Letterkundige Aafje de Roest: „Door hiphop kunnen jongeren leeshonger krijgen”.

Foto Lars van den Brink

Interview

‘In hiphop zitten metaforen, intertekstuele verwijzingen, woordspelingen, neologismen’

Aafje de Roest Letterkundige

Hiphopteksten bespreken tijdens de literatuurles, volgens letterkundige Aafje de Roest kan dat jongeren die niet meer lezen uitdagen om tóch een boek op te pakken.

Een leescrisis woekert door Nederland. Het PISA-onderzoek, een vergelijkend onderzoek in 77 landen naar onderwijsprestaties, toont aan dat bijna een kwart van de vijftienjarigen zo slecht leest, dat ze het risico lopen laaggeletterd de school te verlaten. Nergens is het leesplezier zo laag als hier: bijna de helft van de 15-jarigen vindt lezen tijdverspilling. Beleidsmakers, docenten en academici proberen een inhaalslag te maken: met nieuwe manieren van literatuuronderwijs willen ze jongeren weer aan het lezen krijgen. Een van hen is letterkundige Aafje de Roest.

De Roest promoveert op een door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek gefinancierd onderzoek naar culturele identiteitsvorming in hedendaagse Nederlandse hiphop. De Roest pleit ervoor dat songteksten, en juist ook hiphopnummers, thuis horen in het literatuuronderwijs.

Waarom moet hiphop als literair genre gerekend worden?

„Hiphop is een orale overdrachtsvorm waar veel narratieve én poëtische technieken in zitten. Het genre kent veel overeenkomst met romans: er wordt een belevingswereld geschetst, maar ook wordt er gespeeld met taal. In hiphopteksten zitten metaforen, intertekstuele verwijzingen, woordspelingen en neologismen.”

En waarom is hiphopmuziek geschikt voor het literatuuronderwijs?

„Jongeren zijn continu in aanraking met hiphop, het is het meest beluisterde muziekgenre in Nederland. Doordat de teksten in een muziekvorm zijn gegoten, zijn ze makkelijk te consumeren. In het onderwijs is er de mogelijkheid om deze teksten te vergelijken.

„Neem de Libris Literatuurprijs-winnende roman Wees onzichtbaar van Murat Isik uit 2017. Het verhaal over de Turkse Metin die in de Bijlmermeer van 1983 opgroeit, kan in thematiek verbonden worden aan een nummer als ‘Tonnop’ van hiphopcollectief Smib – omgekeerd Bims, een bijnaam voor de Bijlmer – over de haat-liefdeverhouding met de wijk. Een ik-persoon spreekt in beide verhalen over een door anderen verguisde plek waarin zij opgroeien. Wat biedt de vorm van een roman ten opzichte van een hiphoptekst en andersom? Dat is materiaal voor in de klas.”

Veelgehoorde kritiek is dat de hiphop te grof zou zijn. Vormt dat een probleem?

„Ik probeer niet over problematische kanten van hiphop heen te stappen. Maar jongeren komen met dit soort grove teksten in aanmerking, of je nou wil of niet. Hiphop is een spiegel van de samenleving en ontsnapt niet aan maatschappelijke problemen. Die kun je volgens mij beter bespreekbaar maken op school. In een les kan de docent kijken naar wat teksten voor reactie oproepen. Waarom is taalgebruik soms schokkend? Grof taalgebruik kan een manier van aandacht trekken zijn, als stijlmiddel. Dat gebeurt overigens niet alleen in hiphop. Het is dan ook hypocriet om dit muziekgenre te weren vanwege grof taalgebruik en het werk van Herman Brusselmans niet. In plaats daarvan moet je leerlingen hulpmiddelen aanreiken om hier op een geïnformeerde, analytische manier naar te kijken: dat levert kritische geletterdheid op.”

Verlaag je de literatuurnormen niet op deze manier?

„Nee, het is een kwestie van verschillende niveaus en genres verbinden. Het een sluit het ander niet uit. Als je jongeren veelvraat maakt in lezen, kunnen ze daarna zelf kiezen wat ze lusten. Natuurlijk wil je dat ze in aanmerking komen met literair sterke teksten, maar begin met wat hen aanspreekt, dat is de eerste stap.”

En die eerste stap kan zorgen voor een sprong naar meer literatuur?

„Ik heb verschillende projecten bestudeerd, zoals ‘Hiphopinjebieb’ [waarbij hiphop-workshops en -programma’s in de bibliotheek worden aangeboden]. Hiphop als literatuurgenre aanbieden, bleek interesse aan te wakkeren in het werk van Anton de Kom, Confrontaties van Simone Atangana Bekono of De Geschiedenis van mijn seksualiteit van Tobi Lakmaker. Deze werken gaan in op onderwerpen als kolonialisme, racisme en seksualiteit, die in hiphopnummers vaak aan bod komen. In Nederland is nog uitvoerig onderzoek nodig om te zien wat hiphop als literatuur aanbieden, betekent voor in het onderwijs. Maar in de VS is via onderzoek al gebleken dat hiphop in de klas lezen zeker stimuleert. Door hiphop kunnen jongeren dus leeshonger krijgen.”