Voor armere groepen kan de rekening nog steeds (snel) hoog oplopen

Zeven vragen over het energieprijsplafond In de noordelijke provincies en langs de grenzen wonen armere huishoudens vaker in grote woningen die veel energie nodig hebben. Voor hen kan de rekening nog steeds snel oplopen.

Een vrouw plaatst radiatorfolie bij een radiator om energie te besparen.
Een vrouw plaatst radiatorfolie bij een radiator om energie te besparen. Foto RAmon van Flymen/ANP

Met grote haast heeft het kabinet een noodplan in elkaar getimmerd voor de energierekening. Het plan voor een prijsplafond voor elektriciteit en gas dat huishoudens „rust en zekerheid” moet geven over hun energierekening, is nog niet tot in detail af. Toch wilde Rutte IV het op Prinsjesdag presenteren, vóór de Algemene Politieke Beschouwingen die deze woensdag beginnen. Want voorafgaand dit plan kon het kabinet daar rekenen op kritiek van oppositiepartijen dat het te weinig deed om geldproblemen bij gewone Nederlanders te voorkomen.

1 Wie gaat profiteren van het prijsplafond?

Goed nieuws: de meeste mensen die gas en elektriciteit afnemen, gaan profiteren van „het tijdelijke prijsplafond” dat het kabinet dinsdag bekend heeft gemaakt. De maximale prijs, voor een beperkte hoeveelheid energie, moet Nederlandse huishouden behoeden voor ernstige financiële problemen. Alleen mensen die nog een vast contract hebben met lagere energieprijzen dat nog tot na 2023 doorloopt, profiteren niet.

Zeker de helft van alle Nederlandse huishoudens, verwacht het kabinet, zal komend jaar – en in veel gevallen al vanaf 1 november – helemaal zijn beschermd tegen verdere prijsstijgingen. Voorwaarde is wel dat zij niet te veel energie gebruiken, want er zit een grens aan de hoeveelheid gas en stroom waarvan de prijs is gemaximeerd. Voor gas gaat het om 1.200 kubieke meter, voor elektra om 2.400 kilowattuur. Die begrenzing moet ervoor zorgen dat de overheidssteun niet tot verkwisting van energie leidt.

Volgens budgetinstituut Nibud wordt bij een gemiddelde tussenwoning 1.120 kubieke meter gas gebruikt, voor een flatwoning is dat 800, terwijl de verwarming van een hoekwoning 1.330 kubieke meter vergt. Met de volumegrens van 1.200 kubieke meter worden veel mensen geholpen, maar dat geldt mogelijk niet voor mensen die een tochtige huurwoning bezitten. Die moeten voor een deel van hun energierekening alsnog de hoge marktprijzen betalen.

2 Hoeveel geld levert deze maatregel een huishouden op?

Gemiddeld kost een kubieke meter gas, inclusief allerlei heffingen en belastingen, de consument nu ruim 3,50 euro. Het kabinet wil deze prijs terugbrengen tot 1,50 euro, al geldt dat alleen voor de genoemde 1.200 kubieke meter. Het verschil wordt bijgepast door de overheid. Als de gasprijs komende tijd verder daalt, kan het plafond mogelijk zelfs nog iets lager worden: 1,20 euro per kuub. Bij een dalende gasprijs hoeft de overheid immers minder bij te passen. Die ‘meevaller’ geeft het kabinet dan weer door aan consumenten.

Voor stroom komt het prijsplafond op 70 cent per kilowattuur. Dat is bijna 15 cent minder dan de prijs die energiebedrijven nu in rekening brengen. Bij de maximumprijzen is uitgegaan van het niveau van januari, dus voor de Russische inval in Oekraïne. Volgens het kabinet zorgen de plannen in totaal voor een subsidie van 2.280 euro per huishouden.

De energiebedrijven, die positief zijn over het plan, geven zelf aan dat er nog veel onduidelijkheden zijn die volgende maand of zelfs later moeten worden opgelost. „Energieleveranciers kunnen dus nog geen vragen beantwoorden over wat de exacte gevolgen zijn voor de energierekening van huishoudens”, schrijft branchevereniging Energie-Nederland namens bedrijven als Eneco, Essent en Vattenfall in een persbericht. Onduidelijk is ook of mensen die zijn aangesloten op een warmtenet of een warmtepomp hebben – en dus geen gas maar wel veel stroom gebruiken – extra worden gecompenseerd.

Die onduidelijkheden gelden ook voor de andere onderdelen van het steunprogramma die nog uitgewerkt moeten worden. Zo krijgen gemeenten extra middelen om mensen met geldzorgen snel hulp te bieden.

Duidelijk is wel dat met de komst van het prijsplafond de huidige belastingverlichting op energie – zoals minder btw – wordt beëindigd.

3 Worden de huishoudens die hulp het hardst nodig hebben hiermee goed geholpen?

Voor armere groepen kan de rekening toch nog steeds (snel) hoog oplopen. Het CBS telde hoeveel huishoudens zowel in de groep van de 25 procent laagste inkomens valt als in de groep van 50 procent grootste gasverbruikers. Het ging in 2018, het recentste meetpunt, om 8 procent van de huishoudens. Zij hebben doorgaans weinig spaargeld om te investeren in isolatie of zijn afhankelijk van een verhuurder. Als hun verbruik boven de grens ligt waarvoor de prijzen zijn gemaximeerd, moeten zij alsnog de hoge marktprijs betalen. Wel is het zo dat sociale minima ook komend jaar een energietoeslag krijgen van 1.300 euro. Dat was in de zomer al besloten, maar nu krijgen gemeenten de mogelijkheid om een deel van dat geld (500 euro) versneld, nog dit jaar, uit te keren.

De ‘energiearmoede’ is vooral te vinden in de noordelijke provincies en langs de grenzen van het land, zoals Twente, de Achterhoek, Limburg en Zeeuws-Vlaanderen. Daar wonen armere huishoudens vaker in grote woningen die veel energie nodig hebben. In bijvoorbeeld Pekela, Noordoost-Groningen, is 21 procent van de huishoudens arm, terwijl die ook veel gas verbruiken. In grote steden is energiearmoede een minder groot probleem: arme huishoudens wonen vaker in flats, waar het verbruik een stuk lager is.

4 Waarom kan een plafond nu wel?

Oppositiepartijen PvdA en GroenLinks bepleiten al langer een prijsplafond. Het kabinet had daar tot voor kort geen oren naar, maar voert het dus nu wel in. Volgens het kabinet is pas sinds een paar weken duidelijk dat zo’n plafond mag van de Europese Commissie, én dat energieleveranciers het ook kunnen uitvoeren. In andere Europese landen is wel al eerder zo’n plafond ingevoerd, bijvoorbeeld in Spanje.

Lees ook dit artikel: De EU wil hard ingrijpen op de energiemarkt: prijsplafond ligt op tafel

5 Hoeveel geld is er gemoeid met het plan?

Dat is nog niet duidelijk. „Het risico van prijsstijgingen” komt volgens minister Rob Jetten (D66, Klimaat en Energie) nu bij de overheid te liggen. Als de prijzen voor gas en elektriciteit verder stijgen, kost deze prijsgarantie voor huishoudens de overheid dus meer geld. Het kabinet schrapt de voorgenomen verlaging van de energiebelasting, die 5,4 miljard kostte. Maar dat bedrag is volgens Jetten „absoluut niet voldoende” om het plafond te betalen. Er komen nog vele miljarden euro’s bij. „Maar daar gaan we niet moeilijk over doen. We nemen als overheid nu alle risico’s over.”

6 Schieten bedrijven in nood hier ook iets mee op?

Niet heel veel. Het prijsplafond gaat vooralsnog alleen gelden voor huishoudens en voor een groep kleine bedrijven, die nu net als consumenten ook al geholpen worden met de btw-verlaging. Grote bedrijven zoals aluminiumproducenten en kunstmestfabrikanten, die eveneens zuchten onder de hoge energieprijzen, werden de afgelopen maanden niet financieel ondersteund door de overheid en dat blijft voorlopig zo.

Werknemersorganisaties VNO-NCW en MKB Nederland spreken van een „eerste stap”. Zij willen dat ook de iets grotere mkb-ondernemingen die het zwaar hebben steun krijgen, en dan met name de energie-intensieve. Want dat is „echt heel hard nodig, omdat bedrijven die we niet willen missen anders dreigen om te vallen”, aldus de belangenverenigingen in een gezamenlijke reactie. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om bakkers en tuinders. Het kabinet heeft dinsdag toegezegd dat ook voor deze groep hulp wordt opgetuigd, al moeten de details nog worden uitgewerkt. Er wordt samen met energieleveranciers momenteel gekeken naar een „specifieke subsidieregeling” voor mkb-bedrijven die veel energie gebruiken. Die toezegging is er gekomen na „hard aandringen” van de lobbyclubs, mailt een woordvoerder in een toelichting.

De verdere uitwerking wordt wel een „ingewikkelde zaak”, erkent hij. „Maar dat ze ermee aan de slag gaan, is echte winst.”

7 Kleven er ook nadelen aan het plan?

Een van de redenen waarom het kabinet zich eerder verzette tegen een prijsplafond, is dat het de prikkel om te besparen op verbruik van (fossiele) energie kan wegnemen. Terwijl het kabinet juist wil dat de energievoorziening ‘groener’ wordt, en de regering sinds de Russische invasie van Oekraïne ook af wil van de afhankelijkheid van Russische energie.

Door een prijsplafond in te stellen voor het eerste deel van het verbruik, wordt dat probleem een stuk minder. Maar het is niet weg, erkent het kabinet in een Kamerbrief die het dinsdag verstuurde. Een (substantieel) deel van de vraag naar gas zal zo blijven bestaan.

Het kabinet noemt ook een ander nadeel. Ook huishoudens die de hogere lasten in principe wel kunnen dragen, hebben profijt van het prijsplafond, schrijft minister Sigrid Kaag (Financiën, D66) in de Kamerbrief.