Recensie

Recensie Muziek

Violist Niek Baar speelt met een tijdloze warmte

Sommige vioolstukken doen meteen denken aan de eerste helft van de twintigste eeuw, een bloeitijd waarin twee grootmeesters van het instrument er bovenuit torenden: Jascha Heifetz en Fritz Kreisler. Hun spel echoot nog altijd na. Veel violisten maken eerst een Heifetz-periode door met een nadruk op zilverachtig virtuoos spel, voordat ze ten slotte toch op zoek gaan naar de warme, gouden klank die Kreisler kenmerkte.

De 31-jarige Niek Baar is op zijn debuutalbum Obsession duidelijk beland in zijn Kreisler-fase met prachtige lange zanglijnen. Zelfs de snelle en complexe passages in Ravels Tzigane krijgen in de handen van Baar iets diepzinnigs en mystieks. Techniek staat bij hem nooit op zichzelf, maar blijft dienstbaar aan zeggingskracht. Het Concertgebouw Chamber Orchestra begrijpt precies waar hij heen wil, en ondersteunt hem in zijn vertelkracht, die iets van tijdloosheid ademt. Bij blinde beluistering van dit album zou je kunnen denken dat hier een violist uit vroegere glorietijden aan het woord is. Mooi.