Reportage

In de laagste polder van Nederland is te zien waarom het waterpeil niet meer kan worden verlaagd

Waterstand Hoewel op verschillende plekken in Nederland de bodem zakt, wordt het waterpeil voortaan niet meer mee verlaagd. „We lopen steeds vaker tegen de grenzen aan.”

Het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimperwaard heeft beslist om het waterpeil in de Zuidplaspolder hoog te houden om bodemdaling tegen te gaan.
Het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimperwaard heeft beslist om het waterpeil in de Zuidplaspolder hoog te houden om bodemdaling tegen te gaan. Foto's: Walter Herfst

Ruim zes meter onder zeeniveau staan we, op de vloer van een gemaal dat de diepste polder van Nederland droog houdt. Dit is de Zuidplaspolder. Over een deel van dit gebied hebben de waterbeheerders deze week een opmerkelijk besluit genomen: hoewel de veenbodem jaarlijks zakt, zal het waterpeil voortaan niet meer met deze daling mee zakken. „We zijn, als we op dezelfde manier doorgaan, aan het einde gekomen van de maakbaarheid van Nederland”, zegt Toon van der Klugt, als dijkgraaf de hoogste baas van het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard.

Het waterpeil aanpassen kan niet meer, zegt dijkgraaf Toon van der Klugt van het Hoogheemraadschap van Schieland en Krimpenerwaard.

De bodem is in een deel van de Zuidplaspolder zo zeer gedaald, dat er zilt grondwater opborrelt en de sloten vervuilt die daardoor oranje kleuren, door oxiderend ijzer. Gezellig voor voetbalfans dezer dagen, maar alleszins onwenselijk. Van der Klugt: „We hebben in de vorige eeuwen het waterpeil steeds aangepast aan de bodemdaling, zodat dezelfde landbouw mogelijk bleef. Maar dat proces is eindig. We zeggen nu op tijd: we kunnen het waterpeil niet meer verlagen, hou daar rekening mee.”

Regeringsbeleid

De maatregel is deze week unaniem, dus ook met instemming van de vertegenwoordigers van de boeren, genomen door het algemeen bestuur van het Rotterdamse Hoogheemraadschap. „Dat is bijzonder”, zegt de dijkgraaf. „Iedereen ziet in dat aanpassen van het waterpeil niet langer kan. Wel is aangedrongen om met gemeente en provincie nu sneller tot een goed toekomstperspectief te komen.”

Het besluit is een tamelijk ideale illustratie van het nut en noodzaak van het beleid dat het kabinet vorige week bekendmaakte, waarin water en bodem voortaan „sturend” zullen zijn bij de ruimtelijke inrichting van het land. „Het vertrouwen in de maakbaarheid van ons landschap is groot. Maar inmiddels lopen we steeds vaker tegen de grenzen van het water- en bodemsysteem aan”, schreef minister Mark Harbers (Waterstaat, VVD) in een Kamerbrief. „Bodemdaling en lage waterstanden zorgen voor veel schade aan funderingen van gebouwen en extra onderhoud aan wegen en spoorwegen. Voldoende goed drinkwater is niet langer vanzelfsprekend. Het voortbestaan van planten- en diersoorten staat onder druk.”

Enkele maatregelen die het kabinet voorstaat: er moet niet meer worden gebouwd in gebieden die nodig zijn voor het bergen en afvoeren van water, zoals uiterwaarden en de diepste delen van diepe polders; en Nederland moet streven naar een hoger grondwaterpeil, want dat zorgt voor voldoende water als het een tijd niet regent, remt de daling van veenbodems en vermindert de uitstoot van broeikasgassen.

Water in de Zuidplaspolder is gekleurd door vervuiling van zilt grondwater.
Foto’s: Walter Herfst
Water in de Zuidplaspolder is gekleurd door bodemdaling en vervuiling van zilt grondwater.
Foto’s: Walter Herfst

In een deel van de bijna tweehonderd jaar geleden drooggemaakte Zuidplaspolder, tussen Rotterdam, Zoetermeer en Gouda, is te zien dat zulke beleidsvoornemens geen toekomstmuziek zijn, maar nu al bittere noodzaak. Dit is het eerste gebied, voor zover bekend, waarin het „knikpunt” is bereikt. Het Restveen, een gedeelte van de polder tussen Moordrecht en Nieuwerkerk aan den IJssel van bijna vierhonderd hectare, bestaat uit veen dat elk jaar weer verder uitdroogt en feitelijk verbrandt en krimpt. Daardoor is de steeds lichtere bodem niet meer bestand tegen de opwaartse druk van het grondwater. De bodem barst open en grondwater van slechte kwaliteit brengt schade toe aan boerenland, natuur en bewoonde leefomgeving. Dat effect is hier op het laagste gedeelte van Nederland bovendien extra groot. Ook elders in de polder dreigt de bodem zonder maatregelen te barsten. „Aan alle kanten loop je dan vast”, zegt Van der Klugt.

Lees ook: Het grondwater gaat omhoog, stikstof omlaag

Naast de schade door water van slechte kwaliteit is er ook kans op verzakkingen elders. „Er loopt hier een spoorlijn. Als die begint te verzakken, praat je over een miljoenenschade. De NS heeft daar al voor gewaarschuwd.” Ook andere gebruikers zoals huiseigenaren zouden in het geweer kunnen komen. Het nut van stoppen met de neerwaartse waterpeilverlaging was twintig jaar geleden al bekend, toen de provincie Zuid-Holland plannen had om van het Restveen een stuk ‘natte natuur’ te maken en daarmee de bodemdaling tegen te gaan. De plannen gingen echter niet door toen het Rijk plotseling de geldkraan dichtdraaide. In de jaren erna werd het peil ‘voorlopig’ niet verlaagd. Vanaf nu is eindelijk duidelijk dat een peilverlaging er ook niet meer zal komen. Van der Klugt: „De baten wegen niet meer op tegen de kosten. De tijd van pappen en nathouden is voorbij. Het huidig waterpeil is het uitgangspunt voor iedereen.”

Alternatieven

De consequenties van het besluit zullen vooral een beperkt aantal boeren en een enkele paardenhouder voelen. Het weiden van vee en het oogsten van gras, nu ook al een tour de force in het vrij natte gebied, zal steeds minder goed mogelijk zijn. „De boeren begrijpen dat ook wel. Maar dit besluit is ook een signaal aan de provincie en de gemeente om in gesprek te gaan met de gebruikers over alternatieven.” Je zou de komende tien of twintig jaar nog met lichtere machines over het boerenland kunnen rijden, en later andere gewassen telen of zonneparken bouwen. Bijvoorbeeld. Of alsnog natte natuur aanleggen. „Dat zou kunnen.” Of de rest van Nederland nu ook zal volgen? „Dat weten we niet. Elk gebied is weer anders. We doen het met verstand.”