Recensie

Recensie Boeken

Hoe vertel je over de klimaatcrisis aan kinderen?

Kinderboekenweek ‘Natuur’ is het thema van de Kinderboekenweek, die deze woensdag begint. Maar moet je, als het over de opwarming van de aarde gaat, een jong publiek dan geruststellen? Twee klimaatkinderboeken hanteren een verschillende aanpak.

Beeld uit het prentenboek ‘Gered!’
Beeld uit het prentenboek ‘Gered!’ Illustratie Mattias De Leeuw

Een eenzame ijsbeer, dobberend op een afgebrokkelde ijsschots: dit beeld is uitgegroeid tot hét symbool van de klimaatverandering. Het is dan ook geenszins toeval dat het iconische pooldier op de cover prijkt van twee recente prentenboeken over de opwarming van de aarde. Niet dat Yoko Heiligers’ coverillustratie voor Scheten uit de schoorsteen (van Marc Ter Horst) inwisselbaar is met die van Mattias De Leeuw voor Gered! (met tekst van Bette Westera). Integendeel. Waar Heiligers’ ijsbeer nietsvermoedend ronddrijft op een koudblauwe ijsschots in een donkere zee, peddelt De Leeuws uitgemergelde exemplaar in een verzengende roodoranje zonnegloed naar een onbekende horizon, vergezeld door een pinguïn en zeearend. Niet op een ijsschots, maar op een, ja, wat is dat eigenlijk voor rare huisboot die daar deint?

Feitelijk én geruststellend?

Dit verschil in Heiligers’ en De Leeuws coverbeelden weerspiegelt treffend het verschil in de manier waarop de twee boeken het verhaal van klimaatverandering vertellen. In Scheten uit de schoorsteen legt geprezen non-fictiekinderboekenschrijver Ter Horst in heldere taal en effectieve beeldspraak feitelijk uit waarom het warmer wordt en wat de gevolgen daarvan zijn, geholpen door Heiligers’ inventieve, verhalende prenten in sprekende kleuren. Zo vergelijkt hij de darmgassen van koeien met uitlaatgassen van auto’s en uitstoot van fabrieken. Samen vormen die een onzichtbare ‘deken van scheten’ in de lucht waardoor alles warmer wordt en het weer van slag raakt: een sterk beeld waar Heiligers meermaals vernuftig op inspeelt. Veelzeggend bijvoorbeeld is de prent waarop een groep mensen met vereende krachten een deken oprolt en probeert weg te duwen, verwijzend naar ‘de slimme dingen’ die de mensen volgens Ter Horst bedenken om ‘de aarde niet warmer te maken’, zoals windmolens en elektrische auto’s. ‘Dan smelt het ijs niet meer zo snel. Dan blijven eilanden boven water./ En dan blijft de ijsbeer een ijsbeer.’

Ter Horsts conclusie klinkt logisch, maar ook makkelijk. Zodanig dat je niet echt warm of koud wordt van die scheten uit de schoorsteen. Natuurlijk, ongetwijfeld wil hij zijn jonge lezerspubliek geruststellen. En ja, klimaatkennis is belangrijk. Maar wat heb je eraan als de verbeeldingskracht niet wordt aangezwengeld? ‘In Nederland houden dijken het water tegen’, schrijft hij. Zeker, een opluchting. Tegelijkertijd beperken die dijken het voorstellingsvermogen.

Voelbaar brandende zon

Illustratie Mattias De Leeuw

Hoe anders is dit in Gered! Niks geen ‘na ons de zondvloed’. Vanaf de openingsspread zit je midden in de klimaatapocalyps, ergens, op een van de polen. Daar laat De Leeuw de zon direct al voelbaar branden. Zijn felgele zonnestralen vermengen zich fraai maar onvermijdelijk met het ijsblauwe water waarna het zonnegeel steeds overheersender wordt, tot hemel en zee uiteindelijk roodgloeiend in elkaar overlopen. Toch rept Westera met geen woord over klimaatverandering. Zij vertelt slechts vanuit het fictieve perspectief van een jonge arend hoe zich een ramp voltrekt. Dat doet ze op lichtvoetige toon, in haar bekende ritmisch goedlopende zinnen op rijm waarbij ze doeltreffend speelt met eigenschappen van bepaalde dieren. Zo komen ‘de stelten’ van de grutto goed van pas als de zee het land inrolt.

Ondertussen vliegt Arend zijn poolvrienden vooruit om de andere dieren te waarschuwen. Dat die worden afgeschilderd als onnozele klimaatontkenners is een spitsvondige plot-twist. Zoals voor ons geldt dat de zondvloed onvoorstelbaar is zolang de dijken van Ter Horst standhouden, geldt dit ook voor de dieren. De orang-oetan ziet geen ijs. ‘Er smelt hier niks’, zegt hij, en verklaart Arend ‘niet wijs’. Ook volgens de giraffe valt de rampspoed mee: ‘Ik houd het hoofd wel boven zee.’ En de olifant vindt nattigheid in zijn ‘dorstige woestijn’ best prettig. De Leeuw vertelt ondertussen, een overtuigend prentenboek passend, een heel ander verhaal. Het wassende water wint onmiskenbaar terrein, getuige de gestaag uitdijende drijvende chaos. Dit nodigt uit tot goed kijken en prikkelt de verbeeldingskracht, wat van wezenlijk belang is: juist die zal ons uiteindelijk redden. Kijk maar naar die coverillustratie.

Lees ook een recensie over een politiek getint kinderboek: Politiek voor kinderen: een dictatuur is als een dictee