Opinie

Spiritueel terug naar de natuur is een illusie

Marijn Kruk

Het is lastig voor te stellen als je langs het schap met specerijen in de Jumbo loopt. Maar er was een tijd dat nootmuskaat zo gewild was dat mensen er het equivalent van een huis voor neerlegden. Je vond ze op één plek: de Banda-eilanden, in 1621 veroverd door J.P. Coen. De oorspronkelijke bevolking werd vermoord, tot slaaf gemaakt of gedeporteerd.

Deze misdaad vormt het vertrekpunt van The Nutmeg’s Curse, het fascinerende en rijke nieuwe boek van de Indiase schrijver Amitav Ghosh. Ghosh ziet er een parabel in, niet alleen voor de westerse kolonisatie, maar ook voor hoe we als mensheid met de planeet omspringen. Onze mechanistisch-consumentistische mindset maakt dat we de aarde en de wezens die erop leven zien als iets inerts, als goederen, vrijelijk door ons te gebruiken en instrumentaliseren.

Afgelopen decennia heeft deze mentaliteit ook buiten Europa gretig aftrek gevonden. Ghosh wijst op de middenklasse van Delhi die gerust twee auto’s voor de deur heeft; of op de huidige regering in Brazilië, die de Amazone exploiteert op een wijze die qua methodiek niet onderdoet voor de Europese kolonisatie.

Lees ook dit interview met Amitav Ghosh: ‘Klimaatfictie zal de manier waarop mensen over het klimaat denken niet veranderen.’

Vorige week was Ghosh in Nederland voor een lezing. Ik verheugde me erop. Ik kende hem als auteur van The Great Derangement, een bejubeld boek, dat de vraag stelt waarom de moderne roman de klimaatverandering niet weet te verbeelden.

Figuren als J.P. Coen ziet Ghosh als wegbereiders van het mechanistische wereldbeeld dat via de Verlichting en het kapitalisme onze consumptiesamenleving zou vormgeven. Dát is de radicale stelling die in The Nutmeg’s Curse geformuleerd wordt: het waren de in de ‘Nieuwe Wereld’ tot zwijgen gebrachte mensen, dieren, planten en landschappen die een metafysische sprong mogelijk maakten in het Europese vroegmoderne denken.

Volgens Ghosh moet je iemand als Coen namelijk niet alleen zien als een kolonist, maar ook als filosoof. Met zijn gewelddadigheid jegens de oorspronkelijke bewoners legde hij de basis voor de latere filosofie van Descartes, Mandeville en Bacon, waarin de aarde ‘tot inertie’ was gereduceerd.

Dit denken plaatste de Europese elite aan de top van een ‘natuur’, die, wilde zij ‘verbeterd’ worden, eerst moest worden toegeëigend. Alleen wie dit onder ogen ziet kan volgens Ghosh onze huidige crisis doorgronden. Geopolitiek, kapitalisme, klimaatverandering en etnische tegenstellingen grijpen hier in elkaar en versterken elkaar.

Is er een uitweg? Ja, denkt Ghosh. De tot zwijgen gemaande wezens, planten en landschappen moeten hun stem terugkrijgen. Alleen op die manier kunnen we uit onze materialistisch-consumentistisch mindset treden en in harmonie leven met de omliggende wereld. Hij wijst daarbij naar de sjamanistische tradities van oorspronkelijke bewoners. Je kunt daar lacherig om doen, maar dat gaat voorbij aan de populariteit dat dit type denken in de ‘moderne’ wereld geniet. Er is zelfs een hele industrie rond ontstaan, denk aan de Rituals-winkels, die je bij ons gewoon naast de Blokker aantreft.

Juist dat illustreert het probleem met een oplossing als die van Ghosh, want dit type spiritualiteit is allerminst een alternatief voor onze moderniteit. Het is een levensstijl te midden van anderen, bedacht, vormgegeven en geadverteerd vanuit het kapitalisme waar het zich tegen af zet. Het ene moment zit je op je yogamatje in de Amsterdamse Pijp; het volgende moment pak je het vliegtuig naar de zon.

Wie denkt dat hij terug kan naar een pre-moderne zijnsstaat houdt zichzelf voor de gek. Ook Ghosh leek dat te beseffen. Hij gaf onze beschaving „nog 15 tot 20 jaar”.

Marijn Kruk is historicus en journalist. Hij schrijft om de week een column over politiek en verbeelding van de klimaattijd.