Topman ExxonMobil: ‘Jammer dat Groningenveld niet leeg geproduceerd wordt’

Filip Schittecatte in de Enquetezaal van de Tweede Kamer tijdens een openbaar verhoor van de parlementaire enquetecommissie aardgaswinning Groningen.
Filip Schittecatte in de Enquetezaal van de Tweede Kamer tijdens een openbaar verhoor van de parlementaire enquetecommissie aardgaswinning Groningen. Foto Ramon van Flymen/ANP

De parlementaire enquêtecommissie heette Filip Schittecatte, jarenlang commercieel directeur bij ExxonMobil in Nederland (2014 - 2019), woensdag extra welkom in Den Haag. Zijn baas Joost van Roost, president-directeur van Esso Nederland, weigerde eerder te verschijnen voor de commissie, omdat hij als Belgisch staatsburger niet verplicht is om op te komen dagen. Ook Schittecatte heeft de Belgische nationaliteit, maar besloot wel te komen.

ExxonMobil is samen met Shell eigenaar van de NAM, het bedrijf dat het Groninger gasveld exploiteert. Dat gasveld, het grootste van Europa, werd binnen ExxonMobil jarenlang als het „kroonjuweel” gezien van het bedrijf, zei Schittecatte.

En dan vooral vanwege de waarde van het veld, bleek uit het verhoor van Schittecatte. ExxonMobil hamerde continu op maximale productie van het veld. Ook toen duidelijk werd dat de gaswinning leidde tot aardbevingen in Groningen. Schittecatte: „Zolang er voor ons geen duidelijkheid was dat het echt acuut onveilig was, waren wij geneigd te denken dat het in belang was van alle aandeelhouders om te blijven streven naar waardemaximalisatie.”

Eenmaal heeft hij Groningen bezocht om te zien wat de gevolgen waren van de aardbevingen in de regio. „Als je de regio bezoekt zie je een aantal situaties waarvan men niet veel hulp nodig heeft om te bedenken: als dat mijn huis zou zijn, dan treft je dat.” Maar het beïnvloedde zijn werkzaamheden niet: „Met het risico dat ik koud overkom, maar mijn rol zat aan de commerciële kant.”

‘Persoonlijk niet heel blij’
Vanaf 2016 maakte Schittecatte onderdeel uit van de delegatie die onderhandelde namens de oliebedrijven met de Nederlandse staat over een nieuwe verdeling van de kosten en opbrengsten van het Groningenveld. Die onderhandelingen resulteerden in 2018 tot het zogenaamde ‘Akkoord op Hoofdlijnen’. Een resultaat waar Schittecatte „persoonlijk niet heel blij van wordt”. Volgens de ExxonMobil-topman kwam de Nederlandse Staat beter uit de onderhandelingen dan de oliebedrijven. Dat de bedrijven moesten afzien van een mogelijke claim op niet-gewonnen gas uit het veld, steekt hem het meest. „Ik vond het heel moeilijk die waarde verloren te zien gaan.”

Ook over de kosten van de versterking en de schade, die zijn ontstaan door de aardbevingen als gevolg van de gaswinning, staat ExxonMobil er strak in. „Wij maken ons voortdurend zorgen over de hoogte van kosten”, zei Schittecatte. Zijn bedrijf waakt ervoor dat de NAM, verantwoordelijk voor de kosten van de gevolgen van de gaswinning, meer uitgeeft in Groningen dan wat strikt noodzakelijk is. Een conflict waarvoor de NAM nu onafhankelijke arbitrage heeft aangevraagd, omdat het bedrijf er niet uitkomt met het ministerie van Economische Zaken.

Ook vindt Schittecatte het „heel jammer” dat het Groningenveld niet leeg geproduceerd wordt. „Het behoort tot de afspraak, maar het is jammer.” Helemaal gezien de huidige hoge gasprijzen, zei Schittecatte. „De waarde [van het gas] heeft vandaag de dag een volledig andere proportie gekregen.”

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: Topambtenaar Financiën: niet moeilijk doen over kosten schade en versterken