Houthoff mag grootste bank van Rusland niet weren

Sanctieregime De Russische SberBank staat op de internationale sanctielijst vanwege de oorlog in Oekraïne. Maar het bedrijf zomaar weigeren bij vergaderingen van bedrijven waarin het aandelen heeft, mag niet, oordeelde een Nederlandse rechter onlangs.

Advocatenkantoren, trustbedrijven en ondernemingen kunnen niet zomaar breken met gesanctioneerde Russische partijen. Dat blijkt uit een recent vonnis van de rechtbank in Amsterdam in een zaak die was aangespannen door het Russische staatsbedrijf SberBank.

De SberBank is de grootste aandeelhouder van een Kroatisch voedingsmiddelenconcern, dat onder meer om fiscale redenen in Nederland is gevestigd. De Russische bank werd onlangs geweigerd bij een aandeelhoudersvergadering bij het advocatenkantoor Houthoff in Amsterdam, omdat het op de Europese sanctielijst stond. De SberBank stapte naar de rechter. Die heeft nu geoordeeld dat de Russische staatsbank niet geweigerd mag worden bij aandeelhoudersvergaderingen.

Het is voor zover bekend voor het eerst dat een Nederlandse rechter zich buigt over de positie van Russische gesanctioneerde partijen. Door de inval in Oekraïne dit voorjaar is de positie van de SberBank in het Kroatische bedrijf extra gevoelig geworden. Woensdag riep de bank werknemers met gevechtservaring op zich te melden bij het Russische leger na de ‘gedeeltelijke mobilisatie’ die president Vladimir Poetin afkondigde.

Het Kroatische concern Fortenova is een van de grootste bedrijven van Zuidoost-Europa en heeft een omzet van meer dan 5 miljard euro per jaar en ruim 47.000 werknemers. De omzet vormt een tiende van het bruto nationaal product van Kroatië. Het bedrijf stond in 2018 op omvallen, maar werd toen van een faillissement gered doordat de schuldeisers hun schulden omruilden voor aandelen. De reddingsoperatie werd begeleid door het Nederlandse advocatenkantoor Houthoff.

Met de operatie werden de Russische staatsbanken SberBank en VTB Bank de grootste aandeelhouders van het bedrijf, waarvan de holding in Nederland gevestigd werd. De holding wordt bestuurd door het trustbedrijf TMF Netherlands. De reddingsoperatie lag volgens analisten gevoelig, omdat Rusland zo in één klap zijn invloedssfeer op de Balkan vergrootte.

‘Rode vlag’

Tijdens de rechtszaak voerde Fortenova, vertegenwoordigd door Houthoff, aan dat SberBank geregeld „pro-Russische standpunten inneemt” over de oorlog in Oekraïne en dat „banken, accountants en handelspartners” nu hun handen van het bedrijf af trekken vanwege de rol van de Russische staatsbanken. Zo is er nog geen accountant voor de controle van het boekjaar 2022 benoemd en is een groot IT-bedrijf gestopt met de dienstverlening aan Fortenova. De aanwezigheid van de Russen is volgens de directeur ‘een rode vlag’ voor financiële instellingen.

De uitspraak laat zien hoe complex het is om afscheid te nemen van Russische gesanctioneerde partijen

Het probleem voor Fortenova is dat belangrijke besluiten alleen samen met de Russische partijen genomen kunnen worden. In de statuten staat namelijk dat voor besluiten een gekwalificeerde meerderheid van de certificaathouders van de aandelen akkoord moet zijn. Zonder de SberBank, dat 41,82 procent van de aandelen in handen heeft, zijn er niet genoeg aandeelhouders om geldige besluiten te nemen. De statuten van het bedrijf bieden wel een mogelijkheid om die bepaling te omzeilen. Als bij twee achtereenvolgende vergaderingen de meerderheid niet is gehaald, dan kan op de volgende vergadering een beslissing worden genomen met 75 procent van de aanwezige stemmen.

In lijn daarmee werd de SberBank op twee vergaderingen in augustus geweigerd, zodat de andere aandeelhouders op de volgende vergadering zonder instemming van de SberBank de statuten konden wijzigen. Na die wijziging zou een meerderheid van de certificaathouders niet meer nodig zijn voor besluiten, waarmee de SberBank buitenspel zou worden gezet.

Ter plekke geweigerd

NRC berichtte eerder over deze vergadering van de aandeelhouders van Fortenova op het kantoor van Houthoff, waarvoor alle aandeelhouders waren uitgenodigd. Anders dan eerder bericht, blijkt SberBank uiteindelijk niet bij die vergadering aanwezig te zijn geweest. Een woordvoerder van Houthoff bevestigde toen na vragen van NRC dat de vergadering had plaatsgevonden, maar vertelde er niet bij dat de SberBank aan de deur was geweigerd. Die gang van zaken blijkt nu uit het vonnis. De woordvoerder van Houthoff zegt desgevraagd dat hij deze informatie niet eerder kon delen in verband met de „wettelijke geheimhoudingsplicht”.

De rechtbank in Amsterdam heeft nu geoordeeld dat de weigering van SberBank onrechtmatig was. „Al met al is niet aannemelijk geworden dat in het geval van bevroren certificaten per definitie de daaraan verbonden vergader- en stemrechten met betrekking tot de corporate governance eveneens bevroren dienen te zijn.” De SberBank moet daarom weer toegelaten worden tot de aandeelhoudersvergaderingen, in elk geval tot eind 2022. Fortenova gaat tegen de uitspraak in hoger beroep.

Het kantoor van Houthoff aan de Amsterdamse Zuidas Foto Co de Kruijf/ANP

De rol van advocatenkantoor Houthoff in deze kwestie is opmerkelijk. Dit kantoor begeleidde in 2018 de redding van het Kroatische voedingsmiddelenconcern – dat toen nog Agrokor heette. De Nederlandse structuur werd door Houthoff opgezet, waarbij de SberBank de grootste aandeelhouder werd. Ook werd een topman van de Russische bank op kantoor van Houthoff benoemd tot directeur van Fortenova. De SberBank stond toen al jaren op de Europese sanctielijst, die in 2014 werd ingesteld vanwege de annexatie van de Krim door Rusland.

In de zaak die nu door de SberBank was aangespannen, betoogden de advocaten van Houthoff namens Fortenova juist dat „de certificaten van aandelen” en het bijbehorende stemrecht – de constructie die het Nederlandse kantoor zelf in 2018 optuigde – onder het sanctierecht vallen. Het toelaten van de SberBank tot de aandeelhoudersvergadering zou volgens Houthoff „zelfs een strafbaar feit opleveren”.

Volgens de woordvoerder kijkt Houthoff nu anders naar de betrokkenheid van SberBank, doordat de huidige sancties verder gaan dan die uit 2014. „Toen gold dat SberBank geen kapitaal kon ophalen op de kapitaalmarkten in de EU, maar het uitlenen van geld was niet verboden. De sancties zijn nu anders en komen neer op een totale bevriezing van goederen, waaronder dus ook de certificaten van aandelen. Dat is een heel groot verschil.”

Russische clientèle

Houthoff kwam begin dit jaar in het nieuws vanwege zijn belangrijke Russische klanten. Het kantoor stond de afgelopen jaren de Russische staat bij in juridische procedures en had ook ondernemingen zoals Gazprom, Rosneft en Russische staatsbanken als klant. Voor de Russische clientèle had het kantoor meerdere Russisch sprekende advocaten ter beschikking. Dat kwam het kantoor, dat onder vakgenoten de bijnaam het Kremlin-kantoor kreeg, regelmatig op kritiek te staan. In maart kondigde Houthoff na publicitaire druk aan dat het afscheid zou nemen van de Russische staat en daaraan verbonden personen en bedrijven.

Lees ook: Ondanks sanctieregels is advocatenkantoor Houthoff nog steeds actief voor Russische banken

Advocaat Heleen over de Linden, gespecialiseerd in sanctierecht en bezig met een promotieonderzoek naar dit onderwerp, noemt het een opmerkelijke uitspraak van de rechter. „Ik vind het bijvoorbeeld vreemd dat de rechter het certificaat van aandelen en het bijbehorende stemrecht eigenlijk loskoppelt. Dus het certificaat is onder de sancties bevroren, maar de rechter vindt dat de eigenaar wel zijn stemrecht mag uitoefenen.”

De uitspraak laat volgens de advocaat zien hoe „complex” het is afscheid te nemen van Russische gesanctioneerde partijen. „Dat was al heel lastig, want hoe moet je de zaken afwikkelen als aandelen of bankrekeningen bevroren zijn? Nu maakt de rechter het nog moeilijker.”

SberBank probeert momenteel haar belang van 41,82 procent in Fortenova te verkopen aan een Hongaars investeringsfonds. Die overname moet alleen nog worden goedgekeurd door de Nederlandse autoriteiten, blijkt uit het rechterlijke vonnis. Kroatische media meldden drie weken geleden dat de Kroatische regering de verkoop probeert te blokkeren omdat het Hongaarse investeringsfonds gelieerd zou zijn aan de Hongaarse premier Viktor Orbán.