Annabel Oosteweeghel

Interview

In de kunst van Moshekwa Langa vind je ‘elementen van een plaats delict’

Overzichtstentoonstelling Het werk van de in Zuid-Afrika geboren Moshekwa Langa gaat vaak over grenzen. Een tragisch gegeven voor wie bedenkt dat zijn geboorteplaats Bakenberg nooit op de officiële landkaarten stond ten tijde van de apartheid.

„Mijn werk is niet verleidelijk”, verklaart kunstenaar Moshekwa Langa wanneer we spreken over de dikke klodders lak, het schuurpapier, de koffievlekken en de verkoolde houtresten op zijn werk. Hoewel hij sinds 1997 in Amsterdam woont en zijn werk al te zien is in de vaste collecties van Tate Modern in Londen en het New Yorkse MoMA, heeft hij pas sinds begin deze maand zijn eerste overzichtstentoonstelling in Nederland.

In het werk van Langa, in 1975 in Zuid-Afrika geboren, gaat het vaak over ontheemding, verplaatsing en identiteit – kortom: over grenzen. Die zoektocht naar grenzen en plaatsing heeft iets tragisch voor wie bedenkt dat zijn geboorteplaats Bakenberg nooit op de officiële landkaarten stond ten tijde van de apartheid. Het was alsof de identiteit van de dorpsbewoners, en dus ook Langa’s identiteit, er niet toe deed. In zijn werk vormen landkaarten en mindmaps dan ook een belangrijk motief.

Bekend is zijn videokunstwerk Where do I begin? (2001). De regel uit het lied ‘Love Story’, dat Shirley Bassey in de jaren zeventig opnam, wordt telkens herhaald. Langa plaatste de zang onder de video die hij opnam in Bakenberg. Vanuit een kinderperspectief zie je mensen naar een bus schuifelen. Alleen de benen van de passagiers, vlak voordat ze de stap nemen om de bus in te komen, zijn zichtbaar. Ze vertellen ook over de geschiedenis van Zuid-Afrika, waar de zwarte bevolking vaak elke dag enorme afstanden aflegde om bij hun werkgever terecht te komen omdat ze alleen maar mochten wonen in aan hen toegewezen dorpen.

„Het is een raar werk”, vertelt Langa. „Enerzijds ben ik observator, anderzijds maak ik er onderdeel van uit. Where do I begin is eigenlijk een zelfportret. Deze video leek me een goeie manier om te tonen waar ik vandaan kom. Ik heb het dorp verlaten om kunstenaar te kunnen worden, maar het was ook een plek waar ik me comfortabel voelde. Basseys regel komt uit een liefdeslied dat enerzijds de passie weergeeft, maar vertelt hier ook over het verdriet van het achterlaten.”

Moshekwa Langa, Where do I begin (video still), 2001

Langa keert nog vaak terug naar Zuid-Afrika. „Het werk helpt bij het ontrafelen van mijn geschiedenis: ik woonde er en er wonen nog steeds familieleden van me. De vraag is voor mij altijd: hoe vertel ik een verhaal over mijn verleden zonder uit te gaan van grof geweld. Je kan het instappen puur en alleen zien als iets dat mensen doen wanneer ze de bus pakken. Je ziet verschillende benen, en die zijn veelzeggend, ook zonder dat je de gezichten erbij hebt. Hoe ze gekleed zijn, hoe ze lopen of bewegen, dat vertelt al veel. Maar het werk roept ook de vraag op: hoe ga je om met je geschiedenis, hoe praat je over apartheid waarvan veel mensen zich geen voorstelling meer kunnen maken? Ik heb in de loop der jaren van alles meegemaakt, ik koos vaak poëtische momenten om te tonen waar we zijn, waar ik me bevind.”

Op deze tentoonstelling gaat het vaak over de zoektocht naar een plek. Maar de werken die op een landkaart lijken, gaan niet over echte plaatsen, ze zijn fictief. Waarom?

„Ze zijn inderdaad fictief, maar er zitten handreikingen in die je kan gebruiken om een gesprek te beginnen over je achtergrond, over de wegen die iemand heeft bewandeld. Mijn werk is niet ‘mooi’. Als je ernaar kijkt, vraag je je af: wie is dit, welk verhaal zit erachter? Ik ben niet goed met tekst, dus daarom pak ik het zo aan. Taal was voor mij ingewikkeld, taal sloot me buiten. Dat merkte ik toen ik als tiener terechtkwam op een gemengde middelbare school. Ik moest me opeens verhouden tot witte mensen, terwijl ik daarvoor alleen óver hen had geleerd. We sliepen in dezelfde kamer, aten samen. Dat was de normale situatie, maar ik was bang voor ze. Ik sprak niet snel genoeg, of zei dingen verkeerd en moest me veel Engels vocabulaire eigen maken. Het was kortom lastig om mijn verhaal te vertellen. Maar uitbeelden kon ik het wel.”

„Dat is hoe ik duidelijk maak waar ik het over wil hebben. Die teksten zijn niet chronologisch, maar ik verwerk er bijvoorbeeld in welke mensen belangrijk voor me zijn geweest, waar ik was. Het zijn ook feiten, dingen die ik heb geleerd op school. Zo kreeg ik net als velen te horen dat de geschiedenis van ons land begon met de komst van Van Riebeeck in 1652. We hadden papiergeld met het hoofd van die man erop. Wat ik met deze Legenda wil doen is zorgen dat je een andere realiteit inloopt.”

Het schuurpapier in de ‘Encyclopedia series’ [te zien op de foto hiernaast] en de houtskool in de ‘Moonscape series’: is dat om een verleden weg te werken? Zoals het apartheidsregime deed met de geschiedenis van Zuid-Afrika, maar misschien ook wat er met jezelf gebeurde na je vertrek uit Zuid-Afrika?

„Er is inderdaad een geschiedenis van whitewashing, schuurpapier maakt dingen glad. In Encyclopedia zitten dan ook historische elementen in die verder teruggaan dan Van Riebeeck, sporen die mensen al vroeg nalieten. Het houtskool verwijst naar het vuur dat ik als kind ’s ochtends aanmaakte. Zie Moonscape als een merkwaardig zelfportret, waaruit ook iets nieuws kan verschijnen. Het is misschien een beetje een obscure methode. Als je naar de restanten kijkt dan is het een pijnlijke situatie die blootlegt waar ik vandaan kom. Ik leg als het ware de bewijzen neer van mijn oorsprong. Maar zeg je nu dat ik mijn geschiedenis probeer uit te wissen?”

Moshekwa Langa, Legenda Series, 2022
Gert Jan van Rooij
Moshekwa Langa, Encyclopedia Series, 2020-2022
Gert Jan van Rooij
Moshekwa Langa, Moonscape Series, 2020-2022
Gert Jan van Rooij

Ik bedoel: schuurpapier maakt de dingen inderdaad glad, maar het is ook pijnlijk als je het stuk hout bent; of als je het over je eigen huid haalt.

„Dat is waar: schuurpapier over je huid is geen fijne ervaring, vuur bij je huid ook niet – het laat littekens achter. Maar het gaat verder dan de gewaarwording. Dit zijn elementen van een plaats delict. Je moet ermee verder leven, ermee omgaan omdat je niet anders kan.”

Kunnen legenda’s en encyclopedieën je ook helpen een bestemming te vinden?

„Je weet niet welke kant je opgaat. Ik heb geen idee of ik mijn bestemming vind. Mijn Zuid-Afrikaansheid heb ik kunnen behouden, tegelijkertijd zegt mijn familie als ik op bezoek kom dat ze alleen al aan mijn lichaamstaal kunnen zien dat ik er niet woon. Ik ben een gast geworden.”

En de dikke laag glimmende lak die over deze werken heen zit?

„Dat houdt alles vast, dat is een praktisch besluit. Het maakt alles coherent, het wekt ook de suggestie van stollen. Het is tegelijkertijd ook een esthetische keuze. Al mijn werk is trouwens esthetisch. Dat is logisch want ik leef op de plek waar ik werk, dus dan moet het wel mooi zijn. Ik word genoeg geconfronteerd met drama en geweld. Met mijn werk vraag ik me enerzijds af hoe ik een conversatie op gang kan brengen zonder al te grof te worden, maar ook: vind ik het mooi zoals het eruitziet? Het is een enorme puinhoop in mijn atelier. Laatst waren er koffiekringen op mijn werk gekomen. Mijn schoonmaakhulp kwam en die zei: mijn hemel, dit lijken wel ‘poepschilderijen’. Ik dacht: jij verwoordt wat ik denk en wat ik zie. Soms kun je door onverwachte dingen in je werk aangenaam verrast zijn.”

Een conversatie op gang brengen zonder grof te worden. Is dat ook wat je wilt met ‘Yours sincerely’, een enorme collage met allemaal verschillende ogen erin?

„Dat was toen, in 2004, een erg belangrijk werk voor me. Ik voelde me onzichtbaar en toch erg aanwezig. Iedereen ziet je, kijkt naar je, maar ze kijken ook langs je heen. Het werk gaat over de dingen die ik in Amsterdam meemaakte. Dat ik voortdurend op rare momenten werd gecontroleerd. Dat je in de trein de enige bent die eruit gepikt wordt, of dat een politieagent vlak voor je huis vraagt wat je in die buurt doet. Je vertelt die ervaringen aan anderen, maar niemand gelooft je en ze gooien het over de boeg van je jeugd onder apartheid. Op een gegeven moment stop je met te proberen te vertellen wat er is gebeurd, wat je hebt ervaren.

„Met de ogen beeld ik uit dat je telkens wordt bekeken, maar ook dat je zelf angstig bent. Er wordt van uitgegaan dat een agent die je ’s nacht volgt naar je eigen huis een privé-ervaring is, en dat je vooral geen problemen moet veroorzaken. Dankzij apartheid weet ik hoe ik me kan beschermen tegen zulke ervaringen, hoe ik me ertegen kan wapenen.

„Dit werk is het meest expliciete dat ik heb gemaakt. Ik kan alleen maar hopen dat het mensen de ogen opent. Kijk, in Zuid-Afrika was de vijand herkenbaar, was het probleem duidelijk. Hier niet, er wordt nergens over gepraat onder het mom van dat er niets aan de hand is omdat Nederland een geschiedenis van tolerantie heeft. Ik wilde het probleem op deze manier visualiseren.”

Zijn die ervaringen er ook als je ergens als kunstenaar staat?

„Ja, bijvoorbeeld op de Biënnale in Venetië. Mensen vragen me ‘hang je hier wat rond?’ in plaats van dat je wordt gezien als kunstenaar. Ik antwoord dan: ‘Nee, ik ben te zien op de hoofdtentoonstelling. En jij?’ Zulke conversaties heb ik vaak gehad. Je wordt geprofileerd, je wordt gezien, maar niet als deelnemer. Je moet een dikke huid ontwikkelen voor je eigen gezondheid.”

Moshekwa Langa, Yours Sincerely, 2004