Aimy, Hadassa, Joanne en Roos van scholengemeenschap Guido in Arnhem

Foto Dieuwertje Bravenboer

‘Een paar dagen geleden voelde ik me goed, maar nu heb ik meteen alweer stress’

Geluk Piekeren, stress en prestatiedruk: vooral meisjes gaan er onder gebukt, bleek deze week. Herkenbaar? Nou en of, zeggen vier jonge meiden op een school in Arnhem.

Op de vierde schooldag na de zomervakantie slaat de stress al ongenadig toe. Aimy (15, havo 4), Joanne (15, havo 4), Hadassa (16, havo 5) en Roos (13, vmbo-t 3) zitten donderdagochtend naast elkaar in de kamer van directeur Janine van Drieënhuizen van scholengemeenschap Guido in Arnhem.

Aimy: „We moeten drie paragrafen voor wiskunde B afhebben, maar ik snap er niks van. Vanochtend werd ik wakker en ik was zó moe. Hoe ga ik dit het hele jaar volhouden?”

Hadassa: „Een paar dagen geleden voelde ik me goed, maar nu heb ik meteen alweer stress.”

„Je moet misschien een beetje wennen, zo net na de vakantie”, zegt Simone de Jong. Zij werkt sinds februari als schoolmaatschappelijk werker in deze school met ongeveer tweehonderd leerlingen verdeeld over havo en vmbo. Met zo’n twintig leerlingen voert De Jong geregeld gesprekken, en verreweg de meesten van hen zijn meisjes die gebukt gaan onder stress en depressieve gevoelens. Die soms zo zijn vastgelopen dat ze dagenlang niet naar school gaan.

Het handjevol jongens dat bij haar aanklopt, heeft last van andere dingen: agressieproblemen, gedoe thuis, autisme.

De Jong vroeg Aimy, Joanne, Hadassa en Roos of ze met NRC willen praten. We noemen alleen hun voornamen, omdat ze minderjarig zijn. De vraag is hoe zij hun leven ervaren. En of ze zich herkennen in de uitkomsten van het onderzoek naar het welzijn en de gezondheid van Nederlandse jongeren dat deze week naar buiten kwam. Dat laat zien dat het vooral met meisjes veel minder goed gaat dan vier jaar geleden, bij de laatste meting.

‘Ik merk aan vriendinnen dat ze heel onzeker zijn’

Joanne (15, havo 4) Foto Dieuwertje Bravenboer

En óf ze zich herkennen in het onderzoek, zeggen de meiden. Hadassa draagt een zwart bomberjack en een knopje in haar neus. Ze is „best wel perfectionistisch” en vorig schooljaar ging het mis. Ze voelde zich zo lusteloos en lamgeslagen dat ze twee weken thuis bleef. „Alles was te veel. Alle prikkels kwamen keihard binnen.” Tijdens het eten zat ze soms met oortjes in aan tafel, om zich af te sluiten van de geluiden van haar etende ouders. De diagnose, na gesprekken met de praktijkondersteuner van de huisarts en met Simone de Jong: stress. „Het was heel kut. Simone en mijn vader hielpen met tips en door lijstjes te maken van welke cijfers ik moest halen om over te gaan. Dat gaf lucht.”

Aimy heeft adhd. Ze gebruikt sinds groep drie van de basisschool medicatie, maar soms periodes niet, omdat ze er minder vrolijk van wordt. Aimy draagt een grijze capuchontrui en heeft zwartomlijnde ogen. Ook zij bleef vorig jaar even thuis omdat het te zwaar was om naar school te gaan en „alles te veel” was. Ze voelde zich „een beetje depressief.

Roos was vooral vorig schooljaar heel erg onzeker, zegt ze. Iemand in haar klas zei dat ze er lelijk uitzag. Dat kwam hard aan. „Maar nu besef ik dat ik me daar niks van aan moet trekken.”

Joanne, golvend bruin haar, is soms wel gespannen door school, maar het gaat best goed met haar. Dat ze stress heeft, komt vooral door haar dyslexie. Ze heeft als enige van de vier niet de hulp ingeroepen van Simone.

De school herkent het beeld van gespannen en mentaal wankele jongeren, zegt Janine van Drieënhuizen, die ter voorbereiding van het gesprek met NRC informeerde bij haar team. Veel leerlingen hebben last van stress of mentale problemen, hoorde zij terug.

En het zijn ook hier de meisjes die eruit springen. Simone de Jong vermoedt dat de coronatijd, toen leerlingen vanuit huis werkten en relatief weinig aan school hoefden te doen, eraan bijdraagt dat „huiswerk en de gang naar school” nu veel van ze vergt. „Maar eerlijk gezegd zijn er weinig leerlingen die dat zelf als reden aandragen. Die hebben het súperdruk en willen alles heel goed doen. Ze willen perfect zijn.”

Waarom gaat het met jongens beter – of ten minste minder slecht? „Het is onder jongens juist cool om níét uit te blinken”, merkt De Jong. „Easy going; niet te veel je best doen.” Meisjes, zegt ze, vinden het over het algemeen heel belangrijk om goed te presteren. Hardop denkend: „Hun moeders zijn van de eerste generatie vrouwen voor wie het heel normaal is om veel te werken.” Tegelijkertijd werd van die generatie moeders ook nog verwacht dat ze het gezin draaiende houden. Misschien, denkt De Jong, is dat wat hun dochters ook voelen: dat ze alles moeten kunnen. Maar, nuanceren de leerlingen, het kan ook gewoon dat jongens minder over hun problemen praten.

Roos (13, vmbo-t 3) Foto Dieuwertje Bravenboer

‘Op sociale media zijn alle meisjes heel mooi. En dan ga je vergelijken’

Perfecte meisjes

Het perfecte meisje, zegt directeur Van Drieënhuizen, ziet er goed uit, haalt hoge cijfers en blinkt bij voorkeur ook nog eens uit in iets anders, in zingen bijvoorbeeld. Roos zit op kunstschaatsen waarvoor ze een paar keer per week van Arnhem naar Nijmegen reist én wast af in een restaurant. Aimy gaat vier keer per week naar synchroonzwemmen, dat ze op hoog niveau doet. Dat is leuk, maar het is ook „heel moeilijk en de andere meiden zijn allemaal heel erg goed.” „Alléén maar school geeft me geen levenslust”, zegt Joanne, die doordeweeks tennist, en zeilt in het weekend. Wat doet Hadassa in haar vrije tijd? „Ik heb alleen een bijbaantje in de supermarkt”, zegt ze bijna verontschuldigend. Ze staat twee dagen na school nog vijf uur op de broodafdeling van de Albert Heijn. Andere avonden werkt ze aan haar portfolio voor de kunstopleiding waar ze na de havo naartoe wil, of spreekt ze af met vrienden. „Jij hebt ontzettend veel vrienden”, zegt Simone de Jong. Hadassa werkte eerder een poosje op de markt, maar toen hoorde ze ’s avonds in bed nog steeds alle geluiden. „Alsof ik er nog stond.” In die tijd had ze een pasje voor een kamer in het souterrain van de school, waar leerlingen tot rust kunnen komen.

In de gesprekken die Simone de Jong met leerlingen voert, gaat het aanvankelijk vooral over de druk die leerlingen door school ervaren, maar daarna blijkt vaak dat de rest van hun leven ook overvol is. De Jong probeert de leerlingen in te laten zien dat ze op die gebieden ook gas terug kunnen nemen. „Maar het is voor leerlingen makkelijker om te vragen of de toetsen even niet hoeven.”

‘Vanochtend werd ik wakker en ik was zó moe. Hoe ga ik dit het hele jaar volhouden?’

Aimy (15, havo 4) Foto Dieuwertje Bravenboer

Onzeker

Sociale media doen het mentale welzijn geen goed, zien De Jong en Van Drieënhuizen, en dat blijkt ook uit wat deze meisjes zeggen. Vooral Roos voelt, aangewakkerd door TikTok en Instagram, de druk om er goed uit te zien. „Alle meisjes daar zijn heel mooi: gladde huid, perfecte neus, volle lippen. En dan ga je vergelijken.”

Joanne knikt invoelend. „Ik merk aan vriendinnen dat ze heel onzeker zijn. Aimy eet soms niks. Dan denk ik: wát, hoezo? Je bent zo mooi!”

Hadassa is minder onzeker. „Ik luister hier echt met verbazing naar.” Op sociale media volgt ze vooral „selfcare-dingen en feministische accounts” die een diverser beeld van vrouwen laten zien. „Misschien heb ik daarom zelf niet echt het gevoel dat ik ergens aan moet voldoen.”

Sociale media vreten aan de eigenwaarde, maar ook aan het concentratievermogen, waardoor huiswerk maken lastiger is geworden, zien de directeur en haar collega’s. Schoolwerk moet vaak op de computer maar daar zijn ook al die andere verleidingen in een muisklik te vinden.

Aimy werd een dag geleden tot negen uur ’s avonds door sociale media opgeslokt, waardoor ze niet aan huiswerk toekwam.

Ouders zitten er bovenop, merken de docenten van het Guido. Van Drieënhuizen: „Ze zijn ‘pusheriger’ dan vroeger. Ze zien via Magister alle prestaties van hun kind.” Hun bemoeienis heeft weerslag op de leerlingen, denkt van Drieënhuizen, die ook ziet dat ouders het vaak moeilijk accepteren als hun kind geen hoge cijfers haalt, of beter naar het mbo kan gaan. „Dat is te laag in hun ogen.”

In het deze week verschenen onderzoek geven meisjes hun leven gemiddeld een 6,7. In 2017 was dat nog een 7,3. Welk cijfer geven de leerlingen van het Guido zichzelf? Joanne geeft haar leven „wel een voldoende”, Hadassa het hare een 5. „School is begonnen en de stress is gelijk terug. Ik ben bang dat het weer misgaat.”

„Voor de zomer had ik m’n leven een drie of een vier gegeven”, zegt Aimy. „Nu kruipt het richting een zes.” Haar leven voelt „sad”, zegt ze. „Elke dag kom ik thuis en moet ik meteen weer verder met school.” „Weet je”, zegt Hadassa, „ik vind school best wel leuk. Toen ik de nieuwe boeken kreeg, dacht ik: dit mag ik allemaal gaan leren dit jaar.” Joanne: „Het concept school is leuk, maar de werkelijkheid geeft zoveel stress.”

Hadassa (16, havo 5) Foto Dieuwertje Bravenboer

‘Alles was te veel. Alle prikkels kwamen keihard binnen’