Analyse

Ook olie-aanvoer teruggeschroefd, op aandringen van Rusland

Olieproductie OPEC+ De olieproducerende landen van het kartel OPEC+ verlagen de productie, om de prijs van olie op te drijven.

Olieproductie in Tatarstan, Rusland.
Olieproductie in Tatarstan, Rusland. Foto Gleb Schelkunov/Kommersant/Polaris

Alsof het nog niet onrustig genoeg is aan het energiefront. Woensdag kondigde oliekartel OPEC+ een forse verlaging aan van zijn gezamenlijke productiequotum. Vanaf volgende maand gaat dat met 2 miljoen vaten per dag omlaag – de grootste reductie sinds de coronacrisis. Gas was door de Russische oorlog in Oekraïne al peperduur, doordat het Kremlin de toevoer afkneep. Nu wordt ook de olie-aanvoer teruggeschroefd. Mede op aandringen van Rusland, dat een belangrijke hand zou hebben gehad in de stap.

Op de internationale energiemarkten leidden geruchten over de productieverlaging de afgelopen dagen al tot nervositeit. Verschillende belangrijke olieprijzen (Brent, WTI) stegen bijna 10 procent – een breuk met ruim vier maanden van prijsdalingen daarvoor. Toen woensdag de olieministers van OPEC+ besloten tot hun maatregel, stegen de prijzen nog wat verder – al bleef een echte schok uit. Door achterstallige investeringen en gebrekkig onderhoud produceerden veel OPEC-landen de afgelopen tijd al onder hun huidige quota. Dat betekent dat ze zonder hun productie veel te verlagen al onder het nieuwe quotum kunnen blijven. Daardoor is ook de ‘aanbod-schok’ iets minder groot dan die in eerste instantie lijkt.

Maar kritiek was er hoe dan ook. Van onder andere de Verenigde Staten, zelf een van de grootste olieproducenten ter wereld maar geen lid van het kartel. President Biden kan hoge benzineprijzen slecht gebruiken in aanloop naar de midterm-verkiezingen volgende maand. Washington had voorafgaand dan ook druk op het verbond uitgeoefend om niet al te radicale besluiten te nemen. Na bekendmaking woensdag noemde Biden het besluit „kortzichtig”. Ook vanuit Europa klonk kritiek. Want het continent worstelt al genoeg met de gierende inflatie, die wordt aangejaagd door extreme energieprijzen.

Russische signatuur

Binnen het kartel bepaalt Saoedi-Arabië, met een productie van 12 miljoen vaten per dag verreweg het meest dominante lid, grotendeels de koers. Maar het was Rusland, eveneens een van de grootste olieproducenten ter wereld en ook een belangrijke stem binnen OPEC+, dat vooral zou hebben aangedrongen op de reductie. Voor Rusland staat er veel op het spel. Over twee maanden voert de EU een importverbod in voor Russische olie. Die olie zal vermoedelijk wel opgekocht worden door Aziatische landen, zoals China en India. Maar dan waarschijnlijk wel tegen fikse kortingen. Dan is het handig als de marktprijs alvast wat hoger ligt.

Juist woensdag besloten de G7 samen met de EU ook tot een andere oliesanctie die Rusland pijn gaat doen. In december komt er een limiet op de prijs waartegen Russische olie via EU-landen (zoals Malta, Cyprus en Griekenland) naar niet-EU-landen mag worden verscheept.

Daar komt nog bij dat Rusland steeds minder verdient aan zijn gashandel. Het ‘gaswapen’ van de Russische president Poetin heeft weliswaar de prijzen extreem opgedreven, maar inmiddels levert Rusland nauwelijks nog aan Europa. Vrijwel alle pijpleidingen zijn dichtgedraaid of kapot. Dat gas kan niet makkelijk ergens anders heen; de infrastructuur ontbreekt. In de Financial Times concludeert een marktanalyst van een grote westerse zakenbank dan ook dat Rusland schijnbaar zijn vizier heeft verschoven naar het verstoren van de oliemarkt, nu zijn gaswapen uitgewerkt zou raken.

Saoedische steun

Saoedi-Arabië neemt samen met Rusland het grootste deel van de verlaging voor zijn rekening, beide 526.000 vaten per dag minder. Dat het land de verlaging steunt, verrast niet. Naar verluidt vreest Riad voor een wereldwijde recessie, mede veroorzaakt door renteverhogingen in het Westen die weer bedoeld zijn om de inflatie te bestrijden, waardoor er minder vraag naar energie zal zijn. Het is een beproefd recept: voor de vraag daalt alvast het aanbod verlagen, zodat de prijzen toch aantrekkelijk blijven.

Riad riskeert met de stap wel een mogelijke Amerikaanse tegenreactie. Afgelopen zomer bracht Biden nog een bezoek aan Saoedi-Arabië waarin hij aandrong op een verhoging van de productie. Dat bezoek was omstreden, omdat hij als presidentskandidaat had gezegd dat hij van Saoedi-Arabië een „pariastaat” wilde maken, vanwege de moord op dissident-journalist Jamal Khashoggi, vermoedelijk in opdracht van de Saoedische kroonprins Mohammed bin Salman (MBS). Die kritiek slikte Biden in, omdat hij Saoedi-Arabië nodig had om iets te doen aan de hoge benzineprijzen in de VS, en om Rusland te isoleren na diens invasie van Oekraïne.

Riad verhoogde nadien inderdaad stapsgewijs de olieproductie, maar stelt zijn koers nu dus weer bij. Een prominente Democratische afgevaardigde schreef op Twitter voorafgaand dat de VS „de Saoedi’s duidelijk moet maken dat wij nul onderdelen voor hun vliegtuigen meer aanleveren als zij de olieproductie verlagen om Poetin te versterken […]”

Correctie (6 oktober 2022): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Rusland en Saoedi-Arabië samen 526 miljoen vaten per dag minder gaan produceren. Dat moet zijn 526.000. Hierboven is dat aangepast.