Parasiet maakt wolf dappere leider

Biologie Een eencellige parasiet beïnvloedt het gedrag van wolven in Yellowstone-park. Ze komen daardoor dichter bij poema’s.

Een grijze wolf in het Amerikaanse park Yellowstone.
Een grijze wolf in het Amerikaanse park Yellowstone. Foto ANP / KINA

Wolven in het Amerikaanse park Yellowstone zijn verwikkeld in een driehoeksrelatie met poema’s en een parasiet die beide soorten besmet. De parasiet, Toxoplasma gondii, lijkt het gedrag van de wolven te veranderen waardoor zij vrijpostiger worden richting poema’s – en daardoor eerder poema’s zullen besmetten. Dat stond eind vorige week in het Nature-tijdschrift Communications Biology.

T. gondii is een eencellige parasiet die allerlei zoogdieren kan besmetten, met katachtigen als voornaamste gastheer. Ook mensen kunnen ermee besmet raken. Als zij er ziek van worden – met onder meer vermoeidheid als symptoom – dan spreken we van toxoplasmose. Mensen krijgen de parasiet veelal binnen via uitwerpselen van katten.

De wolven in Yellowstone raken besmet door het eten van poemavlees of -uitwerpselen. Poema’s zijn in het park hun concurrenten én vijanden. Alleen de dapperste wolven zoeken actief poematerritoria op. Het Amerikaanse onderzoek suggereert nu dat dit geen toeval is: er is sprake van een zichzelf versterkend proces. Het zijn die dapperste wolven die het grootste risico lopen op besmetting – en het is de besmetting die ze dapperder maakt.

Dit laatste effect bleek al uit eerdere studies, onder meer experimenten met muizen. Die werden zorgelozer richting katten na besmetting door T. gondii, aldus onder meer een artikel in PLoS One in 2013. Zo lopen ze een groter risico te worden opgegeten door katten, waarna de parasiet zich in die katten weer kan voortplanten. Onderzoek bij hyena’s liet zien dat geïnfecteerde dieren minder angst vertonen voor leeuwen dan ongeïnfecteerde dieren. Dat stond in 2021 in Nature Communications. Ook daar lijkt de parasiet dus zijn tussengastheer te manipuleren, voor eigen gewin.

Groepsleider

Het onderzoek in Yellowstone borduurt voort op deze hypothese. In het nationale park, dat zo groot is als onze drie noordelijke provincies, volgden de onderzoekers gedurende 27 jaar in totaal 229 wolven. Dat deden ze onder meer met radiozenders, zichtwaarnemingen, bloed- en dna-onderzoek. Daardoor kennen ze precies de familiestructuur en verspreiding van vele generaties wolven in het park.

Ruwweg een op de drie wolven in Yellowstone draagt de parasiet met zich mee, zo stelden de onderzoekers vast. Geïnfecteerde en niet-geïnfecteerde dieren bleken zich anders te gedragen. Geïnfecteerde dieren hadden elf keer zoveel kans om hun geboortegroep te verlaten, op zoek naar een nieuwe groep. Hun kans om groepsleider te worden, was zelfs 44 keer hoger.

Maar wat is nu oorzaak en gevolg? Verandert de parasiet het wolvengedrag, of lopen de brutalere dieren simpelweg meer risico op infectie? Allebei, volgens de Amerikaanse onderzoekers. Er is sprake van een complex samenspel van effecten die elkaar beïnvloeden. Die conclusie trekken ze op basis van eerder onderzoek – niet alleen de assertiviteitsstudies bij knaagdieren en hyena’s, maar ook studies die laten zien dat geïnfecteerde dieren meer stoffen aanmaken zoals dopamine en testosteron. Die bevorderen agressief en risicovol gedrag en verminderen de angst voor het onbekende.

„Dit is echt een smul-artikel voor ecologen”, reageert Hugh Jansman van Wageningen Environmental Research, die wolven in Nederland onderzoekt. „Het illustreert heel mooi hoe alles in de natuur met elkaar samenhangt. Dat gedragsaspect is mateloos fascinerend. Zoiets ontdek je alleen als je een heel ecosysteem decennialang in de gaten houdt.”

Loslopende zwerfkatten

Bij de Nederlandse wolven is toxoplasmose nog niet vastgesteld, laat het Dutch Wildlife Health Centre van de Universiteit Utrecht desgevraagd weten – maar er zijn hier ook nog maar weinig dode wolven onderzocht. „Hoe dan ook denk ik dat ook bij ons de assertiviteit van wolven een belangrijke factor is”, zegt Jansman. „Het zijn juist de minder schuwe dieren die hier naartoe komen vanuit Duitsland en die zich hier weten te handhaven, in ons antropogene landschap. Dat geeft dus een selectie van assertieve dieren.”

Daarbij kan T. gondii ook in Nederland op termijn effect gaan hebben, denkt Jansman, met zoveel loslopende huis- en zwerfkatten die de parasiet verspreiden. „Deze studie onderstreept maar weer eens het belang van interacties tussen soorten”, zegt hij. „Alles blijkt met elkaar verbonden. Het zou dus goed zijn als we dat ook hier langdurig en goed in de gaten houden.”