Opinie

Al die jaren trouw aan het bedrijf, maar vandaag aan zichzelf. Daarom liep Patricia naar buiten

Column Rotterdam

Arjen van Veelen

Op een dinsdag in oktober loopt Patricia de winkel uit. Ze neemt de personeelsuitgang, die uitkomt op een binnenplaats naast een parkeergarage. Dan slaat ze de hoek om en loopt ze de Coolsingel op. Ze draagt een paars-groen sjaaltje dat mooi kleurt bij haar rode haar. De zon schijnt.

Patricia neemt bijna elke werkdag de bus vanuit haar woonplaats Ridderkerk naar Rotterdam, waar ze de metro pakt, een reis van een uur. Ze werkt als verkoopster op de derde etage van de Bijenkorf, meestal op de afdeling bed en bad. Ze kent de kussenslopen bijna beter dan die in haar eigen huis.

Om half twaalf heeft ze pauze. Dan eet ze meestal binnen haar lunch, maar vandaag liep ze naar buiten en nu staat ze in het volle licht van de winkelstraat. Even geen verkoopgesprekjes.

Naast een bouwput staat een tentje van de vakbond. Er is een handjevol collega’s. Er zijn broodjes. En er staan al wat handgeschilderde kartonnen borden klaar.

„Inflatie? Lonen omhoog!!!!”

„Ik red het niet meer!”

Patricia pakt ook een bord. Er staat een tekening op van een bij. Daarnaast: „Benko $ 4.8 b.” René Benko is haar baas. De Oostenrijkse miljardair is sinds vorig jaar een van de eigenaren van de Bijenkorf. Hij woont in een kasteel.

Zelfs bij de Primark verdien je meer, zegt men

Patricia verdient ongeveer 12 euro netto per uur. Dat was nooit hoog, maar een mens kon er van rond komen. Nu, met een inflatie van 17 procent, kan dat niet meer.

Soms staat Patricia bij schrijfwaren of reizen, dan verkoopt ze bijvoorbeeld een Mont Blanc-vulpen van 700 euro of een reiskoffer van 1.000 euro – bijna haar maandsalaris.

Ze heeft geluk: haar man verdient genoeg. Maar er zijn collega’s die het in hun eentje moeten rooien. Zoals Tineke, ze woont alleen in haar flat in IJsselmonde. Ze werkt al 45 jaar voor de Bijenkorf, ze is ook de winkel uitgelopen.

Een echte staking is het niet. De actie is in de pauze. Maar ook in eigen tijd voelt niet ieder zich vrij. Men weet zich hier bekeken.

Vanochtend, op de afdeling bed en bad, maakte Patricia een praatje met ondergetekende. Al gauw kwam er een manager aangelopen die zei dat het hier niet de bedoeling was, praten.

Sommige collega’s hebben bijna geen oog dicht gedaan van de zenuwen. Niet iedereen heeft een vast contract. Niet iedereen heeft het naamspeldje op.

En niet iedereen steunt de actie, uit vrees dat de Bijenkorf zelf ten onder zal gaan.

En toch. Eerst staan er drie op de Coolsingel. Dan tien. Uiteindelijk lopen er zeventig personeelsleden de winkel uit.

Patricia’s opa werkte voor de Bijenkorf, haar moeder ook en zelf werkt ze er al 34 jaar. Ze heeft artrose in de knie. Als ze vrij is, is ze moe. Zelfs bij de Primark verdien je meer, zegt men. Maar ze wil niet weg, hier ligt haar hart – ze wil wat hartjes terug.

Al die jaren trouw aan het bedrijf, vandaag aan zichzelf, daarom liep ze naar buiten.

Na een half uur loopt Patricia weer de winkel in. Niet over de marmeren vloer, niet door de parfumwolken van Dior en Chanel of langs de bling van Prada en Louis Vuitton, maar achterom, over de binnenplaats. Ze passeert wat collega’s die niet staken, die gauw een sigaretje doen voor ze de korf weer in gaan.

Op straat gaat de actie door, een trouwe klant zegt: „Als de medewerkers van de Bijenkorf staken, is er echt wat aan de hand in de samenleving.”

Er is aan de hand dat mensen werk doen dat niet klopt en dat ze het door krijgen.

Arjen van Veelen is schrijver en journalist