‘Voor het bestrijden van tinnitus zijn we niet op aarde’

Gehoorschade De Gezondheidsraad brengt binnenkort advies uit over het geluidsvolume bij popconcerten en in clubs. Dat moet waarschijnlijk omlaag naar 100 decibel om het gehoor van het publiek te beschermen. Wat vinden de zalen daarvan, en hoe gaan ze dat doen?

Jonge festivalbezoeker met gehoorbescherming op popfestival ‘Into the great wide open’.
Jonge festivalbezoeker met gehoorbescherming op popfestival ‘Into the great wide open’. Foto Catrinus van der Veen / ANP

Om gehoorschade bij het publiek te voorkomen, moet de muzieksector zich waarschijnlijk aan een geluidsnorm van 100 decibel gaan houden. Afspraken om gehoorbeschadiging te voorkomen werden tot nu toe vastgelegd in drie achtereenvolgende convenanten, ondertekend door het ministerie van VWS, popzalen en -festivals (VNPF) en andere evenementen (VVEM). Het huidige convenant met een maximumnorm van 103 decibel loopt in december af. Het is de vraag of er een vierde, strenger convenant komt, of dat er wetgeving wordt opgelegd. Maar dat het maximum volume omlaag gaat, dat is vrijwel zeker.

Dit najaar brengt de Gezondheidsraad, op verzoek van Paul Blokhuis, voormalig staatssecretaris van VWS, eerst een advies uit. Blokhuis wil weten of het huidige beleid volstaat, en of het mogelijk is een landelijk (dwingend) ‘kader’ op te stellen. De Tweede Kamer volgt dit dossier op de voet, bezorgd over berichten over toenemende gehoorschade.

De helft zachter

Over één ding lijken in ieder geval de KNO-artsen en de Kamer het eens: het moet zachter in de zalen en de clubs. De eerder afgesproken norm is 103 decibel, een gemiddelde dat wordt gemeten over een kwartier. Het advies van het RIVM was destijds 102 decibel, maar de sector vroeg en kreeg meer ruimte. Nu zou het naar 100 decibel moeten, onder meer op grond van een WHO-advies van begin dit jaar, en op aanraden van de artsen. Ook internationaal wordt die grens aangehouden. Die is bovendien gebaseerd op de aanname dat iedereen dempende oordoppen draagt, omdat 85 decibel gedurende twee uur als een veilige grens wordt beschouwd. En het is geen kleine stap, die decibellen minder, want dat is ongeveer de helft zachter.

Lees ook: Voor het gehoor is een festival geen feestje

Wat vinden de zalen van die norm? Het is de vraag of het de goede norm is, en het blijkt nog lang niet eenvoudig om eraan te voldoen, zeggen ze.

„Ik ga liever naar een show met hele goeie oordoppen in, en dat het geluid goed hard staat. Dat doet iets met je lichaam.” Joris Holter, adjunct-directeur van het Nijmeegse poppodium Doornroosje, heeft zelf een oorsuis opgelopen toen hij nog geen oordoppen droeg. „Het is daarom belangrijk dat je ze draagt, en dat iedereen daar zijn eigen verantwoordelijkheid voor draagt. Je kunt ook overal chocolade met heel veel suiker kopen, je moet gewoon je tanden poetsen.”

Volgens hem moet de muziek wel wat harder, omdat je anders makkelijk boven de muziek uitkomt als je meezingt. „Wat is anders het verschil tussen muziek luisteren in een café en bij een concert? In een café wil je over de muziek heen kunnen praten, maar bij een concert maak je daarmee de beleving echt kapot.”

De muziek zachter zetten, zodat je zonder oordoppen bij een band of clubavond kunt staan, daar heeft Holter ook ervaring mee. Bij het podium Merleyn in de binnenstad van Nijmegen, onder beheer van Doornroosje, spelen de buren een belangrijke rol. De shows beginnen er laat vanwege afspraken met het naastliggende restaurant, meestal na 22:00 uur. En omdat de zaal middenin de bewoning staat, moet het geluid in de nacht bij clubavonden zachter. „Er zit een begrenzer op het geluid en dat merk je. Die filtert vooral het basgeluid eruit en houdt het niveau rond de 98 en 99 decibel. We horen terug van het publiek dat het gewoon minder klinkt. Het is het gewoon nét niet.”

Beleving

Waarom werkt een lager volume eigenlijk niet? Het toverwoord is beleving. Harde muziek doet iets met je lichaam. Je broekspijpen wapperen en je oren klapperen, dat is van belang bij live muziek. En ironisch genoeg is die beleving deels een stressreactie van het lichaam, zegt Eelco Grimm, docent muziek en technologie bij de HKU. „Bij harde muziek, en dat is al zo bij 100 decibel, staat je lichaam in de alarmstand. Zo spant een spiertje in het middenoor aan om het geluid wat te dempen. Als je bij alarm niet kan vluchten, gaat je lichaam over op pijnstilling; het maakt endorfine aan, en dat voelt prettig. Je maakt je eigen drugs.” En dat komt bovenop het kermisattractie-effect van gedreun van bassen in je lichaam, en de gelukservaring van gezamenlijk dansen en zingen op muziek, zegt Grimm.

In de discussie tussen 100 of 103 decibel speelt ook een rol dat bij hard meezingen het publiek zelf al 100 decibel kan produceren. „Dan moet de muziek erover heen, vinden ze.” Maar Grimm vindt dat toch de norm van 100 moet worden aangehouden, liefst mét oordoppen. „Dat zingen is niet twee uur lang zo luid dat het boven de band uitkomt, dus je moet gewoon die 100 aanhouden en alleen die korte momenten wat luider draaien.” Ook belangrijk: de meest gebruikte decibelmeting registreert vooral geluid in de hogere (spraak)frequenties, omdat het gehoor daar het meest gevoelig voor is. „Daarom proppen veel muzikanten en zalen heel veel lage tonen in de muziek, zodat het heel luid klinkt en je toch niet die decibelnorm overschrijdt.” Wetenschappelijk onderzoek op dit gebied is lastig, want het is niet ethisch om mensen bewust doof te laten worden, maar nieuwe inzichten suggereren dat ook die harde lage tonen schadelijk lijken te zijn. „Bovendien ontstaat die schade, anders dan altijd werd gedacht, in de waarneming van hogere frequenties, die voor spraak belangrijk zijn.”

Lees ook: Dove rockers, vooral als je wat ouder wordt

Bubbel van geluid

Ook bij Paradiso in Amsterdam doen ze hun best met oordopjes, voorlichting én alternatieven – ook al zijn die nog toekomstmuziek. „We hebben een paar maanden geleden een nog onbetaalbaar systeem getest voor in de nacht,” vertelt Jurry Oortwijn, woordvoerder van het Amsterdamse poppodium. „Daarbij sta je in een soort 360-gradenopstelling van boxen, die een bubbel van geluid maken dat minder naar buiten uitstoot. Daardoor is het volume achter de boxen lager en krijgen de oren meer rust.” Dé oplossing? „Het is ideaal voor clubs maar met een band op het podium is het veel ingewikkelder. Evengoed is het een enorme investering. Dus ja, er zijn ontwikkelingen die een ervaring kunnen bieden met minder decibellen, maar als we dat met z’n allen willen, moeten podia daar ook mee geholpen worden.”

Berend Schans van poppodia en -festivals branchevereniging VNPF is directer: „Voor het bestrijden van tinnitus zijn we niet op aarde. We kunnen wel bijdragen aan bewustwording, en dat doen we ook al jaren, in goede samenwerking met het ministerie van VWS en met Veiligheid NL. Zonder budget hebben we mensen aan de gehoorbescherming gekregen. Bovendien, als je het volume terugbrengt naar 100 decibel neem je het risico niet helemaal weg. Er blijft veel geluidsdruk – en er zullen mensen wegblijven, want die willen juist die harde muziek beleving.” Wat Schans betreft ga je straks niet alleen elk half jaar op controle om je tanden op gaatjes te laten controleren, maar ook je trommelvlies.

Een probleem bij het vaststellen van een decibellennorm is dat het van veel factoren afhankelijk is of luide muziek schade berokkent. Hoe vaak ga je naar concerten? Wat heb je overdag aan decibellen om je heen? Waar sta je in de zaal? Wat voor soort muziek is het? Het RIVM concludeerde in zijn advies (2018) dat er om die redenen geen absoluut veilige norm te stellen valt. Regelmatig testen en oordopjes zijn dus sowieso noodzakelijk.

Van Jurry Oortwijn van Paradiso hoeft het ook niet altijd op z’n hardst. „Het verschilt per band. Soms doe ik m’n doppen even uit en merk ik dat het best zonder kan. En soms klinkt het ook met doppen in nog behoorlijk hard en krijgen we de volgende dag klachten van bezoekers. Al ligt dat dan meer aan de geluidskwaliteit dan puur aan het aantal decibellen.”

Dat komt ook doordat Paradiso, eind negentiende eeuw gebouwd als verenigingsgebouw voor een kerkgenootschap, niet is gemaakt voor popconcerten. „Daar kan niet iedere geluidsman direct mee uit de voeten. Wij kunnen alles met een draai aan de knop zachter zetten, maar dat veroorzaakt weer andere problemen. Discussies met de geluidsman van een band bijvoorbeeld, wanneer die net uit België of Engeland komt en daar wel harder kon spelen.”