Prikkelvrij museumbezoek, met suppoosten zonder piepende schoenen

Musea Geen gedrang voor de schilderijen, geen geroezemoes, geen fotograferende mensen: steeds meer musea hebben speciale stille uren.

Illustratie Getty Images, bewerking NRC

Op het eerste gezicht lijkt er niks bijzonders aan de avond in het Rijksmuseum in Amsterdam. De medewerkers fluisteren misschien wat zacht en in de populaire Eregalerij is het wel erg stil. Verder: gewoon mensen die genieten van kunst.

Toch is dit voor de bezoekers een speciale avond: het museum heeft een ‘prikkelvrije openstelling’. „Sommige bezoekers zijn al jaren niet in een museum geweest”, zegt manager toegankelijkheid Cathelijne Denekamp, die eerder op de avond de straatmuzikant voor de ingang vriendelijk heeft verzocht ergens anders te gaan staan en net een mevrouw met tinnitus heeft opgehaald bij de rustigere personeelsingang.

Sinds 2020 organiseert het Rijksmuseum zes keer per jaar prikkelarme bezoeken. In plaats van de meestal duizenden bezoekers mogen er maximaal 150 mensen naar binnen. Alle medewerkers is verzocht zacht te praten, zwarte kleding te dragen en geen piepende schoenen aan te doen. Bovendien zijn de audiotours prikkelarm gemaakt („geen sfeergeluiden”) en houden de rondleiders rekening met prikkelgevoeligheid („feitelijk taalgebruik in plaats van beeldspraak”), vertelt Denekamp.

Stapelgek

Een van de bezoekers is Klara (63) uit Amsterdam. Ze heeft een psychiatrische aandoening en wil niet met haar achternaam in NRC. „Op een normale dag zijn er te veel mensen, is er te veel geroezemoes. En iedereen moet altijd overal foto’s van maken. Daar kan ik echt niet tegen, dat maakt me stapelgek.” Ze is bij bijna alle prikkelarme openstellingen in het museum geweest. Dit keer verheugde ze zich vooral op Gezicht op Haarlem van Jacobvan Ruisdael. „Het onweer, de duinen, het water. Met sommige schilderijen krijg je een band. Het is voor mij zo’n luxe dat ik dat weer kan zien.”

Prikkelarme uren zijn voor wie een lage prikkeltolerantie heeft. Dit kunnen mensen met autisme of hersenletsel zijn, of een angststoornis, depressie, burn-out of long covid, vertelt Iris van Heesch, directeur van Stichting Onbeperkt Genieten. De stichting begeleidt, in samenwerking met de Hersenstichting, musea bij de organisatie van prikkelarme activiteiten. Want hoe kan een collectie zo prikkelarm mogelijk gepresenteerd worden? Hoeveel mensen kunnen er tegelijk in een ruimte en hoe leer je museumpersoneel omgaan met prikkelgevoelige bezoekers? „Het ingewikkelde aan overprikkeling is dat het onzichtbaar is voor de buitenwereld. Daarbij is het voor iedereen anders. De een is gevoelig voor licht, de ander juist voor geluid.”

Piepjes en bliepjes

Soms zijn mensen zo gevoelig voor prikkels dat dagelijkse activiteiten niet meer mogelijk zijn, laat staan een museum bezoeken. Terwijl juist dát zo belangrijk kan zijn, zegt Van Heesch. „Op een mooie voorstelling of tentoonstelling kun je weken teren. Zeker als je ziek bent en niet veel meer kan en meemaakt. Kunst en cultuur maken je misschien niet beter, maar het leven wordt er wel weer iets lichter door.”

Dat geldt ook voor Menno Hoekstra (31) uit Utrecht, die met zijn vader is gekomen. „Nu ben ik vooral moe, maar morgen kan ik op de avond terugkijken en blij zijn dat ik het heb meegemaakt.” Door long covid is zijn leven compleet veranderd, vertelt hij. Alles kost bergen vol energie, waardoor hij moeite heeft zich te focussen. „Maar dat ik hier vanavond ben, geeft me moed. Het is fijn om iets te kunnen doen wat ik wél kan. Het voelt weer even als normaal.”

Het Rijksmuseum is niet het enige museum in Nederland die prikkelarme bezoekuren aanbiedt. Inmiddels werken elf musea met Stichting Onbeperkt Genieten samen. Vooral dit jaar zijn er veel nieuwe musea bijgekomen. Zoals het Stedelijk Museum Amsterdam. „Voor het eerst een prikkelarme openstelling organiseren bleek moeilijker dan gedacht”, zegt Emma Harjadi Herman, hoofd educatie en inclusie. „Ons museum prikkelarm maken voelt alsof je een enorm containerschip tot stilstand moet brengen. Een schilderij uit de zeventiende eeuw beweegt niet en maakt geen geluid, maar hedendaagse installatiekunst doet dat soms wél.”

Voor een prikkelarme openstelling kan daarom het geluid of beeld van een werk worden uitgezet. „Soms hoorden we toch nog net op tijd ergens een kunstwerk zoomen of bliepen. Dan was de enige oplossing er rigoureus de stekker uit te trekken.” De kunst is om zoveel mogelijk prikkels te verwijderen, zodat de belangrijkste prikkels, de kunstwerken, overblijven, zegt Harjadi Herman. „Hoe meer ruis we weten te verwijderen, hoe groter de kans dat ook iemand met overprikkeling kan genieten van een knalblauw Barnett Newman-schilderij.”

Ook Singer Laren heeft sinds dit jaar prikkelarme bezoekuren. Soms moet het nog zoeken naar de minst mogelijke prikkels; tijdens een rondleiding liet een jongen met autisme weten dat een schilderij van de modernistische schilder Leo Gestel „veel te kleurrijk en te abstract is om te kunnen verwerken”, vertelt inclusiemedewerker Sophie Valkenier. In het Natuurhistorisch Museum Rotterdam blijkt vooral de geur in het museum een hardnekkige bron van prikkels. „Aan de sterke lucht van bijvoorbeeld het skelet van olifant Ramon kunnen we niks doen, maar we kunnen wél mensen erop voorbereiden”, zegt Glenneth Sarkam, kwartiermaker diversiteit en inclusie. Dankzij een prikkelplattegrond (groen voor prikkelarm, geel voor gemiddelde prikkels, rood voor prikkelrijk) kunnen bezoekers zelf beslissen of ze ergens naar binnen gaan of niet.

Vuurwerk

Dat prikkelarme openstellingen organiseren maatwerk is, blijkt ook in het Rijksmuseum in Amsterdam, als een man bij manager toegankelijkheid Denekamp komt klagen over de harde stem in de lift die de verdiepingen omroept. „Dat is voor de slechtziende bezoekers”, legt ze uit. „Maar misschien moet ik toch uitzoeken of ik dat tijdens prikkelarme bezoekuren uit kan zetten.”

Voor Fleur van der Schuit (43) uit Heemstede is de „oorverdovende” stilte in het museum juist een trigger. „Ik heb autisme en maak zelf altijd veel geluid. Hier word ik ongemakkelijk van. Het geluid van de luchtzuiveringsinstallatie is bovendien een echte ‘autistenkiller’. Het werkt me op mijn zenuwen.” Maar aan het eind van de avond overheerst bij haar de blijdschap. „Ik kon bij elk schilderij zo lang stilstaan als ik wou, zonder me opgejaagd te voelen. Dat is echt een groot cadeau.”

Dan moeten de bezoekers weer naar buiten, waar je vuurwerk hoort afgaan en een groep jongens gillend langs het museum rent. „Ik ben nog niet klaar. Drie uur was nog lang niet lang genoeg”, zegt een man terwijl hij naar de uitgang loopt. „Of juist precies goed”, zegt zijn vrouw, de prikkelgevoelige van de twee. „Het was fantastisch, maar ik ben bekaf.”