Overheid hoeft energieleveranciers niet te compenseren voor sluiting kolencentrales

Uitspraak Twee energieleveranciers klaagden de staat aan omdat die hen dwingt om in 2030 vroegtijdig de deuren van twee steenkoolcentrales te sluiten.
Kolencentrale op de Maasvlakte in Rotterdam.
Kolencentrale op de Maasvlakte in Rotterdam. Foto Camiel Mudde/ANP/Hollandse Hoogte

De Nederlandse staat hoeft geen compensatie te betalen aan energieleveranciers RWE en Uniper. Dat heeft de rechtbank Den Haag woensdag besloten. De twee energieleveranciers klaagden de staat aan omdat die hen dwingt in 2030 vroegtijdig de deuren van twee steenkoolcentrales te sluiten.

Kabinet Rutte III besloot in 2017 dat, om de klimaatdoelen te halen, de centrales van het Duitse Uniper op de Maasvlakte en die van RWE in het Groningse Eemshaven vroegtijdig de deuren moesten sluiten. De steenkoolcentrales waren één en twee jaar daarvoor geopend, en zouden nog tientallen jaren kunnen draaien. Uniper zei eerder een miljard euro schade op te lopen en RWE eiste 1,4 miljard euro van de staat door de gedwongen sluiting.

Compensatie voor die toekomstige verliezen is niet nodig, oordeelt de rechtbank. De vroegtijdige sluiting maakt „weliswaar inbreuk” op het eigendomsrecht, maar die inbreuk is niet onrechtmatig volgens de rechter omdat de maatregel proportioneel is en de belangen van de eigenaren voldoende zijn meegewogen. Bovendien konden de bedrijven voorzien dat de steenkoolcentrales gesloten zouden worden als ze niet voor 2020 de uitstoot sterk zouden terugdringen, zo staat in de uitspraak.

De kolencentrales zijn op verzoek van voormalig kabinetten-Balkenende gebouwd om afhankelijkheid van Russisch gas te doen afnemen.