Ombudsman: jongeren met beperking lopen veel risico op financiële problemen

Wajong De jongeren komen in de problemen door te ingewikkelde wetten en regels, en zeggen zich vooral gehinderd te voelen door de overheid. „Dat is niet eerlijk”, schrijft de ombudsman.
Gehandicapte jongeren krijgen minder administratieve hulp vanuit hun omgeving dan de overheid denkt, schrijft de ombudsman.
Gehandicapte jongeren krijgen minder administratieve hulp vanuit hun omgeving dan de overheid denkt, schrijft de ombudsman. Foto via Getty Images

Jongeren met een beperking lopen veel risico op financiële problemen en dat heeft vooral te maken met de ingewikkelde wetten en regels, concludeert de Nationale Ombudsman Reinier van Zutphen in een rapport dat dinsdag verscheen. De jongeren zeggen dat ze zich gehinderd voelen door de overheid. „Dat is niet eerlijk”, schrijft Van Zutphen, „wetten en regels moeten jongeren helpen, niet in de weg zitten”.

De overheid gaat er volgens de ombudsman onterecht vanuit dat jongeren met een beperking financieel zelfstandig kunnen zijn op het moment dat ze achttien worden. De herziening van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (Wajong) en de invoering van de Participatiewet in 2015 hebben het voor hen moeilijker gemaakt om hun eigen financiën te regelen – ze ervaren grote administratieve lasten. Ook overheidsorganisaties hebben problemen met het uitvoeren van de ingewikkeldere regels. Jonge mensen met een beperking krijgen minder hulp vanuit hun omgeving dan waar de overheid vanuit gaat.

Daar komt bij dat ze vaak weinig toekomstperspectief hebben en dat werken voor hen door de huidige wetten niet loont: als ze te veel verdienen met werk, wordt hun uitkering vaak zodanig gekort dat ze op hetzelfde of een lager maandbedrag uitkomen. Uit de Monitor Arbeidsparticipatie Arbeidsbeperkten van 2021 bleek dat het UWV in 2019 voor het eerst een afname van het aantal werkende Wajongers registreerde.

De ombudsman vraagt de overheid jongeren met een beperking proactief en vóór hun achttiende verjaardag te informeren over hoe zij hun eigen financiën moeten regelen en in betere persoonlijke begeleiding te voorzien. Daarnaast zou de overheid ervoor moeten zorgen dat werken altijd van toegevoegde waarde is, ook in deeltijd, schrijft Van Zutphen. De zelfredzaamheid van deze groep, waar de overheid vanuit gaat, is volgens hem „een illusie”.