Ondanks alle nadelen blijven Italianen dól op cash geld

Handje contantje De Italiaanse regering wil handelaren toelaten om betalingen met pinpas te weigeren voor bedragen lager dan 60 euro. Een slecht signaal in de strijd tegen zwart geld en belastingontduiking, zeggen deskundigen.

In de talrijke winkels in heel Italië, en ook op de markt in Rome, wordt geregeld de voorkeur gegeven aan ‘handje contantje’.
In de talrijke winkels in heel Italië, en ook op de markt in Rome, wordt geregeld de voorkeur gegeven aan ‘handje contantje’. Foto Guglielmo Mangiapane/Reuters

Een doordeweekse donderdagavond in Rome, en geen cash geld op zak. „Met pinpas betalen? Liever contant”, zegt de taxichauffeur, en rijdt prompt weg. Hij is geen uitzondering. De voorbije vijf maanden heeft de politie enkel op de internationale luchthaven van Fiumicino al duizend boetes uitgedeeld aan taxichauffeurs die digitale betalingen weigerden, te hoge tarieven vroegen, of andere regels overtraden.

Op het gebied van taxi’s is Rome een jungle. Maar in heel Italië, en dan vooral in de talrijke, soms piepkleine winkels wordt geregeld de voorkeur gegeven aan ‘handje contantje’, zeker voor kleinere bedragen. Cirillo heeft een kleine bloemenzaak in de wijk San Giovanni in Rome, dicht bij een grote supermarkt. „Ik aanvaard in principe geen pinpas voor bedragen onder de 10 euro”, zegt hij. Heeft de klant echt geen geld op zak, dan zakt hij tot 5 euro, maar lager gaat hij echt niet. „Met de commissie die ik de bank voor zo’n transactie betaal, hou ik er zelf niks aan over.”

Cadeautjes aan de banken

Eerder noemde Giorgia Meloni zulke commissies ‘cadeautjes aan de banken’. Nu ze premier van Italië is, wil haar regering handelaren straks toelaten om digitale betalingen tot zestig euro te weigeren. Dat is een voorstel uit de ontwerpbegroting. De Italiaanse regering wil vanaf volgend jaar ook cash betalingen toelaten tot een bedrag van 5.000 euro, in plaats van de limiet van 1.000 euro die ingaat op 1 januari. Nu ligt de grens nog op 2.000 euro in Italië. „Beide maatregelen zijn een slecht signaal in de strijd tegen zwart geld en belastingfraude”, zegt Valeria Portale, directeur van het Innovative Payments Observatory van de Politecnico di Milano, de Technische Universiteit van Milaan. „In plaats van digitaal betalen af te remmen, terwijl dat soort betalingen in Italië juist aan het toenemen waren, zou de regering met de banken kunnen onderhandelen over de commissies die aan handelaren worden gevraagd.”

Bloemenverkoper Cirillo vraagt vijf euro voor een klein plantje kersthulst, en tikt het bedrag netjes in zijn kassa. Cash betalen betekent zeker niet per definitie dat de handelaar die betaling zwart ontvangt. Wie een elektronisch bonnetje geeft aan de klant geeft de transactie rechtstreeks door aan de Italiaanse fiscus. „Maar er is een duidelijk verband tussen contante transacties en belastingontduiking”, benadrukt Portale. Dat bonnetje wordt immers lang niet altijd gemaakt. Volgens een studie uit 2016, door haar Observatorium in samenwerking met de Italiaanse fiscus, wordt naar schatting 33 procent van de cash betalingen in Italië niet aan de belastingdienst gerapporteerd. Bij digitale betalingen is dat slechts 13 procent. De schaduweconomie in Italië werd in 2019 geschat op 183 miljard euro, wat overeenkomt met 11,3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Belastingontduiking zou in Italië tot in de tientallen miljarden euro’s lopen.

‘Modernisering’

De voorliefde voor cash geld leeft overigens niet alleen bij de handelaren, maar ook bij de consumenten. „Van de 27 Europese lidstaten staat Italië op de 24ste plaats wat betreft het aantal digitale betalingen per hoofd van de bevolking”, zegt Portale, verwijzend naar een studie gebaseerd op cijfers van de Europese Centrale Bank. Acht van de tien keer dat Italianen digitaal betalen, geven ze minder dan 60 euro uit.

Vooral oudere Italianen voelen wantrouwen jegens banken en digitaal betalingsverkeer. Zo houdt in Italië nog altijd de hardnekkige, en zeer risicovolle gewoonte stand om op het postkantoor een pensioen in cash geld op te halen. Contant geld in omloop houden kost Italië ook veel geld, volgens Portale ruim 8 tot 10 miljard euro per jaar. Het betreft de kosten voor het drukken van het geld en voor geldtransporten, en geld dat door diefstal verloren gaat. „Digitaal betalen is veiliger, en is daarbij ook een dienst. Een creditcard is onmisbaar als je online iets wil bestellen, en ook veel handiger om in Italië een tolweg te betalen”, zegt Portale. „Het is een stap naar meer modernisering.”

Om al die redenen zou de Italiaanse regering volgens haar digitaal betalen, en digitalisering in het algemeen, moeten aanmoedigen. De Europese Unie verwacht dat ook van Italië. Het voornemen van de Italiaanse regering druist juist in tegen een van de prioriteiten voor Rome in het kader van Next Generation EU, het heropbouwfonds na de coronapandemie, waarvan Italië de belangrijkste begunstigde is. Onder invloed van ‘Brussel’ lijkt Meloni het voorstel al enigszins te nuanceren. Ze wil kleinere handelaren wat respijt gunnen, zegt de premier, maar het bedrag van 60 euro is ‘indicatief’ en ‘bespreekbaar met Europa’. De Italiaanse begrotingswet moet voor het einde van dit jaar worden goedgekeurd.