Hoogste ambtenaar Economische Zaken: gassector had ‘geen enkele invloed’ op benoemingen

Maarten Camps, voormalig Secretaris-generaal bij ministerie van Economische Zaken en Klimaat.
Maarten Camps, voormalig Secretaris-generaal bij ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Maarten Camps, secretaris-generaal bij het ministerie van Economische Zaken, voelde in 2013 „ongemak” omdat er bij het sollicitatiegesprek voor een nieuwe inspecteur-generaal voor het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) ook een vertegenwoordiger van de gas- en oliesector aanwezig was. Maar voor dat ongemak had Camps zelf gezorgd: hij was als secretaris-generaal verantwoordelijk voor het sollicitatieproces.

Het was een ongemakkelijke kwestie die de parlementaire enquêtecommissie in Den Haag Camps, die van 2013 tot 2020 secretaris-generaal was, woensdagochtend bijna meteen na zijn binnenkomst in de verhoorzaal voorlegde. Kon hij verklaren waarom er destijds een vertegenwoordiger van de NOGEPA, de brancheorganisatie van olie- en gasbedrijven, aanwezig was geweest bij het sollicatiegesprek van Harry van der Meijden naar de functie van inspecteur-generaal? De kandidaat die werd uitgekozen zou later toezicht moeten houden op deze sector. Van der Meijden had dinsdag tijdens zijn verhoor verteld dat hij die aanwezigheid „niet zuiver” had gevonden.

Camps verklaarde dat het ministerie, ook hijzelf, het belangrijk had gevonden dat er bij de sollicitatiegesprekken voor een nieuwe inspecteur-generaal iemand aanwezig was met kennis van de olie- en gaswinning. De vertegenwoordiger van de NOGEPA zat er alleen in een „adviesfunctie”, benadrukte hij. Die moest helpen beoordelen: „Hebben we hier nu iemand met kennis van zaken?” Maar de olie- en gassector had volgens Camps „op geen enkele manier” invloed op de besluitvorming over de nieuwe inspecteur-generaal of andere posities binnen het ministerie. Dat nam niet weg dat hij zelf ook „ongemak” had gevoeld over de aanwezigheid van iemand uit de sector waarop de nieuwe inspecteur-generaal toezicht zou moeten houden.

Het was een van de voorbeelden die de enquêtecommissie Camps voorhield om erachter te komen hoe groot de invloed van de olie- en gassector was binnen het ministerie. Camps moest ook uitleggen hoe het zat met de aanwezigheid van de directeuren van NAM, Shell en ExxonMobil bij een gesprek in 2015 tussen het SodM en toenmalige minister Henk Kamp (VVD). Dat ging over een SodM-advies over de gaswinning. De toezichthouder vond dat die verder omlaag moest. Waarom de directeuren bij het gesprek aanwezig waren „weet ik niet meer”, zei Camps, waarschijnlijk was het „eens wens van de minister om in één keer het gesprek te voeren waarin alle inzichten op tafel kwamen”.

‘Het ging over geld’
Jaren later in 2018, besluit Kamps opvolger Eric Wiebes (VVD) de gaswinning in Groningen af te bouwen tot nul. Een zware beving in Zeerijp in januari van dat jaar en een daarop volgend advies van het SodM om de gaswinning te verlagen naar 12 miljard kubieke meter, waren daarvoor volgens Camps de aanleiding. „Dat rapport riep de vraag op of de opbrengst van 12 miljard kubieke meter gas wel in verhouding stond tot de kosten van de schade-afhandeling en versterking van huizen”, zei Camps. „Het ging over geld, maar ook over de impact op de mensen in Groningen.”

Maar met dat besluit om de gaswinning in de toekomst te stoppen, werd ook de versterking van huizen stopgezet. Minder gaswinning zou leiden tot minder zware bevingen en dus minder benodigde maatregelen om huizen preventief te versterken, was de gedachte vanuit het ministerie. „We wilden niet de trein voort laten denderden, maar even stilzetten en weer laten rijden als we wisten waar die trein naar toe moest.” De versterkingsoperatie moest onder de loep worden genomen vanwege de verminderde gaswinning.

Het leidde tot veel kritiek in de regio en uiteindelijk zelfs tot het opstappen van Hans Alders, als Nationaal Coördinator Groningen (NCG), verantwoordelijk voor de versterkingsoperatie. Alders had namelijk in januari van dat jaar ruim 1.500 bewoners beloofd hun huis te versterken, maar die belofte werd door dit besluit niet ingelost. „De kritiek vond ik begrijpelijk”, zei Camps. „Maar met alle nadelen en chagrijn die dat opriep in de regio was het toch verstandig om even stil te staan. Met pijn in het hart, want er was geen optimale keuze.”

Later deze woensdag wordt Hans Alders gehoord door de enquêtecommissie.

Dit artikel maakt ook deel uit van ons liveblog: Oud-directeur NCG: als er niks geks gebeurt, kan versterking in 2028 klaar zijn