Matthias (Marin Grigore) met zijn zoontje Rudi (Mark Edward Blenyesi), in ‘R.M.N.’.

Interview

Regisseur Cristian Mungiu: ‘Populisme is een pervers bij-effect van democratie’

Cristian Mungiu | Regisseur In zijn film ‘R.M.N.’ komen de verhoudingen in een dorp in Transsylvanië op scherp te staan als er arbeidsmigranten komen.

In R.M.N. van de Roemeense regisseur Cristian Mungiu komen de etnische verhoudingen tussen de inwoners van een stadje in Transsylvanië op scherp te staan. Die verhoudingen zijn al complex, omdat het grootste deel van de bevolking behoort tot de minderheid van Hongaarse origine. De vooroordelen tegenover Roma zijn enorm. Als een lokale broodfabrikant vanwege nijpend personeelsgebrek besluit een groep arbeidsmigranten uit Sri Lanka over te laten komen, breekt een opstand uit.

Mungiu is beroemd om zijn complexe sociaal-realistische drama’s, zoals 4 Maanden, 3 Weken en 2 Dagen. Daarmee won hij in 2007 de Gouden Palm van het filmfestival van Cannes. R.M.N. gaat voort op dezelfde weg. In eenvoudige vertellingen met duidelijk verdeeld goed en kwaad is Mungiu niet geïnteresseerd. „Als ik aan een nieuwe film begin, vraag ik me altijd af hoe ik het verhaal anders kan vertellen dan gebruikelijk is”, vertelt hij in mei tijdens het festival van Cannes. „We zijn eraan gewend om personages in de loop van een film te zien veranderen. Maar in werkelijkheid is het ongelooflijk moeilijk voor mensen om echt te veranderen. Ik hou meer van personages die hun eigen motieven niet goed doorzien, die soms goede intenties hebben en soms slechte, die in verwarring zijn over hun situatie.”

R.M.N. is gebaseerd op een waargebeurd voorval, waarbij een grotendeels Hongaars sprekend dorp in Transsylvanië zich verzette tegen de komst van arbeidsmigranten. Het is voor mensen heel eenvoudig om situaties die logisch gezien hetzelfde zijn toch niet als hetzelfde te benaderen, observeert Mungiu. „De dorpsbewoners in de film zijn zelf onderdeel van een minderheid, ze willen niet dat ze daarom achtergesteld worden. Tegelijkertijd hebben ze er geen problemen mee als andere minderheden worden gediscrimineerd. Je zou verwachten dat mensen die zelf behoren tot een minderheid andere minderheden beter behandelen. Maar dat was duidelijk niet het geval. Hoe kan dat? Met die vraag begon ik aan deze film.”

Mungius conclusies stemmen niet per se vrolijk. De meeste mensen laten zich volgens hem leiden door egoïsme. „Egocentrisme is een primair mechanisme om te overleven. Onder vredige omstandigheden zien we dat niet van elkaar. Maar als er nu brand zou uitbreken, zou ik als eerste bij de uitgang staan. Bij gevaar of vermeend gevaar nemen de overlevingsmechanismen ons gedrag over. De film gaat over al onze conflicterende impulsen, die uiteenlopen van empathie tot dierlijke overlevingsdrang.”

Mungiu begon zijn loopbaan ooit als journalist. Nog altijd heeft hij een sterke voorkeur voor verhalen die zijn gebaseerd op de werkelijkheid. „Mijn films spelen zich vrijwel altijd af in het heden, omdat mijn films gebaseerd zijn op mijn observaties. Tegelijk hoop ik dat het verhaal ook een bredere en meer verstrekkende betekenis heeft.”

Informatiebombardement

Stereotypen, onzinnige aannames en vooroordelen hebben volgens Mungiu veel te maken met het bombardement van informatie waaraan mensen blootstaan. „Populisme is eigenlijk een pervers bij-effect van democratie. In een democratisch stelsel kun je mensen niet verbieden bepaalde opinies te uiten. Mensen worden in hun dagelijks leven volledig in beslag genomen door hun werk en hun familie. Tegelijkertijd staan ze bloot aan populistische boodschappen van demagogische politici.

„We verwachten van burgers in een democratie dat ze in staat zijn om zelf een opinie te vormen op basis van eigen onderzoek. Maar hoe realistisch is dat? Hebben we ervoor gezorgd dat alle mensen voldoende inkomen hebben en voldoende onderwijs hebben kunnen volgen, zodat ze ook echt in staat zijn om onafhankelijk een mening te vormen? Dat is lang niet altijd het geval.

Lees hier de recensie van ‘R.M.N.’

„We hebben onszelf te lang voorgespiegeld dat globalisering alleen maar goede dingen zou voortbrengen. Een aan de tekentafel uitgedacht model van een wereld werkt vooral goed in tijden van voorspoed. Maar in een crisis denken mensen allereerst aan zichzelf, aan hun eigen familie, aan hun eigen stam.

„De enige manier om mensen te overtuigen van het tegendeel is door een diepgravend gesprek met ze aan te gaan. De oplossing is niet om onwelgevallige opinies te verbieden. Mensen houden dan misschien vaker hun mond, hun manier van denken zal niet veranderen. Dan zou je weleens voor onaangename verrassingen kunnen komen te staan. De enige uitweg is naar mensen luisteren. Al onze prachtige modellen moeten steeds worden getoetst aan de realiteit.”