Opinie

Niet elk verwaarloosd probleem is een crisis

Stikstof, asiel, wonen: het stempel ‘crisis’ leidt tot blikvernauwing en centralistisch bestuur, schrijven en .

Het vorige parlementaire jaar eindigde met debatten over crises. In de zomer beheersten vermeende crises twee maanden lang het nieuws. En we vrezen dat dit bij het begin van een nieuw parlementair jaar niet ophoudt.

Overstelpen crises ons land? Je zou het haast gaan geloven: afgelopen jaren zijn de woorden corona, stikstof, asielopvang, klimaat, woning en vluchtelingen al veelvuldig gekoppeld aan dat woord. Een nuchtere blik leert dat in veel gevallen geen sprake is van een crisis.

Het probleem is dat crises en een nuchtere blik moeilijk samengaan. Wanneer alle grote opgaven als crisis worden beschouwd, volgt er een centralistische aanpak met besluitvorming in kleine kring. Een crisis vraagt om snel handelen en dan verliest draagvlak het altijd van daadkracht. Een onverwachts probleem moet nu worden opgelost omdat anders een gevaarlijke, onhoudbare situatie ontstaat. Centraal en onder hoge druk beslissingen nemen leidt echter tot blikvernauwing waarbij goede en kansrijke oplossingen over het hoofd worden gezien.

Dat is precies wat nu gebeurt. We weten al decennialang dat de overmatige uitstoot van stikstof een groot probleem is. Jaar na jaar is de kans om daar weloverwogen en in overleg met de betrokkenen een duurzame oplossing voor te vinden niet gegrepen. Nu wordt stikstof als crisis gepercipieerd en kwam het kabinet te eenzijdig met van bovenaf afgekondigde crisismaatregelen.

In een recent advies noemden de Adviescommissie Vreemdelingenzaken en de Raad voor het Openbaar Bestuur de beschamende situatie in Ter Apel een zelf gecreëerde crisis. De toestroom van vluchtelingen naar ons land is deze zomer nauwelijks hoger dan een jaar geleden. De opvang loopt vast omdat de politiek ad-hocbeleid voert: de gemeente die eerder zijn opvanglocatie moest sluiten omdat er bedden onbezet bleven, moet nu weer op zoek naar een opvanglocatie. Door van een crisis te spreken wordt bovendien van de situatie misbruik gemaakt om fundamentele internationale afspraken buiten haken te zetten en gezinshereniging te vertragen.

Het zijn maar twee voorbeelden. Maar ook voor de vermeende woningcrisis en klimaatcrisis geldt dat die niet het predicaat ‘crisis’ maar veeleer het stempel ‘verwaarloosd probleem’ verdienen. De huidige crisisinflatie heeft een zichzelf versterkend effect. We hebben minder oog voor andere belangrijke vraagstukken die ook om inzet, aandacht en maatregelen vragen. Een probleem komt alleen nog op de politieke agenda door het als crisis te positioneren. Als dat niet lukt, wordt het voorlopig van de agenda afgevoerd. Totdat het eigenlijk te laat is voor goed en weloverwogen beleid en het alsnog tot crisis kan worden gebombardeerd.

Lees ook: De grote versnelling: hoe de ene crisis de volgende aanjaagt

De gevolgen van het crisisdiscours komen dagelijks tot ons in de berichtgeving: oververhitte politieke debatten, overwerkte politici en bestuurders, een overgevoelige samenleving en overspannen departementen. Niemand gunt elkaar en zichzelf nog de tijd om vraagstukken gezamenlijk te analyseren, te leren en verder te kijken dan het probleem van vandaag. Al het werk had eigenlijk al gisteren af moeten zijn.

Wat we nu crises noemen, zijn meestal niets minder dan reguliere langlopende opgaven. De coronapandemie was in het voorjaar van 2020 een onvervalste crisis. De temperatuur van het politieke en maatschappelijke debat zou aangenaam afkoelen als we het etiket ‘crisis’ bewaren voor dergelijke noodsituaties die ons overvallen en onmiddellijk ingrijpen vereisen.

Geen misverstand: het klimaat, stikstof, de vastgelopen woningmarkt en de opvang van asielzoekers zijn belangrijke en urgente beleidsopgaven. Maar door ze als crisis te bestempelen, ontnemen we onszelf de kans om voor deze grote vraagstukken de beste én blijvende oplossingen te vinden.