Reportage

Wat gebeurt er achter de muren van het ‘aso-azc’ in Hoogeveen?

Hoogeveen Lastige asielzoekers moeten naar een ‘aso-azc’, besloot de Kamer enkele jaren terug. Zo’n locatie kwam er. Het is de facto een gevangenis. En bij de kleinste overtreding „gaan de medewerkers los”.

In de handhavings- en toezichtslocatie (htl) in Hoogeveen kunnen maximaal vijftig asielzoekers terecht.
In de handhavings- en toezichtslocatie (htl) in Hoogeveen kunnen maximaal vijftig asielzoekers terecht. Foto Kees van de Veen
reportage

In de gang van de opvang in Hoogeveen staat een asielzoeker te wankelen op zijn benen. Een begeleider loopt op hem af en duwt hem nog eens, zo hard dat de asielzoeker „vier of vijf meter” door de gang „vliegt”.

Een nieuwe medewerker ziet het incident op de bewakingsbeelden. Collega’s vroegen hem te komen kijken. „Wij noemen hem de Griekse vlieger, kijk eens hoe dat komt”, hadden ze over de begeleider gezegd. De sfeer in de controlekamer is „lacherig”.

De nieuwe medewerker vraagt zich af waarom die hardhandigheid nodig is, zegt hij een paar weken later, in maart 2022, tegen integriteitsonderzoekers van het ministerie van Justitie en Veiligheid. De asielzoeker gedroeg zich volgens hem niet gewelddadig. De medewerker houdt het niet lang vol op de locatie. In zijn melding staat dat hij al na twintig dagen werken zichzelf „niet meer in de spiegel kan aankijken”.

192 aan elkaar gebouwde witte containers aan de rand van Hoogeveen vormen sinds 2020 het gebouw van de handhavings- en toezichtslocatie (htl). De plek is het onderkomen van asielzoekers die in een regulier azc voor overlast zorgden. Er kunnen maximaal vijftig mensen terecht. Ze verblijven er maximaal drie maanden achter elkaar, voor ze weer teruggaan. Volgens het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) wonen de asielzoekers er vrijwillig. Wie weg wil, hoeft alleen maar een document te ondertekenen, en wordt vervolgens afgezet bij een station in de buurt. Maar in dat document staat ook dat de asielzoeker bij het verlaten van de htl het recht op opvang in Nederland kwijtraakt. Wie weg wil, is dakloos. Veel asielzoekers blijven daarom noodgedwongen in de htl.

Lees ook: Inspectie: begeleiders zijn onnodig gewelddadig tegen overlastgevende asielzoekers

Buitenstaanders kwamen er afgelopen jaren nauwelijks binnen: geen advocaten, geen Vluchtelingenwerk. Het was de inspectie Justitie en Veiligheid dat in oktober concludeerde dat er misstanden in de htl plaatsvinden. De inspectie schreef in een brief dat asielzoekers er worden „uitgelachen en uitgescholden” door het personeel. Er wordt „met regelmaat te veel dwang toegepast”. Medewerkers gebruiken volgens de inspectie „disproportioneel veel geweld” door zélf te beginnen met „het toepassen van fysiek geweld en dwang”.

De bevindingen maakten weinig indruk. Staatssecretaris Eric van der Burg (Asiel en migratie, VVD) zei zich „niet in het beeld te herkennen”. Vanuit de politiek bleef het stil; er werd geen enkele Kamervraag gesteld. Ook het COA herkende zich niet in de bevindingen van de inspectie, die werden gepubliceerd in de week dat het COA bekendmaakte dat de htl nog voor zeker vijf jaar open blijft.

Wat gebeurt er achter de muren van de opvang?

Met een sleutel opent locatiemanager Klaas van der Veen het toegangshek. In oktober 2021 geeft hij op verzoek van NRC een rondleiding door de htl. Van der Veen wijst naar een brede berm in de schaduw van de betonnen muur. „Dit is de groenstrook.” Elke dag tussen twee en vier uur ’s middags mogen de asielzoekers er rondlopen, in de gaten gehouden door boa’s, uitgerust met handboeien en pepperspray. Een luchtplaats? „Nee, nee”, zegt Van der Veen. „Dat is een gevangenisterm.” Hij draait het hek achter zich op slot. „En het is hier géén gevangenis.”

In de gang van de htl lopen bewoners loom rond met dweilen en een stoffer-en-blik. „Ze moeten één á twee uur per dag werken”, zegt Van der Veen. Zo verdienen ze twee euro per dag. Als er geen werk meer is, verzint hij wel wat. „Dan mogen ze met een spray alle deurknoppen schoonmaken.” Van der Veen stopt bij de balie waar bewoners zich dagelijks moeten melden. „Een ritme is belangrijk.”

De bewoners zijn bijna allen man, ze komen uit allerlei landen – Syrië, Sierra Leone, Nigeria, Pakistan, Thailand, Oezbekistan. Allen veroorzaakten ze problemen op asielzoekerscentra. Ze vielen vrouwen lastig, of stichtten brand. Sommigen waren betrokken bij zware vechtpartijen.

„In de htl krijgt u de kans te laten zien wie u daadwerkelijk bent”

Blik bier

Vanaf de achterbank van de taxi die hem naar Hoogeveen brengt, ziet Ataklti (24) uit Eritrea een metershoge betonnen muur opdoemen. Zijn taxi rijdt naar binnen, achter hem sluiten de hekken. „Pas toen kreeg ik door”, zegt hij, „dat ik naar een gevangenis was gebracht”.

Ataklti wordt in juli 2021 in de htl geplaatst. De avond ervoor heeft hij ruzie gemaakt met beveiligers van het asielzoekerscentrum in Assen, waar hij woonde. Ze stonden om half 12 in zijn kamer waar hij, tegen de coronaregels in, met vrienden zat te drinken. „De beveiligers kwamen voor ons staan en zetten het felle licht aan.” Woedend gooide Ataklti zijn bier op de grond, zegt hij. Volgens het verslag van de beveiligers zwaaide hij daarna dronken met zijn vuisten in hun richting. De politie zag geen aanleiding om Ataklti mee te nemen naar het bureau. Maar voor het COA was het de reden hem de volgende ochtend naar de htl te sturen. In de motivering van het besluit staat dat Ataklti daar aan zichzelf moet gaan werken: „In de htl krijgt u de kans te laten zien wie u daadwerkelijk bent.”

In de htl is niets te doen, zegt Ataklti. „Iedereen hangt rond. Er is geen dagprogramma of school. Het is: eten, slapen, eten, slapen.” De verveling, zegt hij, wordt afgereageerd op medewerkers. En ook zij kunnen hun frustraties niet altijd onderdrukken. „Ze smijten het eten door het luik voor je neer. Bam, zonder je aan te kijken. Alsof je geen mens bent.” En bij de kleinste overtreding, zegt hij, „gaan de medewerkers los”.

‘Nekklem’

Meer bewoners beklagen zich de afgelopen twee jaar over personeel dat zich misdraagt. Zo komt er een melding binnen bij het gezondheidscentrum van de htl: een gewonde asielzoeker zegt mishandeld te zijn door bewakers. De arts doet niets met de melding. „Als arts geef je hem de zorg die hij nodig heeft, maar kun je niet beoordelen of dit waar is aangezien je er niet bij was”, zegt de dokter die anoniem wil blijven.

Ook een hulpverlener die van bewoners verhalen hoort over nekklemmen, doet daar niets mee. „Je bent er niet bij”, zegt hij. En de verhalen van de bewoners zijn „niet altijd even betrouwbaar.”

Er wordt pas actie ondernomen als een klokkenluider zich meldt: een gevangenisbewaarder die nog maar twintig dagen in de htl werkt. In die tijd maakt hij al acht incidenten mee waarbij het personeel volgens hem te ver gaat. In maart stapt hij naar het Bureau Integriteit van de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) voor een melding, die in bezit is van NRC. Daarin schetst hij een beeld van medewerkers die bewoners kleineren en gewelddadig bejegenen. Vier of vijf „alfamannetjes” zouden de anderen meetrekken in hun „manier van werken”. Zo wordt een minderjarige met buikpijn zonder eten naar bed gestuurd. En als hij een fles water wil brengen aan een afgezonderde jongen, verbiedt een collega hem dat urenlang. Op een ochtend ziet hij dat een medewerker zijn hond „van zestig kilo” („een bull mastiff of cane corso”) mee de eetzaal inneemt, waar het ontbijt wordt uitgedeeld. De bewoners stuiven uiteen en komen niet meer terug om te eten, verklaart de melder. Andere medewerkers doen er „lacherig” over.

De klokkenluider zegt tegen het Bureau Integriteit dat hij vreest dat er „op een gegeven moment” een asielzoeker is die „het niet meer pikt, en een collega aanvalt”.

Medewerkers zijn volgens hem onnodig geweldadig. Een minderjarige jongen die weigert te praten krijgt een klap op zijn achterhoofd, verklaart hij. „Kom op jongen, antwoord geven!” En hij ziet een „grote kerel” een „kleine minderjarige jongen” „met de vlakke hand” slaan omdat hij wordt uitgemaakt voor „racist”. De jongen begint zichzelf te snijden. „En vervolgens ligt die jongen plat op de grond met vijf kerels over zich heen. Bloedend!” De jongen krijgt een nekklem, stelt de klokkenluider.

Het COA laat de melding deze zomer onderzoeken, zonder daar ruchtbaarheid aan te geven. Volgens het COA blijkt uit dit onderzoek dat „de meeste meldingen” niet kunnen worden aangetoond. Zo zou de asielzoeker niet door de gang zijn „gevlogen”. Wel werd hij „meerdere malen weggeduwd”, aldus het COA, „waarbij de bewoner meerdere keren op de grond valt”. Hij zou agressief en onder invloed zijn geweest. Eén van de gemelde incidenten kon wel worden bewezen; het contract van een medewerker werd op basis daarvan beëindigd. Hoe hij zich heeft misdragen, zegt het COA niet. „Het is een intern onderzoek, en het blijft intern”, zegt manager Klaas van der Veen.

De inspectie van Justitie en Veiligheid heeft ook onderzoek gedaan naar aanleiding van de melding. Inspecteurs kwamen eind september onaangekondigd in de htl langs, interviewden medewerkers en bewoners en namen beelden van 35 incidenten mee. Hun bevindingen ondersteunen het verhaal van de klokkenluider dat het personeel te veel geweld gebruikt.

Htl-medewerkers missen „nuance” bij dat inspectie-oordeel. „Natuurlijk gaat het er hier weleens hard aan toe”, zegt een recent vertrokken medewerker. „Sommige van deze bewoners zijn onhandelbaar. Je moet de htl zien”, zegt hij, „als de afvoerput van het COA. In een acute situatie kun je niet altijd met zijden handschoentjes optreden. Doe je dat wel, dan moet je niet raar opkijken dat er een keer een medewerker overhoop wordt gestoken. Dus of er té hard wordt ingegrepen? Ik denk dat het soms niet anders kan.”

De inspectie heeft niet naar de context gekeken, zegt Klaas van der Veen. Zo tonen de camerabeelden een weglopende bewoner die door personeel wordt overmeesterd, zegt hij. „Als je dat terugkijkt, denk je: waarom zit je zo’n man überhaupt achterna?” Maar de asielzoeker had naar iemand gespuugd, zegt hij. „Ik begrijp wel dat het personeel daar op reageert.” Zo zou er volgens hem voor álle fysieke ingrepen een verklaring zijn. De inspectie bevroeg htl-medewerkers ook over een beeld van een minderjarige omringd door medewerkers, met een zak over zijn hoofd. Van der Veen: „Dat is een spuugmasker. Die bewoner bleef maar spugen.”

‘Aso-azc’

De htl was een plan van de VVD. In 2015 verschijnen berichten over intimidatie van christenen en lhbti’ers in asielzoekerscentra. VVD-Kamerlid Malik Azmani stelt in een motie dat „intolerante” asielzoekers die anderen „treiteren cq. bedreigen” niet altijd voldoende worden gestraft. Daarom moeten zij als sanctie naar een „aso-azc”, voor heropvoeding. Azmani’s voorstel haalt een meerderheid. In 2016 kondigt het kabinet de sobere opvangplekken aan: in Amsterdam en Hoogeveen. Ze heten dan nog de ‘ebtl’, waar een streng ‘dagprogramma’ geldt. Asielzoekers moeten opstaan op vaste tijden, samen ontbijten, met elkaar afruimen en afwassen.

Snel blijkt het plan nauwelijks uitvoerbaar. De ‘aso’s’ uit de motie van Azmani zijn – zo blijkt na plaatsing in de sobere opvang – asielzoekers met talloze problemen. Verslaving, depressies, psychoses, trauma’s. Sommigen waren kindsoldaat, anderen leefden jaren op straat. Ze kunnen zeer agressief zijn tegen het personeel. Via een vaste route mogen de bewoners een paar uur per dag Hoogeveen in. Ze stelen in het winkelcentrum, vechten in de kroeg. Ze keren dronken van gestolen drank terug op de opvang. „Die knapen verschenen niet aan het ontbijt”, zegt een betrokken ambtenaar. „Laat stáán dat ze kwamen opdagen voor het heropvoedingstraject.”

De gemeente Amsterdam stopt in 2019 met de opvang. En ook Hoogeveen twijfelt. „De overlast was te groot”, zegt Karel Loohuis (PvdA), al elf jaar burgemeester van Hoogeveen. Zijn boodschap aan Den Haag: „We werken alleen nog mee als de bewoners niet meer in de openbare ruimte komen”. Het hek op slot, „dat was onze harde eis.”

Onmogelijk, zeggen juristen van het ministerie van Justitie en Veiligheid en van de gemeente Hoogeveen. Het sluiten van de deuren zou de opvang tot een gevangenis maken. Zonder tussenkomst van een rechter mogen mensen niet worden opgesloten. Loohuis: „De juristen zeiden: je kunt er gif op innemen dat dit niet standhoudt bij de rechter”.

Maar intussen is Ankie Broekers-Knol (VVD) aangetreden als staatssecretaris van Asiel. Van de aanpak van overlastgevende asielzoekers maakt zij een speerpunt. Zij besluit, tegen adviezen van juristen in, dat de locatie in 2020 wordt afgesloten. Ook worden er gevangenispersoneel en boa’s geplaatst in de opvang, die vanaf dan de htl gaat heten.

Een moedig besluit, vindt burgemeester Loohuis nog steeds. „Soms moet je de randen van de wet opzoeken. Daar ben je politiek bestuurder voor.”

Broekers-Knol zal in Kamerbrieven en interviews nog vaak pronken met de htl. Het is volgens haar de beste aanpak voor „de grootste raddraaiers”. Ze gaat er vier keer op werkbezoek. „De mensen worden daar niet opgesloten, want dat kan niet”, zegt ze in 2021 bij WNL op Zondag. „Maar er is een héél streng regime en de ervaring leert dat de overlastgevers dat héél erg vervelend vinden”.

Naar de rechter

In de htl moet dus sprake zijn van een heel vervelend regime zónder dat het een gevangenis mag heten. Burgemeester Loohuis moet toegeven dat hij wel „spannend” vond toen de eerste asielzoekers naar de rechter stapten omdat zij naar hun mening zaten opgesloten. Geen sprake van, verweerde het COA zich in de rechtszaal: de htl is gewoon een sobere opvang. De rechtbank krijgt een rooskleurig beeld van de htl voorgespiegeld. Zo houdt locatiemanager Van der Veen de rechters voor dat bewoners gewoon naar buiten kunnen. Naar een park, waar ook inwoners van Hoogeveen komen. „Een prachtige groene omgeving waar je prima kunt recreëren”, zegt hij. Later blijkt dit de groenstrook te zijn, waar nog nooit een inwoner uit Hoogeveen is gesignaleerd omdat het groen is omheind met metershoge hekken.

De rechtbank oordeelt dat er „zeer sterke aanwijzingen” zijn dat de htl neerkomt op vrijheidsontneming: een gevangenis dus. Maar omdat je er, op papier, bij goed gedrag weer uit mag, is de htl volgens de rechtbank toch niet illegaal. Hoogleraar migratierecht aan de Vrije Universiteit Lieneke Slingenberg volgt die redenering niet. „Wat is goed gedrag? Waar moet je aan voldoen? Dat is niet duidelijk vastgelegd. Bewoners weten dus ook niet hoe ze eruit kunnen komen.” Dit maakt de htl nog ingrijpender dan detentie, zegt ze. „Je hebt geen waarborgen, bent nergens voor veroordeeld, maar zit wel opgesloten.”

Zo creëert de overheid zelf de omstandigheden voor ontsporingen die de inspectie signaleerde. De htl is een gevangenisregime zonder formeel een gevangenis te zijn. Daardoor ontbreekt het aan voorwaarden van een echte gevangenis, zoals extern toezicht en een handelingskader voor het personeel. Medewerkers treden er op als cipiers, terwijl ze formeel geen geweld mogen gebruiken. De htl is immers slechts een ‘opvang’, waar COA-medewerkers verantwoordelijk zijn voor asielzoekers, net als op elk ander asielzoekerscentrum. „Deze plek is opgezet zodat het overal buiten valt”, zegt een htl-medewerker die anoniem wil blijven. „Er gaan hier dingen vast niet volgens het boekje, maar dat komt omdat er geen boekje ís”.

Muurtje timmeren

Op de tweede verdieping van de htl is halverwege een gang een houten wand met een deur getimmerd. De ramen zijn dichtgeplakt met folie, de deur zit op slot. Een „ROV-kamer”, zegt Klaas van der Veen. „Reglement Onthoudingen Verstrekkingen.” Hier zitten bewoners die geweld gebruikten tegen medewerkers of medebewoners. Eerder werden zij buiten de opvang gezet, maar na een uitspraak van het Europees Hof in november 2019 mag dat niet meer. „Daarop heb ik deze kamers bedacht”, zegt Van der Veen. Hij loopt door de deur in de houten wand. „We brengen eten, zo aardig zijn we, maar ze mogen niet bij de groep.” Hij trekt een kamerdeur open, om de „sobere kamer” te laten zien. Op de grond zit een jongen met zwart haar onder een deken op een matras. In de verder lege kamer liggen broodzakken, soms met boterhammen erin, en appels. „Ah, hallo jongen”, zegt Van der Veen vriendelijk, terwijl hij de deur snel achter zich dichttrekt. „Ik wist niet dat hier iemand zat.” Vanmorgen was de jongen nog „heel erg boos”, zegt Van der Veen later. „Je ziet hier veel meer psychische problemen dan in de gevangenis.”

Het reglement van de htl schrijft voor dat asielzoekers die psychiatrische hulp nodig hebben er niet worden geplaatst. Toch gebeurt dat wel. In een rechtszaak kwam naar voren dat het COA een asielzoeker in de htl plaatste omdat er in een psychiatrische kliniek geen plek was. Volgens medewerkers die NRC sprak kampt zeker een derde van de bewoners met zware psychiatrische problemen.

Voor hen is de htl „niet de beste plek”, zegt Maaike Philippi, directeur behandeling bij de psychiatrische kliniek Veldzicht in Balkbrug, nabij Hoogeveen. „Die mensen hebben intensieve psychiatrische zorg nodig. Als het personeel niet getraind is om met hen om te gaan, kan dat juist agressie in de hand werken.”

„Er kunnen hier nog veel dingen beter”, zegt Klaas van der Veen na de inspectiebrief. Hij gaat zijn personeel opleiden in de omgang met trauma’s en verslavingen. Ook komen er een handelingskader, evaluaties en extern toezicht. Van der Veen blijft ontkennen dat personeel zich misdraagt. „Ik heb nog nóóit meegemaakt dat een medewerker een bewoner een schop geeft.” Als er geweld wordt gebruikt, is dat altijd gepast. „De stelregel is: als we geconfronteerd worden met agressie, dan brengen we iemand gecontroleerd naar de grond.”

Voor burgemeester Loohuis van Hoogeveen maakt het weinig uit. Die voelt zich „bestuurlijk niet verantwoordelijk” voor wat er achter de muren gebeurt. „Als een bewoner medewerkers bedreigt of aanvalt, kom je er niet met een goed gesprek of een kopje thee”, zegt hij. „Soms moet je er dan gewoon bovenop gaan zitten.” Hij is tevreden over de opvang. „Ik ben heel simpel met dat soort dingen”, zegt hij. „Als ik in de openbare ruimte geen overlast heb, vind ik het prima.”

Foto’s Kees van de Veen