Necrologie

Kunstenaar Ashley Bickerton was ‘een van de grootste debunkers van exotisme’

Ashley Bickerton (1959 - 2022), kunstenaar Bekend werd Ashley Bickerton toen hij in de jaren tachtig met Jeff Koons kunst en consumentisme opnieuw onderwerp van kunst maakte. Minstens even geestig is hoe hij Gauguins Tahitiaanse vrouwen omvormde tot blauwe aliens.

Ashley Bickertons werk, Wahine Pa’ina op Art Basel in Hong Kong, 2016.
Ashley Bickertons werk, Wahine Pa’ina op Art Basel in Hong Kong, 2016. Foto Alex Hofford/ EPA

In de categorie ‘zelfportret met gevoel voor zelfspot’ gooit die van de Amerikaanse kunstenaar Ashley Bickerton hoge ogen. Tormented Self-Portraits noemde hij de installaties aan de muur. Eentje die in de vaste collectie van MoMa in New York zit, toont een soort kist op een muur met de woorden selfportrait en season 87/88 waartussen allemaal reclamelogo’s als Nike, Renault, Marlboro en Citybank zijn geplakt.

Het is een geestig zelfportret voor de kunstenaar die zich in de jaren tachtig in New York aansloot bij de Neo-Geo-group, waar ook de kunstenaars Jeff Koons en Peter Halley zich aan verbonden. Vanuit het idee van mediamanipulatiekunst vermengden ze kunststromingen van weleer met commercialisering, consumentisme en mechanisering, een soort Andy Warhol next level. De maker van dit ironische zelfportret overleed woensdag. Hij leed aan ALS.

Alien op Bali

Ashley Bickerton (Barbados, 1959) woonde als kind met zijn ouders in veel verschillende landen, totdat het gezin zich in 1972 vestigde op Hawaï en de Bickertons Amerikaans staatsburger werden. Opgegroeid op zo veel verschillende plekken waren zijn zelfportretten waarin het gaat om de vorming van identiteit door consumentisme en de plek waar je bent een logisch gevolg.

Net zoals op de zelfportretten mengde Bickerton in zijn werk materialen en technieken: schilderen was wat hem betreft te cartoonesk, fotografie te klinisch en beeldhouwkunst te verwaand, legde hij in interviews uit. Alleen tussen die drie kon hij zijn comfortzone vinden. Dat was ook de reden waarom hij terugviel op gevonden en gebruiksmaterialen. Zelfs kokosnoten vonden hun weg in de werken die hij op Bali maakte, waar hij was gaan wonen in 1993. Zijn leven daar beïnvloedde een nieuwe thematiek: in kleurrijke stijl uitte hij kritiek op de westerse blik op niet-westerse cultuur.

De blauwe man werd een typetje waarbij hij zichzelf als model gebruikte. In een Picasso-streepjesshirt staat hij als vakantieganger in een wereld die hard lacht om de weergave van Gauguins Tahitiaanse vrouwen, het product van westerse exotisering van het Zuiden bij uitstek. Bickerton had zijn buik vol van dergelijk escapisme en kwam dus met de ‘blauwe man’, een alien die de komische manifestatie van de klassieke 20ste-eeuwse anti-held is. Dit blauwe clichémannetje zit met zijn vooroordelen opeens in de 21ste eeuw, duidde hij het werk zelf. Zijn galerie Gajak in Jakarta noemt de blauwe man, vergezeld door zilveren nimfen, „postmoderne ironie”.

Parodie op iconografie

Ironie, parodie: het zijn de woorden die het best passen bij Bickerton, al zit er ook duidelijk maatschappijkritiek in zijn werk. In zijn late werk, als hij in Los Angeles woont, komt hij met oceaanschilderijen waar plastic de basis is voor nieuw ontstane beesten, Flotsam Painting: Green Sky. De ironie is eruit, maar het engagement is er nog.

De blauwe man, de zilveren nymfen: het zijn parodieën op het iconografie, stelde schrijver en bewonderaar Paul Theroux in een schitterend portret van Bickerton in 2017, om de kunstenaar in één zin samen te vatten: „een van de grootste debunkers van exotisme”. Bickerton is 63 jaar geworden.