Alle folders doorkijken voor de goedkoopste A-merken

„Samen met mijn dochter bekijk ik alle folders. Ik haal de boodschappen waar ze het goedkoopste zijn. Ik stel geen hoge eisen, maar ik wil bijvoorbeeld Blue Band op mijn brood. Dus als die bij de Lidl goedkoper is, of bij de Albert Heijn in de aanbieding, dan ga ik daarheen.

„Ik drink geen alcohol, maar ik hou wel van een colaatje. Dat moet dan Coca-Cola zijn, die vind ik het lekkerst. Dat zijn mijn verwendingen. Dus daar rij ik dan graag voor om.

„Ik heb een hondje. Net voor de coronacrisis kreeg ik hem. Ik ben er verliefd op. Zijn eten kost niet veel, ’s avonds krijgt hij een bakje hondenpaté van de Albert Heijn. En ik heb een grote zak brokken zonder gluten, want daar is hij allergisch voor. De brokken koop ik samen met mijn dochter, die heeft ook een hondje.

Hij krijgt af en toe een hondenkoekje. Dat zijn van die sticks, er zitten er vijf in een pakje. Bij de Jumbo kost zo’n pakje 3 euro en 8 cent. Laatst zag ik ze bij de Action voor 2 euro 17. Dus daar heb ik een voorraadje ingeslagen.

„Ik vind dat alles enorm duur wordt. Ik schrik me soms dood. Ik wilde een blikje met zalm halen. Het kostte 5,38 bij de Albert Heijn. Voor een zak geraspte kaas vroegen ze bij de Jumbo 5,50 euro. Die dingen laat ik dan liggen.

„Ik hou nogal van frutseltjes. Kaarsjes of zo, die je huis gezellig maken. Die koop ik niet zomaar meer. Eerst vraag ik mezelf: heb ik het nodig? Is het antwoord ‘nee’, dan laat ik het staan. Want je kunt wel denken: o, het kost maar een eurootje – al die spullen van een eurootje zijn bij elkaar een hoop eurootjes en bij de kassa krijg je een hartverzakking.

„Ik ga niet naar de stad om kleding te kopen. Te vaak koop je iets en laat je het in de kast hangen. Ik struin wel soms rommelmarktjes af met een vriendin. Laatst kocht ik daar nog een merkbroek voor een tientje.

„Ik heb altijd in Rotterdam gewoond, maar sinds een paar jaar woon ik in ’s-Gravendeel. Ik werk nog wel in Rotterdam. In de horeca. Ik heb mijn hele leven in de horeca gewerkt. Mijn ouders hadden een café. Toen ik zestien was, viel ik al af en toe voor mijn ma in. Ik ben het gewend en ik blijf dat doen. Ik kan ervan rondkomen, dat lukt nog wel.

„Ik geef maandelijks 400 euro uit aan sigaretten. Als ik zou stoppen, zou ik na een jaar een nieuwe keuken kunnen kopen van dat bedrag. Maar ik vind stoppen lastig. Het is zo heerlijk, op de bank met een kop koffie en een peuk. Ik drink geen alcohol, ik ga nauwelijks uit eten in restaurants. Dan denk ik: als ze dit van me afpakken, wat hou ik dan over?

Wat kan je zelf doen om geld te besparen? In de Grote Bespaargids zetten we op een rij hoe je niet meer uitgeeft dan nodig.