Opinie

Wie is níet bang in de Haagse leeuwenkuil?

Petra de Koning

Minister van Landbouw Henk Staghouwer trad maandag af, vorige week, en vier dagen later is de laatste avond van de ‘ChristenUnie Zomertour’. Bij de ingang van restaurant De Tuin van de Smid, in een park in Leiden, wroeten varkens in de modder. Het zaaltje waar zo’n 130 ChristenUnieleden bij elkaar komen is naast een hooiberg en bij de deur staat niet minister voor Armoedebestrijding Carola Schouten, zoals de bedoeling was, maar staatssecretaris van VWS Maarten van Ooijen. Schouten doet Landbouw er nu bij, ze had geen tijd.

In Utrecht, waar Van Ooijen (32) wethouder was, omschreven collega’s van andere partijen hem als „de ideale schoonzoon”: vriendelijk en rustig, slim. In de ChristenUnie wordt hij gezien als mogelijke opvolger van Gert-Jan Segers, die volgens mensen die hem goed kennen niet nóg eens lijsttrekker wil worden. Van Ooijen zucht als ik vraag naar Staghouwer. Dat er nooit eerder een bewindspersoon van de ChristenUnie is opgestapt, had ik zelf nog niet bedacht. Van Ooijen wel. Al toen hij was gevraagd voor het kabinet. „Ik dacht: misschien ben ík wel de eerste.”

Er zijn niet veel ministers of staatssecretarissen die zoiets zouden zeggen. Maar Van Ooijen denkt dat ze allemaal bang zijn – hoe weet je of je je staande houdt in de harde Haagse politiek? „Voor je het weet, eten de leeuwen je op.”

Van acht tot negen mag de zaal vragen stellen aan Van Ooijen en Tweede Kamerlid Don Ceder, en niemand begint over Staghouwer. Er is er ook maar één, aan het eind, die zegt dat hij zich „kapot schaamt” over de asielopvang. VVD, D66, CDA en ChristenUnie maakten er nieuwe afspraken over, waardoor erkende vluchtelingen hun familie minder snel naar Nederland kunnen laten komen. Een groep CU-leden dwong daarna met 250 handtekeningen een extra ledenvergadering af.

Door die vergadering, op 1 oktober, gaan de twee Zomertour-avonden die nog gepland stonden, in Breda en Stadskanaal, niet door. De partij heeft te weinig mensen om drie bijeenkomsten te organiseren. Na de avond in Leiden denk ik: wat zouden de leden in Breda en Stadskanaal liever hebben gehad? In De Tuin van de Smid stonden twee politici die álles wisten over de asieldeal van Rutte IV: Van Ooijen had erover onderhandeld, Don Ceder gaat in de Tweede Kamer over asiel en migratie. Maar de zaal had vooral vragen over armoede en onderwijs.

Wie het hardst roept, krijgt aandacht. Ook in Leiden. Als de CU-leden nog één op één met Van Ooijen kunnen praten, drie minuten, zegt Jannette Prins van het ‘Politiek Vrouwen Overleg’ (van VVD, D66, CDA, GroenLinks, PvdA en ChristenUnie), dat in de zaal alleen mannen het woord hadden gekregen. „Er waren ook vrouwen met vragen.” Iemand van de organisatie loopt langs en zet de timer opnieuw op drie minuten, in de rij reageren de mannen geïrriteerd. Jannette Prins lacht naar Van Ooijen. „Ik ga mijn tijd met jou hélemaal opmaken.”

Petra de Koning (p.dekoning@nrc.nl; @pdekoning) schrijft elke dinsdag op deze plek een column.