Analyse

Met een overmacht aan politie hoopt de Chinese overheid de protesten tegen de coronamaatregelen snel te doven

Demonstraties Een dag na de protesten tegen het Chinese anti-covidbeleid is het vooral oorverdovend stil. De overheid hoopt met massale politie-inzet nieuwe demonstraties te voorkomen.

Een man loopt een dag na de protesten van zondag door een verlaten zakendistrict van Beijing.
Een man loopt een dag na de protesten van zondag door een verlaten zakendistrict van Beijing. Foto Andy Wong/AP

Het is stil en donker langs de Liangma-rivier in het centrum van Beijing. In de nacht van zondag op maandag kwamen daar nog honderden demonstranten urenlang bijeen om te protesteren tegen het strenge anti-covidbeleid van de Chinese president Xi Jinping. Heel bijzonder, want demonstraties in China zijn zeldzaam.

Maar dat was toen, dit is nu. Alle verlichting is uit: dat maakt het wel erg lastig om opnieuw langs de rivier te demonstreren. Weg is de feeërieke, steeds van kleur wisselende verlichting die het gebied langs het water normaal zo’n ansichtkaart-achtige schoonheid geeft. Op de bruggen houdt een overmacht aan politie de boel bovendien voortdurend in de gaten.

Wintervakantie

Zijn de protesten die gisteren door heel China uitbraken dan na één dag alweer helemaal voorbij? Niet helemaal: in de Oost-Chinese stad Hangzhou verzamelde zich een groep mensen bij een winkelcentrum, maar ook daar was zeer veel politie aanwezig. Op Twitter circuleert een filmpje van een vrouw die krijsend wordt afgevoerd, op een ander filmpje zijn rijen agenten te zien die zich dreigend tussen en rondom de demonstranten hebben opgesteld.

Maar verder is het vooral oorverdovend stil. Misschien beraden demonstranten zich nu op nieuwe plekken en tactieken, misschien wordt er ook pas weer het volgend weekend gedemonstreerd. Misschien ook is het de overheid nu al gelukt om te zorgen dat niemand meer de straat op kan of durft. De nationalistische commentator Hu Xijin schrijft op Twitter dat „de regering genoeg dwingende capaciteit heeft” om nieuwe demonstraties tegen te gaan.

Of het argument van de buitenlandse infiltratie aanslaat, is nog maar de vraag

Misschien heeft hij gelijk. In Shanghai staan er blauwe schermen langs de weg waar gisteren werd gedemonstreerd: die maken het fysiek onmogelijk om die weg nu nog op te komen. Op sociale media staan ook beelden van politieagenten die mensen dwingen om foto’s van het protest in Shanghai te wissen op hun telefoon.

Chinese agenten dwingen een demonstrant een politieauto in te stappen tijdens een protest zondag in Shanghai. Foto AP

Studenten door het hele land zou geadviseerd zijn om alvast maar naar huis te gaan voor de lange wintervakantie rondom Chinees Nieuwjaar, die dit jaar op 22 januari valt. Anders, zo dreigen de autoriteiten, lopen ze de kans om onverhoopt in een lockdown terecht te komen.

Maar vooral is er de inzet van een overmacht aan politie. De overheid hoopt de protesten op deze manier snel te doven. Niet door al te veel gebruik van geweld of dwang, maar wel door het praktisch gezien onmogelijk, onaantrekkelijk of riskant te maken om opnieuw de straat op te gaan.

‘Het protest zit diep’

De demonstraties worden op dezelfde manier zwartgemaakt als de grootschalige demonstraties in Hongkong in 2019 en als het verzet in Taiwan tegen aansluiting bij China. In al die gevallen zou er sprake zijn van buitenlandse krachten die vanuit „ultieme motieven” proberen de stabiliteit in China te ondermijnen. Als je meedoet met de demonstraties, zo is de boodschap, dan werk je dus eigenlijk mee aan de ondermijning van je eigen vaderland.

In Shanghai werd een verslaggever van de BBC zonder pardon door de politie meegenomen en in elkaar geslagen. De woordvoerder van het Chinese ministerie van Buitenlandse zaken suggereerde dat dat zijn eigen schuld was: dan had hij maar zijn perskaart moeten tonen. Waarop de verslaggever in kwestie via sociale media liet weten dat hij daar ook nooit de kans voor heeft gehad: voordat hij iets kon zeggen of tonen was hij al in elkaar geslagen. Een andere uitleg van Chinese kant was zo mogelijk nog absurder: hij zou zijn meegenomen voor zijn eigen veiligheid, omdat hij anders corona op zou lopen.

De demonstraties worden op dezelfde manier zwartgemaakt als de grootschalige demonstraties in Hongkong in 2019. Er zou sprake zijn van „buitenlandse krachten” die proberen China te ondermijnen

Of het argument van de buitenlandse infiltratie ook deze keer zal aanslaan, is nog maar de vraag. Een medisch assistente in een ziekenhuis in Beijing gelooft dat niet zo. „Het protest zit ook diep in onze wijken zelf, en dat weet iedereen”, zegt ze. Ze vertelt het verhaal van een jonge vrouw met een baby die uit huis werd gehaald om naar de centrale opvang te gaan. „Daar is iedereen in de buurt verontwaardigd over”, weet de vrouw. De buren stelden voor om de vrouw gewoon thuis in quarantaine te laten gaan. „Toen dat dan niet mocht, was iedereen kwaad. En daar was toch echt geen buitenlander bij betrokken”, zegt ze. Haar naam geeft ze liever niet.

De frustratie over het in haar ogen zinloze en onwetenschappelijke zerocovidbeleid zit diep, ook bij haar zoon. Die verweet haar dat ze hem niet voor zijn opleiding naar Engeland had gestuurd. „Hij voelt dat hij hier op een doodlopende weg zit, en ik geef hem geen ongelijk”, zegt ze.

Parodieën

Hebben de demonstraties al tot compromissen van de overheid geleid? Misschien tot hele kleine. Zo verklaarde de stad Beijing maandag dat de toegang tot huizenblokken niet langer afgezet mag worden, want de brandweer en andere diensten moeten te allen tijde snel een gebouw binnen kunnen. Naar de brand in Ürümqi werd niet gerefereerd.

Lees ook: Vier vragen en antwoorden over de onhoudbare uitbraak van omikron in China

In het Zuid-Chinese Guangzhou, waar ook veel gevallen van corona zijn, worden sommige inwoners nu vrijgesteld van massale testen, zo meldt persbureau AP.

Een wake in Beijing voor de slachtoffers van de brand in Ürümqi. Afgelopen weekend was verrassend fel protest tegen de covidmaatregelen in China. Foto Thomas Peter/Reuters

Maar het zijn minieme aanpassingen, vooral bedoeld om de meest ongelukkige kantjes van het beleid af te schaven. Het gaat in de verste verte niet om het afzweren van het zerocovidbeleid. En dat maakt de mensen diep moedeloos. Die moedeloosheid en frustratie blijven, ook als de demonstraties noodgedwongen stoppen.

Maar er worden ook grappen gemaakt over de situatie. China zendt het WK voetbal in Qatar uit op de Chinese staatstelevisie CCTV, want China is een voetbalgek land. Daar kon iedereen aanvankelijk zien dat het hele publiek er uitzinnig juichte in een overvol stadium zonder dat er een mondkapje te zien was. De mensen vielen er duidelijk niet bij bosjes dood neer.

Lees ook: Zo demonstreren Chinezen, gewapend met lege vellen papier, tegen het beruchte zerocovidbeleid

Er verschenen al snel parodieën: bij alle spelers en het hele publiek waren er dan mondkapjes op hun gezichten gemonteerd. Niet grappig, vond CCTV. De zender vertoont inmiddels geen beelden meer van juichende massa’s in het stadion. In plaats daarvan ziet het Chinese publiek close-ups van scheidsrechters of van spelers op de spelersbank.

Een demonstrant in Shanghai laat een wit papier zien uit protest tegen de censuur in China. Foto Hector Retamal/AFP

Maar een oplossing is dat allemaal natuurlijk niet. Het blijft volkomen onduidelijk hoe president Xi Jinping dan wel uit de huidige corona-ellende wil komen. Het merendeel van de bevolking is allang niet meer bang voor de ziekte, wel voor alle maatregelen.

Er dreigt ook steeds meer armoede aan de onderkant van de maatschappij. Dat in Guangzhou en eerder in Tibet mensen uit hun quarantaine braken, was vooral omdat ze in financiële nood verkeerden. Het waren veelal dagloners die niet betaald krijgen als ze niet werken. Maar ze moeten wel gewoon huur en gas en licht blijven betalen.

De grote vraag is wanneer het moment aanbreekt dat Xi zich zijn stugge vasthoudendheid aan zerocovid niet meer kan veroorloven. Dat moment kan komen omdat hij het domweg niet meer kan betalen, of omdat de politieke risico’s eindelijk boven zijn persoonlijke trots zijn uitgegroeid.