Marcel Canoy: „Je wil dat iedereen op een fatsoenlijke manier oud kan worden, niet dat dit afhankelijk wordt van de individuele portemonnee.”

Foto Olivier Middendorp

Interview

‘In de ouderenzorg domineert de wereld van spreadsheets’, zegt hoogleraar Marcel Canoy in oratie

Marcel Canoy De keuze van dit kabinet om de ouderenzorg verder te verschralen vanwege geld- en personeelsgebrek is verkeerd, betoogt hoogleraar Marcel Canoy dinsdag in zijn oratie. „Ik zie geen kabinetsplannen hoe we de sociale netwerken van mensen gaan vergroten.”

Je hoeft niet gestudeerd te hebben om te zien dat er door de vergrijzing een onhoudbare situatie ontstaat, zegt Marcel Canoy. Naast het klimaat behoort de ouderenzorg tot het grootste financiële blok aan het been van toekomstige kabinetten. Maar bezuinigen en burgers meer laten betalen, is volgens hem niet de oplossing. Dat is het product van ‘cijferfetisjisme’ dat een blinde vlek veroorzaakt in het politiek debat.

Marcel Canoy hield dinsdag zijn oratie als bijzonder hoogleraar gezondheidseconomie dementiezorg aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. Dementie heeft vele gezichten en een grillig ziektebeeld dat van dag tot dag kan verschillen. Menselijke maat is cruciaal, betoogt Canoy. „Maar dingen die we niet kunnen uitrekenen, bestaan niet. Dus terwijl iedereen het erover eens is dat burger-initiatieven, menselijke maat, meer solidariteit, of grotere sociale cohesie een enorme maatschappelijke opbrengst hebben en de uitgaven kunnen verlagen, tellen die niet mee in de modellen van het Centraal Planbureau. Dat is gewoon boerenverstand. Het gevolg is dat we niet meer naar die oplossingen kijken en er nu naargeestige scenario’s worden doorgerekend. De wereld van spreadsheets en modellen domineert.”

Minister Conny Helder (Langdurige Zorg, VVD) lanceerde vóór de zomer een nieuwe aanpak van de ouderenzorg om het maatschappelijke geld- en personeelstekort te beheersen. Haar credo: zelf als het kan, thuis als het kan, digitaal als het kan.

Canoy heeft er moeite mee. „Thuis als het kan is maar voor een deel van de mensen weggelegd. En het klinkt alsof we alles in het werk moeten stellen, hoe duur het ook is, om mensen in hun eigen huis te laten wonen. Terwijl dat soms heel onverstandig is en mensen dat niet willen. Zelf als het kan heeft de afdronk van ‘zoek het zelf maar uit’. En digitaal als het kan? Met beeldbellen gaan we de problemen in de ouderenzorg niet oplossen.”

Met beeldbellen gaan we de problemen in de ouderenzorg niet oplossen

Canoy vreest voor toenemende ongelijkheid. „Je wil dat iedereen op een fatsoenlijke manier oud kan worden, niet dat dit afhankelijk wordt van de individuele portemonnee. Er is al zo’n grote tweedeling waarbij een hogeropgeleide vijftien jaar langer in goede gezondheid leeft dan een lageropgeleide, een gat dat nauwelijks te bevatten is. Maar het gevolg van de huidige mores op het ministerie van Financiën is dat ambtenaren nu noest aan het rekenen zijn wat het ons kan opleveren als we een deel van de ouderenzorg privatiseren, wat een ramp zou zijn.”

Canoy is niet per definitie gekant tegen oprukkende commerciële partijen in de ouderenzorg. Die kunnen in zijn ogen heel nuttig zijn bij het oplossen van problemen. Maar „we moeten op onze tellen passen” want de kinderopvangsector heeft geleerd dat het snel fout kan gaan met investeerders die met financiële trucs voor kortetermijn-gewin gaan ten koste van de gebruiker. De afnemer van diensten is kwetsbaar. „Je gaat je oude vader niet zomaar verschepen als zaken niet goed bevallen. Markten waar overstappen moeilijk is, functioneren matig omdat er geen disciplinerende werking uitgaat van stemmen met de voeten.”

Je gaat je oude vader niet zomaar verschepen als zaken niet goed bevallen

Veel mensen met dementie hebben niet zozeer behoefte aan zorg, maar aan meer aandacht en interactie, zegt Canoy. Dat is geen medische behoefte maar een sociaal vraagstuk dat ook door vrijwilligers, vrienden of buren kan worden opgelost in plaats van professioneel zorgpersoneel. „Sterker, bij dementie weten we niet eens wat de juiste behandeling is.”

Begrijp hem niet verkeerd, zegt Canoy, hij pleit niet voor meer werk door de mantelzorgers – de partners of kinderen van de dementerende oudere – want die zijn al overbelast. Maar hij wijst op de grote groep fitte burgers tussen de 65 en 75 jaar die zelf geen mantelzorg ontvangen en dat momenteel ook niet geven. Dat zijn anderhalf miljoen potentiële vrijwilligers die kunnen helpen bij de ondersteuning van demente ouderen. „Als je daar een deel van weet te mobiliseren, heb je een wereld gewonnen.”

Lux et Libertas Lees ook het commentaar van NRC: Veertigers: denk na over hoe u uw zorg later gaat betalen

Die vrijwilligers zouden niet dingen moeten doen waar je medische professionals voor nodig hebt. Het gaat de hoogleraar om de taken van verpleegkundigen die door anderen kunnen worden uitgevoerd.

Meer inzet van vrijwilligers zou broodroof van verpleegkundigen zijn, wat onzin is

„Dat wordt nu op geen enkele manier gestimuleerd. Het kabinet verleidt geen vrijwilligers. Het tegendeel is het geval: vakbonden verzetten zich tegen meer inzet van vrijwilligers omdat het broodroof van verpleegkundigen zou zijn, wat onzin is.”

Moeten die nieuwe hulptroepen dan maar verplicht van de golfbaan of uit hun appartementje worden gehaald? Nee, zegt Canoy. Probleem is dat nu niet eens geprobeerd wordt deze groep te bereiken en te motiveren om meer vrijwilligerswerk voor ouderen te doen. „Daar kunnen we morgen mee beginnen. Het is veel eenvoudiger dan de complexe oplossingen van het klimaatprobleem. Ik zie geen kabinetsplannen hoe we de sociale netwerken van mensen gaan vergroten. Dat is onbegrijpelijk, als we weten hoe belangrijk dat is.”

De overheid moet zich niet zelf tegen de vrienden of buren aan bemoeien, zegt Canoy, maar het belang van die relaties benadrukken, het als overheid uitdragen. „Dit is geen softe shit. Alle belangrijke adviesorganen van het kabinet adviseren het: het bouwen van gemeenschappen is dé oplossing voor de exploderende hulpvraag van de vergrijzende bevolking, dat is niet iets wat ik bedenk.”

Bouwen van gemeenschappen is dé oplossing voor de exploderende hulpvraag van de vergrijzende bevolking

In de praktijk zitten de instanties elkaar dikwijls in de weg, is hulpverlening onnodig opgedeeld – de case-manager dementie coördineert de taken, de wijkverpleging doet de steunkousen, een andere organisatie biedt dagbesteding aan, de huishoudelijk hulp maakt schoon – en bemoeilijken de verschillende geldbronnen zorg op maat. Gemeenten met geldproblemen vertonen „afschuifgedrag” om thuiswonende ouderen onder een andere wet te brengen waarbij het Rijk de rekeningen betaalt.

Canoy noemt in zijn oratie diverse initiatieven die tegengewerkt worden door het systeem: aparte potjes bij gemeenten of zorgverzekeraars verhinderen dat buurtcoöperaties of andere burgerinitiatieven meerdere problemen tegelijk oplossen.