Ziekenhuizen vrezen voor loongolf

Salarissen zorg Deze maandag wordt onderhandeld over de zorg-cao. Door de hoge inflatie vrezen ziekenhuizen een loongolf. De academische ziekenhuizen willen ondertussen af van compensatie.

Oktober 2021: medewerkers van academische ziekenhuizen staken voor een betere cao, in Leiden. De kans bestaat dat deze herfst hetzelfde gebeurt.
Oktober 2021: medewerkers van academische ziekenhuizen staken voor een betere cao, in Leiden. De kans bestaat dat deze herfst hetzelfde gebeurt. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Het was de grootste actie ooit in academische ziekenhuizen. In oktober 2021 namen 279 afdelingen uit acht academische centra deel aan het protest.

Kort daarop lag er een nieuw cao. Nog geen jaar later hangen er opnieuw pamfletten in de academische ziekenhuizen. Dit keer staat er: „Inflatiecorrectie ja! Afspraak is afspraak.”

Er is onrust omdat de NFU, de branchevereniging van academische ziekenhuizen, af wil van een van de cao-afspraken: de lonen per januari 2023 tenminste te verhogen met het inflatiecijfer. „Bij het maken van de afspraak heeft niemand rekening gehouden met een oorlog in Europa, met onvoorziene dramatische gevolgen voor energieprijzen en inflatie”, aldus de NFU.

De ziekenhuizen zijn bezorgd over een loongolf. Dat geldt niet alleen voor universitaire ziekenhuizen, ook ‘normale’ ziekenhuizen vrezen ervoor.

Deze maandag beginnen de onderhandelingen voor een nieuwe cao van niet-academische ziekenhuizen. De FNV heeft een looneis neergelegd van 12,5 procent. Ziekenhuizen zeggen nu al dat niet te kunnen betalen.

Hoe hoog de golf precies zal zijn, zal nog blijken, maar dát er een loongolf gaat komen, is duidelijk. En die zal direct gevolgen hebben voor de zorgpremie.

Hoger loon, hogere premie

Het wrange is dat iedereen verpleegkundigen een hoger loon gunt. Maar dat extra loon zal het leven voor Nederlanders via de premie ook weer wat duurder gaat maken. En elke procent erbij heeft ook voor ziekenhuizen zelf grote gevolgen; meer dan de helft van hun budget gaat namelijk op aan personeel.

Wouter Bos, de nieuwe topman van zorgverzekeraar Menzis, zei vorige week op Radio 1 dat burgers voor 2023 rekening moeten houden met een prijsverhoging van rond de 10 a 12 euro per maand.

„Voor 90 procent is de toename van de premie straks te verklaren door het feit dat de mensen in de zorg meer willen gaan verdienen”, zei Bos. „En terecht. De prijzen gaan omhoog, en die moeten zij ook gaan betalen.”

Dus zo gaan met de prijzen ook de lonen en daarmee de premies omhoog. In de Voorjaarsnota stond zelfs de verwachting dat de gemiddelde premie voor een basisverzekering nog wel even door zal stijgen. Het huidige kabinet Rutte voorziet een stijging van 128 euro nu, naar 176 euro per maand in 2027.

Andere maatstaf

Een loongolf heeft niet alleen gevolgen voor de premie, maar maakt het ook lastiger voor ziekenhuizen zelf om financieel gezond te blijven. Want verzekeraars compenseren ziekenhuizen doorgaans maar voor een deel van de loongroei. Zij nemen een andere maatstaf: ze kijken naar de zogenaamde OVA-ruimte (Overheidsbijdrage in de Arbeidskostenontwikkeling), een cijfer dat het Centraal Planbureau berekent op basis van de gemiddelde geschatte loonstijging in de markt. Maar dat cijfer is al jaren veel lager dan wat vakbonden van ziekenhuizen (met stakingen) eisen aan loonsverhoging.

De NFU sprak zelfs in z’n cao af om personeel per 2023 een loonsverhoging te geven gebaseerd op de inflatie (via de consumentenprijsindex) over 2022. Dat cijfer is nog niet bekend, maar het lijkt te gaan om 10 procent of meer. Dat betekent dat umc’s volgend jaar honderden miljoenen extra zullen betalen aan personeel.

‘Dubbeltje valt goede kant op’

De NFU wil snel in gesprek met de vakbonden om tot „een realistische loonsverhoging” te komen. Het verwijst daarbij naar de kabinetsplannen om de koopkracht volgend jaar te repareren.

„Ze proberen dat te koppelen, maar dat heeft niks met elkaar te maken”, zegt FNV-onderhandelaar Elise Merlijn. Volgens Merlijn hoeven de gesprekken niet lang te duren. „De cao-afspraak is heel duidelijk. Het dubbeltje valt gewoon dit keer voor de werknemers de goede kant op.”

Voor ziekenhuizen wordt het zo steeds meer balanceren om financieel gezond te blijven. Ze behalen al weinig rendement. In 2020 hadden reguliere ziekenhuizen een gemiddeld rendement van 1,5 procent, en academische ziekenhuizen een rendement van 0,7 procent. Dat geld moeten ze opzij zetten om investeringen te doen, bijvoorbeeld in verduurzaming.

Doordat de marges zo krap zijn, is een loongolf al snel een hoofdpijndossier voor ziekenhuizen. Sommige vrezen namelijk ook miljoenen euro’s extra kwijt te zijn aan hogere energieprijzen.

Voor de reguliere ziekenhuizen start maandag de nieuwe ronde cao-onderhandelingen. De FNV wil het onder meer hebben over een betere reisvergoeding, en betere afspraken over bereikbaarheidsdiensten.

Daarnaast ligt er dus een looneis van 12,5 procent. In een bericht op de site neemt Ad Melkert, voorzitter van de branchevereniging van ziekenhuizen (NVZ), vast een voorschot op het antwoord.

Van zorgmedewerkers wordt „veel gevraagd”, schrijft Melkert. „Dan moet de beloning ook op orde zijn. Die extra loonruimte hebben we nu niet. Het is urgent dat de Tweede Kamer dit gat tijdens de komende begrotingsbehandeling dicht, zeker nu de krapte op de arbeidsmarkt steeds verder oploopt.”