Vriendschap is het hart van de tv-serie Lampje

Familieserie De 4-delige tv-serie Lampje, over een dapper meisje dat haar weg vindt in het leven, voert de kijker mee in een wereld vol zeemeerminnen en piraten en kreeg daar voor Nederlandse begrippen een gigantisch budget voor. „De NPO en VPRO hebben enorm hun nek uitgestoken voor dit project.”

Het meisje Lampje en Vis, een jongen met een vissenstaart, aan tafel in de serie Lampje.
Het meisje Lampje en Vis, een jongen met een vissenstaart, aan tafel in de serie Lampje. Beeld VPRO

De wereld waarin Lampje leeft bestaat niet echt. De arena van het succesvolle gelijknamige boek van Annet Schaap - al verschenen in meer dan 25 talen - is een soort 19e-eeuws Nederland, maar dan vermengd met fantastische elementen: een van de hoofdpersonen is Vis, een jongen met een vissenstaart (Manu Gunning). Zijn vriendschap met het 11-jarige meisje Lampje vormt het kloppende hart van zowel het boek, als de vierdelige serie.

„Het is een voorrecht om de héle wereld van de serie naar je hand te mogen zetten”, vertelt regisseur Margien Rogaar enthousiast. Zo leeft Lampje aan het begin van de serie in een vuurtoren in zee. „Zo’n ouderwetse vuurtoren op zo’n locatie is nergens te vinden. Dus moet je dat zelf gaan creëren, met decors, bijzondere attributen en speciale effecten. In elk shot zie en voel je alle creativiteit die erin gestoken is.” De serie van productiehuis Juliet at Pupkin kostte 4,5 miljoen euro, dus er was ruim één miljoen euro per aflevering beschikbaar. De productietijd was ruim twee jaar, in de zomer van 2020 werden de eerste plannen gesmeed. „De NPO en VPRO hebben enorm hun nek uitgestoken voor dit project.”

Vis, een jongen met een vissenstaart en een vriend van Lampje, in een bolderkar.


Beeld VPRO

De vuurtoren waar Lampje opgroeide.


Beeld VPRO

Verstandige kinderen

Toch drijft de serie niet alleen op visuele pracht, zegt scenarist Mieke de Jong (Gouden Kalf-nominatie voor Oorlogswinter). „Lampje is juist door het prachtige taalgebruik een van de mooiste boeken ooit in Nederland geschreven”, beklemtoont ze. Auteur Annet Schaap was aan de zijlijn betrokken bij de tv-bewerking. „In mijn ogen zijn kinderen vaak veel verstandiger dan volwassenen. Ik word heel enthousiast voor elk verhaal dat die boodschap uitdraagt. We zouden kinderen ook in het echte leven veel serieuzer moeten nemen.”

Halverwege de eerste aflevering wordt Lampje (Lotte Jonker) uit huis geplaatst - haar vader (Gijs Naber), die haar alleen opvoedt, is een onverantwoorde dronkaard. Zulke schrijnende scenes kunnen zich ook zonder veel aanpassingen afspelen in het door tekorten in de Jeugdzorg gekwelde Nederland van nu. De Jong: „Zij wordt opeens gedwongen veel volwassener te zijn dan je van een kind mag vragen. De serie is een omgekeerd coming of age-verhaal: zij probeert na deze dramatische scheiding weer een manier te vinden om kind te kunnen zijn.”

In het midden staat het 11-jarige meisje Lampje.
Beeld VPRO

Lampje kijkt naar buiten.


Beeld VPRO

Zintuigelijke ervaring

De serie balanceert voortdurend op de grens van wat echt zou kunnen zijn en wat niet. De harde, realistische thema’s en de sprookjesachtige wereld blijken moeiteloos naast elkaar te kunnen bestaan. „Verhalen over kinderen zijn heel universeel, júist omdat we allemaal jong zijn geweest”, stelt regisseur Rogaar. „Dat maakt goede familieseries zo toegankelijk voor iederéén, mensen van 9 tot 99. En ook de boodschap dat je jezelf moet kunnen zijn en dat het goed is om open te staan voor de ander, is van elke tijd en plek.”

De grootste uitdaging voor de makers was echter om de gevoelens en gedachten van Lampje, die in het boek in de zinnen van Schaap alle ruimte krijgen, in beelden te vertalen. „Kinderen beleven de wereld heel zintuigelijk”, legt Rogaar uit. „Denk maar aan je eigen jeugdherinneringen. Van het logeren bij oma herinner je je haar specifieke geur, of hoe haar enorme kussensloop voelde. Dus moet je in een serie een manier vinden om dat perspectief te visualiseren.”

Lees ook dit interview met Annet Schaap: ‘Ik hou van dat kartonnige, als kleur, maar ook als sfeer’

Aardappels schillen

Deze persoonlijke emoties vormen een bijzonder contrast met de grote gebeurtenissen die zich ondertussen in het verhaal aandienen, zoals een grote storm of piraten. „Je voert de kijker juist mee door herkenbare details te tonen, zoals een traan die in de pap valt. In dat soort kleine momenten kunnen mensen zich veel beter verplaatsen dan in een allesverwoestende storm.”

De regisseur werkte voor haar geprezen eerdere werk als Zucht en Bon Voyage ook met kinderen. „Ik probeer ze op de set, buiten de opnames om, zo mogelijk weg te houden van alle gedoe”, lacht Rogaar. „Voor de camera leveren ze het beste werk als je ze gedurende de draaiperiode niet dwingt iets anders te zijn dan ze zijn.”

Ze bereidt de kinderen met een speciale coach maandenlang voor, zonder alle volwassenen die ook op de set rondlopen. Zo oefenen ze spel-improvisaties en doen zij de dingen die zij in de serie óók moeten doen, zoals aardappels schillen en zwemmen. „Ik laat normaal in de montagekamer niemand meekijken naar de opnames, maar voor kinderen maak ik een uitzondering. Het draaien van een serie is een geweldige totaalervaring, en zo moeten ze zich dat later ook kunnen herinneren.”

Beeld VPRO