Recensie

Recensie

NNT’s ‘Exit Macbeth’ zit vol betekenisvolle beelden, maar komt niet tot leven

Theater In ‘Exit Macbeth’ wordt Macbeth uit het drama weggesneden en staan de bijrollen centraal. Potentieel interessant, maar het levert in de associatieve enscenering van het NNT een toneelavond op waar geen touw aan vast te knopen is.

Scène uit de voorstelling ‘Exit Macbeth’ van het Noord Nederlands Toneel.
Scène uit de voorstelling ‘Exit Macbeth’ van het Noord Nederlands Toneel. Foto Martijn Halie

Wat als je Shakespeare’s Macbeth neemt, en je haalt Macbeth eruit? Dat kan een boeiende ingang bieden om nieuwe perspectieven in het stuk bloot te leggen. Of je slaat de bodem onder het stuk vandaan.

Als dienstbaar glimlachende ouvreuse haalt actrice Sarah Janneh het publiek bij aanvang de zaal binnen waarna ze op het voortoneel een stoomcursusje Macbeth ten beste geeft. Fijn: dan weten we in elk geval wat we niet gaan zien. Want het Duitse regisseursduo Jana Vetten en Jan-Christoph Gockel, dat op uitnodiging van het Noord Nederlands Toneel met Shakespeare’s bloedige tragedie aan de haal gaat, leunt weliswaar losjes op het bronmateriaal, maar permitteert zich vooral grote sprongen ervandaan. Dat juist de ouvreuse de voorstelling opent is niet toevallig: Exit Macbeth (een referentie aan de regieaanwijzing ‘Macbeth gaat af’) is bedoeld als ode aan de bijrollen, de zaal- en poortwachters, de natuur, en natuurlijk de heksen, met hun even cruciale als marginale rol.

Waar de hoofdrollen in Shakespeare’s stuk staan voor berekening, machtswellust en geweldsverheerlijking, wordt in deze adaptatie de kracht en kennis van vrouwen en de natuur op een voetstuk gehesen. Vijf vrouwelijke performers en een keur aan opgezette dieren bevolken het podium. En Macbeth? Die blijft voor de verandering eens in de coulissen.

Visueel spierballenvertoon

Potentieel interessant, maar het levert in de associatieve en onnavolgbare enscenering van het NNT een toneelavond op waar geen touw aan vast te knopen is. Rode draad is een mechanische voice-over die de toeschouwer voortdurend in een soort keuzemenu door deze arena leidt, alsof we aan de telefoon hangen van een klantenservice van een of ander pseudofilosofisch Shakespeare-genootschap. We horen onder meer stukken dialoog uit Macbeth, er zijn niksige geïmproviseerde onderonsjes tussen de performers, er wordt gezongen en gedanst, en het is allemaal vooral verschrikkelijk serieus. Wat een opsteker als Janneh weer in ouvreusekostuum de zaal in dendert, en even wat lucht in de avond pompt.

Er is veel visueel spierballenvertoon met rondzwevende dieren, weldadig spuitende rookmachines en wapperende toneeldoeken. Soms is dat prachtig: een gier vliegt vol tegen de wind in en raakt verstrikt in wegwaaiend plastic. Wat de makers ermee willen zeggen over de mens als aanstichter van ecologische rampen is tamelijk evident, maar hoe het ingebed zit in de rest van de voorstelling, of zich verhoudt tot Shakespeare’s brontekst voelt volstrekt arbitrair.

De voorstelling eindigt in een poging om mens en natuur als gelijkwaardig te beschouwen. Uiteindelijk zweeft danser Rosie Reith naakt in cirkels door de ruimte, draaiend om een bezemsteel. Exit Macbeth zit vol met betekenisvolle beelden, het een nog esthetischer dan het ander. Je zou ze stuk voor stuk willen inpakken en meenemen, maar ondertussen wil die voorstelling maar niet tot leven komen.