Reportage

Zelfs bij Zoom willen ze niet meer de hele dag zoomen

Zoom in Amsterdam Het nieuwe Europese hoofdkantoor van Zoom in Amsterdam is alweer tweeënhalf jaar oud. Maar deze maand is het pas echt in gebruik genomen. Die fysieke ruimte acht het nodig: de videobeldienst is geen fan van alleen maar videobellen.

Werknemers van Zoom aan het werk op het kantoor aan de Amsterdamse Zuidas.
Werknemers van Zoom aan het werk op het kantoor aan de Amsterdamse Zuidas. Foto Simon Lenskens

Arik Day, workplace manager op het Europese hoofdkantoor van Zoom, kent z’n collega’s inmiddels bij naam. Hij heeft ze deze maand allemaal ontmoet bij de receptie op de derde verdieping van de kantoortoren aan de Amsterdamse Zuidas. Weliswaar opende het nieuwe kantoor al in februari 2020, maar toen kwam de coronapandemie en bleef het er stil.

Deze donderdag is het druk in het Zoom-kantoor. Overal lopen jonge mensen met een Apple-laptop onder de arm op zoek naar collega’s. Om de hoek van de receptie staat een kleine rij bij een intimiderend groot koffiezetapparaat met espressobonen en melkschuimer.

Zoom is, als zo veel bedrijven, van voltijds thuiswerk tijdens de lockdown overgegaan naar ‘hybride’ werken – deels vanuit huis, deels op kantoor. Bij Zoom, grote aanbieder van video conferencing-technologie, mogen werknemers zelf weten hoe vaak ze komen. Twee dagen per week is de norm. Tijdens een korte rondleiding vertelt Day dat Zoom mensen naar kantoor probeert te trekken met de „uitstekende lunch” en „een masseur die af en toe langskomt”.

Zou niet uitgerekend een bedrijf als Zoom prima de kantoren kunnen sluiten? „Technisch kunnen we dat best”, vertelt Day. „Maar heb je dan gelukkige werknemers? Zij zijn hier toch ook vooral voor het sociale contact.”

Lees ook: 300 miljoen gebruikers, maar zo had Zoom het nooit bedoeld

Non-stop videovergaderen

Het is op z’n minst opvallend: zelfs bij Zoom, populair geworden als videobeldienst tijdens de lockdown, zien ze de nadelen van videovergaderen. Toen Zoom-topman Eric Yuan op een dag in 2020 negentien videovergaderingen op rij bijwoonde, was voor hem de maat vol. Zelfs hij kreeg last van zoom fatigue, videobelmoeheid, vertelde hij vorig jaar op een (virtuele) conferentie. Yuan stopte direct met non-stop videovergaderen. „Ik was er klaar mee.”

Zoom – opgericht in 2011 – werd tot corona vooral gebruikt door zakelijke klanten en onderwijsinstellingen. Na de uitbraak van de pandemie groeide het aantal gebruikers explosief – al geeft het bedrijf geen precieze cijfers. Amerikaanse analisten vermoeden dat het zijn grootste concurrent, Microsoft Teams, dicht heeft genaderd. Dat telt 270 miljoen gebruikers per maand.

De Parnassustoren op de Amsterdamse Zuidas. Het kantoor van Zoom beslaat er vijf verdiepingen.

Foto Simon Lenskens

De extreme groei tijdens de coronajaren is voor Zoom niet per se positief geweest. Het was er „niet klaar voor”, zei de Europese baas Jeff Koll eerder tegen NRC. Zoom kampte met privacy- en capaciteitsproblemen, en was zo ‘laagdrempelig’ dat buitenstaanders met slechte bedoelingen zich eenvoudig toegang verschaften tot vergaderingen. Die problemen lijken nu opgelost, maar het imago van Zoom liep onherstelbare schade op.

Een ander probleem, dat nog steeds speelt: de sterke groei van het beursgenoteerde Zoom (8.000 werknemers, 4 miljard dollar omzet) heeft geleid tot hoge verwachtingen. En die kan Zoom nu niet waarmaken. Bij de presentatie van zijn jongste kwartaalcijfers, vorige maand, maakte het de laagste omzetgroei in zijn historie bekend: ‘slechts’ 8 procent. Het vertrouwen van beleggers in aanhoudend hoge groei lijkt verdwenen. Zooms beurskoers daalde het afgelopen jaar met ruim 70 procent.

Expats

Abe Smith ziet er moe uit, bij de fysieke afspraak in een vergaderruimte van het Amsterdamse kantoor. De manager, hoofdverantwoordelijke voor Zooms internationale activiteiten, was een dag eerder in Keulen, om te spreken tijdens een groot evenement. De 24 uur daarna bracht hij al zoomend door in de metro, op zijn hotelkamer en in de trein naar Amsterdam. „Soms video, soms alleen audio. Nu ben ik hier en zie ik jou. Dat is de nieuwe manier van werken.”

Zoom is, naast onder meer Uber en Amazon, een van de grote Amerikaanse techbedrijven die een deel van hun internationale activiteiten vanuit Amsterdam aansturen. Zoom koos voor Amsterdam vanwege de „diversiteit” van de stad, „de goede bereikbaarheid” en het „grote aanbod aan talent”, vertelt Smith. Helpt het gunstige Nederlandse belastingklimaat voor expats en techbedrijven ook mee? Smith: „That doesn’t hurt.”

Voor Smith, die in 2019 bij Zoom begon, zijn de voorbije jaren „exceptioneel” geweest. Gevraagd naar de ingestorte beurskoers, schudt hij zijn hoofd. „Wij hebben Wall Street niet onder controle”, zegt hij. „Standaard 200, 300 procent groei is ook belachelijk om vol te houden.”

Smith benadrukt dat Zoom winstgevend is – „dat is nu trendy, wij zijn dat al jaren” – en dat het aantal betalende klanten groeit. Het zijn er nu ruim 200.000. „And mind you, wat nu gaande is, gebeurt maar eens in de honderd jaar”, zegt Smith met een zeker Silicon Valley-gevoel voor overdrijving. „Werken wordt nooit meer zoals het was. Werknemers eisen flexibiliteit, willen kiezen waar ze kunnen werken. In die nieuwe wereld hebben wij een plek.”

Dat het ook anders kan, bewijst het techbedrijf van Job van der Voort. Bij Remote werkt iedereen namelijk altijd thuis

Tijd om echt te werken

Nu virtuele en fysieke aanwezigheid bij veel digitaal georiënteerde bedrijven steeds meer verweven raakt, probeert Zoom mee te veranderen. Van videobeldienst wil het een communicatieplatform worden dat juist hybride werk eenvoudiger moet maken. Zo heeft Zoom een service ontwikkeld waarmee verkopers via video klanten kunnen rondleiden in fysieke winkels. Met Zoom Rooms moet een hybride vergadering – vaak ongemakkelijk en onhandig – een stuk natuurlijker aanvoelen. Dat gebeurt door de weergave van deelnemers op het scherm aan te passen aan de ruimte waarin mensen zich bevinden. Een collegezaal ziet er zo op het scherm direct heel anders uit dan een vergaderhokje van twee bij twee meter.

Microsoft heeft het voordeel dat veel bedrijven al gebruikmaken van zijn Office-softwarepakket – waarmee ze automatisch toegang hebben tot Teams. Dat dwingt Zoom tot snellere innovatie, wil het de concurrentieslag overleven. Zo werkt het nu aan vertaalsoftware waarmee werknemers overal ter wereld rechtstreeks in hun eigen taal kunnen communiceren tijdens de vergadering. Volgens techwebsite The Information presenteert Zoom binnenkort een kalender-app en e-mailfunctie om een goed alternatief voor Google en Microsoft te kunnen bieden. Abe Smith denkt dat „focus” Zoom zal helpen om te overleven.

Alles wat Zoom bedenkt, moet nuttig zijn voor een werkomgeving waarin mensen zowel fysiek als digitaal aanwezig zijn, is het idee. Die nieuwe bedrijfsfilosofie heeft zelfs topman Eric Yuan, die weer parttime naar kantoor gaat, van zijn zoom fatigue- afgeholpen, vertelde hij vorig jaar aan het Amerikaanse zakentijdschrift Forbes. „Bij alles wat we ontwikkelen, moeten we nadenken over hoe het uitpakt op een kantoor waar mensen hybride werken”, zei Yuan. „Daar dachten we vroeger nooit over na.”

Zoom voerde vorig jaar ook iets nieuws in op zijn eigen kantoor: de woensdag is voortaan een dag zonder Zoom-vergaderingen, voor álle werknemers. „Soms moet je jezelf wat mentale ruimte geven, toch?”, zegt Abe Smith. „Een paar uur ongestoord kunnen nadenken. Een mens heeft ook tijd nodig om echt te kunnen werken.”

Op het kantoor van Zoom in Amsterdam.

Foto Simon Lenskens