Opinie

Deze psycholoog moet je kennen

Column

Ben Tiggelaar

Vraag vooraanstaande economen en psychologen als Richard Thaler en Daniel Kahneman hoe je gedrag verandert en ze antwoorden: via de omgeving. Zo is het veel effectiever om fruit en groente vooraan te leggen in de kantine, dan te preken over de voordelen van gezonde voeding. Ik denk dan altijd: daar heb je Skinner weer. Want dit is waar het werk van de beroemde psycholoog Burrhus Frederic Skinner (1904-1990) om draaide: al ons gedrag komt uiteindelijk voort uit onze fysieke en sociale omgeving.

Het gekke is dat maar weinig auteurs hem expliciet aanhalen. Zelfs als ze bijna letterlijk zijn ideeën opnieuw opschrijven. Opmerkelijke voorbeelden uit de laatste jaren: in bestsellers als The Power of Habit van Charles Duhigg en Nudge van Cass Sunstein en Richard Thaler wordt Skinner op een bijna opzichtige manier niet genoemd.

Ik maak me daar een beetje druk om. Vanaf mijn studietijd ben ik fan van Skinner en ik denk dat de wereld beter af zou zijn als we ons meer in zijn inzichten zouden verdiepen. Dat vinden psychologen Pier Prins en Arnold van Emmerik ook. Zij schreven het boek De ideale wereld van B.F. Skinner, dat ik in de herfstvakantie las. Een aanrader voor iedereen die interesse heeft in gedrag en actuele gedragsproblemen. Van klimaat tot verandering op het werk.

Volgens Skinner vormt de omgeving ons gedrag op drie manieren:

De omgeving heeft in de loop van duizenden jaren via natuurlijke selectie bepaald met welke genetische kenmerken je geboren wordt.Onze omgeving bepaalt tijdens ons leven welk gedrag wordt versterkt of verzwakt. We leren door ervaring, omdat sommige gedragingen die we proberen ‘werken’ en andere ‘niet werken’ in onze sociale en fysieke context. Skinner noemde dat onze leergeschiedenis.En onze directe omstandigheden bepalen vervolgens welk gedrag uit ons repertoire we hier en nu vertonen.

Prins en Van Emmerik schrijven ook uitgebreid over de misverstanden rond Skinner.

Veel mensen geloven dat Skinner een ‘black box’-behaviorist was zonder interesse in menselijke gevoelens en gedachten. Niet waar. Skinner zag ons innerlijke leven weliswaar niet als de uiteindelijke verklaring voor ons handelen, maar wel als relevant tussenstation op de weg naar gedrag.

Nog eentje. Skinner was toch een kille manipulator die mensen via straf en beloning in het gareel wilde dwingen? Niet waar. Skinner was juist een idealist die zich grote zorgen maakte over onze maatschappij en het milieu. En de oplossing voor onze problemen lag volgens hem niet in straffen of beperkingen, maar vooral in het aantrekkelijker en makkelijker maken van goed gedrag.

Waarom hebben en hadden veel mensen dan zo’n moeite met Skinner? Misschien komt het door zijn radicale standpunten over zaken die veel mensen als heilig beschouwen. Skinner stelde in 1971, in zijn boek Beyond freedom and dignity, dat een natuurwetenschappelijke, deterministische verklaring van ons gedrag betekent dat ideeën als ‘vrijheid’ en ‘waardigheid’ hooguit prettige illusies zijn. Een halve eeuw later zijn veel psychologen, neurologen en filosofen het daar inmiddels mee eens. Maar nog steeds zullen de meeste mensen dit een ongemakkelijk idee vinden.

Skinner zou het hen waarschijnlijk niet kwalijk hebben genomen. Tenslotte is ook de afwijzing of de aanvaarding van dit soort ideeën te verklaren vanuit de omgevingsinvloeden waaraan wij blootstaan.

Ben Tiggelaar schrijft wekelijks over persoonlijk leiderschap, werk en management.