Opinie

De man is overbodig – en dat weet hij

De man Middelbare mannen die hopen te oogsten, ontdekken vaak dat het zaaien weinig heeft opgeleverd. Wees dan ook eerlijk tegen jezelf en je naasten, schrijft .

Het is oorlog, de koning beveelt de mannen te vechten, dus de man staat op, trekt zijn jas aan, loopt naar de gang en zegt tegen zijn vrouw: „Ik trek ten strijde. Ik hoop jullie weer te zien, maar ik durf het niet te beloven.” De vrouw huilt, trekt aan zijn jas en zegt: „Blijf toch. Denk aan ons!” De man krabt achter zijn oren, trekt zijn jas weer uit, en zegt: „Je hebt gelijk ook. De koning kan me wat.” Hij wil haar omhelzen, maar de vrouw deinst terug. Is dit een echte man, denkt ze.

In de Tweede Wereldoorlog kwamen 5,5 miljoen Duitse en 10,7 miljoen Russische soldaten om. Iets verder terug, kwamen in de Eerste Wereldoorlog in totaal ruim 8,6 miljoen soldaten om. En zo waren er nog honderden oorlogen die vele miljoenen soldatenlevens eisten, en ik vermoed dat dat voor minstens 95 procent mannen waren. Die daar niet per se voor gekozen hadden. Dat hadden de generaals – mannen – voor ze gedaan.

Als je als jongen volwassen werd, moest je maar net het geluk hebben dat jouw land niet in oorlog was. Voor hetzelfde geld werd in je in 1916, Nieuw-Zeeland, ingescheept op de Port Lyttelton, om na een reis van maanden, een dag na aankomst, bij de Somme doorzeefd te worden door de Duitse infanterie. Of je zat, de pubersnor amper ontloken, in 1943 met het Rode Leger vast in Stalingrad met de keuze te sterven door kogels achter je of kogels voor je.

Door naar het hier en nu. We dachten er vanaf te zijn, maar dankzij Vladimir Poetin worden Oekraïense mannen die naar Nederland zijn gevlucht soms met de nek aangekeken. Moeten zij hun land niet verdedigen? Of, niet zo heel lang geleden, toen IS huishield in Syrië en Irak, zetten ze bij binnenkomst eerst alle mannen vanaf een jaar of 14 in vrachtwagens en reden ze daarna het dorp uit, om hun een kogel door het hoofd te jagen. Zo, geen last meer van de mannen, aldus de andere mannen.

Een mannenleven is, zo kunnen we wel stellen, minder waard dan een vrouwenleven. Zelfs in de Nederlandse wet stond tot een paar jaar geleden dat mannen wel onder de dienstplicht vielen, dus kunnen sterven voor koning en vaderland, en vrouwen niet. Dat is aangepast, maar wetten volgen de cultuur en cultuur verandert niet zo snel. Zeker niet als de cultuur vrijwel direct volgt uit de natuur.

Buiten die oorlogen slokten natuurlijk ook nog de mijnen, de fabrieken, de bouw en meer mannen op. Sowieso het huis en gezin uit, regelmatig een vroege dood in, al dan niet bespoedigd door een van de vele varianten van zelfvernietiging die ons ten dienste staan.

Voortplanten

Het is ook niets om je boos over te maken: een man, of een mannetjes-zoogdier, is biologisch gezien nu eenmaal minder nuttig dan het vrouwtje. Als het enige doel voortplanten zou zijn, tenminste. Je hebt er maar een paar nodig, die dan misschien wel de tijd van hun leven hebben (zo is de biologie dan ook wel weer), om een gemeenschap te laten bestaan.

De man weet dat: hij is, ten diepste, overbodig. Maar hij is ook een mens, hij denkt dus hij bestaat in het hier en nu, en hij wil op z’n minst overleven. Maar hij wil ook gezien worden, aangeraakt en geliefd, ertoe doen en – weer ten diepste – onsterfelijk zijn. Voortleven.

Maar ja: geen baarmoeder. En ook geen lichaam dat maandelijks duidelijk maakt dat hij stil te staan heeft en dat hem leert omgaan met verlies, zoals een vrouw haar eicel kan verliezen. Geen ontwikkeling van borsten, waardoor hij gedwongen wordt zich te verhouden tot de ogen – en meer – van anderen. Geen overgang, waar een lichaam een vrouw, opnieuw, duidelijk maakt in welke fase ze zit. Nooit de ervaring van het dragen van een ongeboren vrucht. Weinig mannen zullen er jaloers op zijn, maar het is interessant om te bedenken dat de man zo ook iets onthouden wordt.

Kortom, mocht u zich afvragen waarom mannen doen wat ze doen (en waarom dat soms fantastisch is en soms verschrikkelijk): de man handelt vanuit onmacht. Hij weet zijn overbodigheid, hij weet dat hij het mens-zijn zelf uit te zoeken heeft en zijn lichaam hem daar niet bij helpt. En vanuit die onmacht beweegt de man naar macht, altijd weer. Dat noem ik: de eerste polariteit van de man.

Maar al te vaak ten koste van de vrijheid van vrouwen. Kort door de bocht: de vrouw verliest haar vrijheid, de man verliest zijn leven.

Lees ook: De man heeft wel degelijk nut

Rijbewijs

Om deze polariteiten te temperen verzonnen gemeenschappen betekenisvolle rituelen zoals ontgroeningen, het memoreren van heilige teksten, in zekere zin ook het leger en het halen van het rijbewijs, waarmee de jongens in ieder geval wisten dat ze geen jongens meer waren. Maar mannen, die de macht, of de vrijheid, toekwam.

In de polariteit toonden zich onsterfelijke kunstenaars en inventieve ondernemers, grensverleggende sporters en onversaagde avonturiers, maar ook wrede generaals en terroristen. Allemaal op zoek naar onsterfelijkheid. Waarbij een geschat vermogen van 200 miljard dollar, zoals de eerder genoemde Poetin wordt toegeschreven, blijkbaar nog niet genoeg is om zich man genoeg te voelen. Dat gebeurt, vrees ik, pas als wij allen hem uitroepen tot hoogste leider van de vrije wereld.

Want dat is het probleem met de polariteit onmacht – macht en sterfelijkheid – onsterfelijkheid. Wanneer is het genoeg? Of ben je er al als je de sterfelijkheid hebt uitgedaagd? Dat verklaart misschien waarom zoveel mannen in de Eerste Wereldoorlog vrijwillig de bajonetten oppakten en uit de loopgraven sprongen, en waarom die gastjes van de mocro mafia een zeer kort leven als aanvaardbaar risico zien, voor een Rolex om de pols en in een Lamborghini de ring A10 op.

Bij vrouwen, vermoed ik, zijn de polariteiten minder extreem: die kunnen beter pas op de plaats maken, in het hier en nu. Niet alleen door de cycli van hun lichaam, maar ook omdat ze beter dan mannen weten dat ze het niet alleen kunnen en hoeven, dat het ‘zijn’ minstens zo belangrijk als het ‘doen’.

Lees ook: Maar hoe moet het dan wel, als (witte) man?

Toegewijde vader

Vaak zien we dat de man die rond middelbare leeftijd hoopte te oogsten, ontdekt dat het zaaien hem weinig heeft opgeleverd. Dat hij aan de rollen die hij dacht te moeten spelen (toegewijde vader, trouwe partner, ijverige werknemer, loyale zoon, attente buurman) weinig heeft overgehouden. Een leegte, toch weer onmacht. Niet voor niets zijn mannen tussen de 40 en 70 de grootste risicogroep voor suïcide – en wat fijn dat 113 Suïcidepreventie net subsidie heeft gekregen om met die groep aan de slag te gaan, aan de vooravond van Wereld Preventie Suïcide dag, op 10 september.

Ik ben een broer in deze categorie, vader van drie zonen, standaardantwoord ‘goedgoed’, aan zelfdoding verloren en ik sprak en spreek regelmatig nabestaanden of bekenden van dit soort mannen. Die onmachtig bleken, niet hadden geleerd met emoties om te gaan, en waarbij de angst en het verdriet als woede naar binnen klapten.

Mannen hebben hierin nog een lange weg te gaan, maar een voordeel bij dit nadeel is dat onze aarde het patriarchaat, en daarmee het kapitalisme in de oude vorm, niet lang meer verdraagt. Want die polariteit van onmacht naar macht heeft vooral tot economische macht, aandeelhoudersmacht geleid. Immers: wie geld heeft, kan onsterfelijkheid kopen. Maar dat gaat dus niet meer.

Liever vandaag dan morgen staan mannen – te beginnen die tussen de 40 en 70 jaar – stil bij de polariteit en proberen ze er uit te stappen. Niet te denken: waar heb ik recht op, of hoe kan ik zoveel mogelijk, of wat verwachten ze van me? Maar in het hier en nu pas op de plaats te maken bij hun ware behoeftes en verlangens. Gezonde autonomie te vinden door volstrekt eerlijk tegen zichzelf en naasten te zijn, hoe pijnlijk dat misschien ook is. Dat is niet egoïstisch, dat is sterk.

Als mannen oprecht van zichzelf houden, daar geen idioot gedrag voor nodig hebben, kunnen we af van dat patriarchaat – en daarmee van het kapitalisme, en daarmee hopelijk van de klimaatcrisis. En van de man die ten strijde moet, om aan de vrouw te bewijzen dat hij er toe doet.

Praten over zelfdoding kan bij de landelijke hulplijn 113 Zelfmoordpreventie. Telefoon 0800-0113 of www.113.nl