Onderzoeker treft 3.600 jaar oude sauna in Nijmegen: ‘Meest raadselachtige vindplaats ooit’

Archeologie Nog nooit eerder werd een dergelijke badplaats uit de bronstijd gevonden op het vasteland van Noordwest-Europa, zo vertelt hoofd-archeoloog Peter van den Broeke.
Archeologen werken op de vindplaats van de sauna in Nijmegen. Deze foto is twintig jaar geleden genomen.
Archeologen werken op de vindplaats van de sauna in Nijmegen. Deze foto is twintig jaar geleden genomen. Foto Gemeente Nijmegen

Twintig jaar lang was het onderzoekers niet duidelijk wat de archeologische vondst in Nijmegen precies moest voorstellen. De overblijfselen werden aangetroffen tijdens de voorbereidingen voor de aanbouw van een nieuwe woonwijk aan de noordkant van de Waal in 2001. Na uitgebreid onderzoek blijkt de locatie een sauna uit de midden-bronstijd te zijn, zo’n 3.600 jaar geleden, zo maakte de gemeente Nijmegen woensdag bekend.

Een zeer zeldzame vondst: „Zulke vroege badplaatsen zijn nog niet eerder gevonden op het vasteland van Noordwest-Europa”, zegt archeoloog en hoofdonderzoeker Peter van den Broeke (70). Nu is Nijmegen volgens Van den Broeke een ‘hotspot’ voor archeologische vondsten, maar vooral voor die uit de Romeinse tijd, grofweg tweeduizend jaar geleden.

Het veldwerk werd gedaan in 2001 en 2003. Pas de afgelopen drie jaar – inmiddels is er op de vindplaats een woonwijk gebouwd – heeft Van den Broeke de foto’s van het onderzoek er weer bij gepakt, na zijn pensioen. „Het is de meest raadselachtige vindplaats waar ik ooit aan heb gewerkt”, zegt hij. De ontdekking begon met een dikke laag stookafval van voornamelijk verbrande kleibollen. Die werden gestookt en onder een bad gelegd om het water te verwarmen. Of er werd water overheen gegoten om stoom te creëren, zoals in hedendaagse sauna’s ook wordt gedaan met stenen.

Lees ook: Een van de compleetst bewaard gebleven Romeinse tempels in Noordwest-Europa gevonden bij het Gelderse Herwen

Na even graven werden er ook verschillende waterkuilen gevonden, wat bijvoorbeeld koud- en warmwaterbaden kunnen zijn geweest. Alleen in Noord-Ierland en Schotland zijn soortgelijke plekken uit die tijd gevonden, legt Van den Broeke uit. Daar gebruikte men vroeger hete stenen om de baden te verwarmen, geen kleibollen. „In de buurt van Nijmegen vind je geen grote stenen. Daarom moeten ze bollen van leem en klei hebben gebruikt.”

Geen één graankorrel

Van den Broeke is zeer zeker van zijn conclusies, die naar verwachting later dit jaar gepubliceerd zullen worden. Van een eeuwenoude nederzetting of gaarkeuken kan geen sprake zijn: er lagen nauwelijks scherven of etensresten op de locatie, waarvan altijd veel gevonden worden bij vindplaatsen van nederzettingen. „We hebben het verkoolde materiaal laten analyseren in een lab. Daar werd geen één graankorrel tussen gevonden.”

De badplaats stond op een open plek in een eikenbos. In de rivierarm naast de locatie werd een maalsteen gevonden met een bronzen dolkje erbij. Dat wijst op een bekend offerritueel met kostbare voorwerpen uit de bronstijd, iets wat volgens de onderzoekers ook daar plaatsvond. De grote vraag blijft alleen wie het badhuis gebruikte al die eeuwen geleden. Dat kunnen families zijn uit de omgeving, of – gezien de zeldzaamheid van de plek – religieuzen uit een veel breder gebied.