Recensie

Recensie Theater

Van grappen over menstruatie tot geschiedenisles: Nina de la Parra zoekt naar toon en vorm in ‘Blood Bitches’

Cabaret In haar tweede cabaretprogramma wil Nina de la Parra van alles tegelijk: grappen maken, vertellen over de schoonheid van Suriname, de slavernij aankaarten en muziek maken. Dat levert mooie stukken op, maar het gebrek aan eenheid wreekt zich.

Nina de la Parra en saxofonist Sanne Landvreugd in de voorstelling ‘Blood Bitches’.
Nina de la Parra en saxofonist Sanne Landvreugd in de voorstelling ‘Blood Bitches’. Foto Annemieke van der Togt

Met haar debuut, Gods wegen, in 2019 denderde Nina de la Parra op daverende wijze de cabaretwereld binnen. Ze overweldigde de bezoeker met haar uitgesproken, felle toon en haar volstrekt eigen blik op seks, mannen en relaties, terwijl ze ook intrigerende verhalen over opgroeien in Suriname deelde. Ze kreeg er de Neerlands Hoop voor, de prijs voor grootste cabarettalent. Dit jaar verscheen een roman over haar zoektocht naar een geschikte man en over de manieren waarop vrouwen zich seksueel kunnen bevrijden, toepasselijk Make Women Come genoemd. Dat boek is even geestig, bruisend en springerig als haar cabaret.

Nu is er een tweede voorstelling, Blood Bitches, gemaakt met saxofoniste Sanne Landvreugd, en die roept de reflex op om het cliché ‘moeilijke tweede’ uit de mottenballen te halen. Want dat lijkt wel aan de hand. Blood Bitches is een samenraapsel van ideeën, sferen en toonsoorten. Het gaat van hardhandig naar fluisterzacht, van ernstig naar sarcastisch, van hak op de tak, zonder verbindend of onderliggend idee.

De opening is nog furieus en van een herkenbare kracht, die in elke lettergreep zegt: deze De la Parra zal jou eens wat vertellen. Dat doet ze, in een slimme uiteenrafeling van de hatelijke manieren waarop mannen verondersteld worden te kijken naar menstruatie. Ze zet het lekker dik aan, met geestige en grafische beschrijvingen van waar en hoe het bloed rondspat.

En passant maakt ze het punt dat programmeurs haar te grof vinden om haar te boeken en vergelijkt ze haar woordgebruik met hoe ongegeneerd mannelijke cabaretiers praten. Als die beschuldiging geen komisch bedoelde overdrijving is – haar speellijst is goed gevuld – dan zou dat bespottelijk zijn.

Lees ook het interview met Nina de la Parra: ‘Ik hoef geen pom te eten om te bewijzen dat ik Surinaams ben’

Zelfkastijding vrouwen

Daarna gaat het alle kanten op: een historische les over slavernij, afgerond met een uithaal naar gevoeligheid rond de terminologie in het slavernijdebat („Woorden doen er niet toe!”), een cynisch stuk over de onnodige zelfkastijding van vrouwen, een grappige, linguïstische verhandeling over het woord ‘kut’, een oprechte, maar niet eenduidige liefdesverklaring aan Suriname, waar ze zich ‘gedragen’ voelt, waarna ze afsluit met een lang, beschrijvend reisverhaal over de tocht naar een gewezen plantage.

De energie neemt gestadig af en ook de satire verdwijnt uiteindelijk geheel uit zicht en Landvreugd wordt bij vlagen halfslachtig in het verhaal betrokken. Tussendoor is er een vreemd losgezongen passage over de dood van haar broer, die ze alleen inzet om te vertellen dat zo veel mannen haar verlaten. Dat wordt wel grappig, maar het is een bizarre overgang. En in plaats van die absurde associatie uit te buiten, walst ze eroverheen en blijft het een los eindje.

Wat de samenhang in de voorstelling evenmin bevordert, is dat haar optreden veelvuldig wordt doorsneden door de muziek van Sanne Landvreugd. Landvreugd is een kwaliteit op zich: haar fluwelen saxofoonspel omarmt je als een donzen dekbed in een huis waar de verwarming niet aankan. Maar haar bijdragen staan veelal op zichzelf. De la Parra doet wel pogingen tot rappen en zingzeggen, op door Landvreugd gecomponeerde ritmes, maar daar ligt niet haar talent.

De filmische muziek van Landvreugd bij de opening en aan het slot suggereert een melancholiek kader, met verlangen naar rust en schoonheid. De la Parra spreekt zich ook uit over dat verlangen, in een mooie passage: over zich ontheemd voelen, verscheurd zijn tussen twee landen, die beide geen thuis bieden. Ook dat werkt ze niet uit, maar het is wel iets dat beklijft, dankzij die muziek.

Lees ook: Powerhouse Nina de la Parra knalt van het podium Theater Bekijk een overzicht van onze recensies over theater