „Er is te veel zelfregulering en te weinig harde regelgeving. Om de zorg betaalbaar te houden is een breed pakket aan maatregelen nodig voor de preventie van chronische ziekten, de voedselomgeving hoort daarbij.”

Poelman benadrukt het belang van vervolgonderzoek, zodat op lange termijn duidelijk wordt of obesitas en andere chronische ziekten afnemen met een gezondere voedselomgeving. „Het effect van afzonderlijke interventies is moeilijk te bewijzen.” Ook zij zegt: „Je moet het hele systeem aanpakken voor een gezondere bevolking. Verschillende maatregelen versterken elkaar.”

De experts in de meeste landen vinden dat belasting op ongezonde voeding, gezonder eten op scholen en een verbod op kindermarketing prioriteit moet krijgen. In de Tweede Kamer staat ‘leefstijl en preventie’ volgende week op de agenda. Staatssecretaris Maarten van Ooijen (VWS, ChristenUnie) wil onder meer dat gemeenten nieuwe aanbieders van fastfood makkelijker kunnen weigeren.