‘Ik kan het prima vinden met mezelf’

Spitsuur Frits Lebrechthausen werkt op een bloemenveiling en brengt koelverse maaltijden rond. In Langeraar deelt hij een eengezinswoning met de hond. „Zij is voor mij net zo belangrijk als de rest van mijn familie.”

Frits: „In mijn vrije tijd pak ik nog weleens een marktje. Of ik ga wandelen, neem een afbakbroodje mee en stop halverwege een keertje om over de plassen uit te kijken. Lanterfanten. Da’s een verloren gegane kunst.”
Frits: „In mijn vrije tijd pak ik nog weleens een marktje. Of ik ga wandelen, neem een afbakbroodje mee en stop halverwege een keertje om over de plassen uit te kijken. Lanterfanten. Da’s een verloren gegane kunst.” Foto David Galjaard

Frits: „Ik woon mijn hele leven al in Langeraar. Ik heb nooit de behoefte gehad om weg te gaan. Het bevalt me wel hiero. Mijn moeder woont in de buurt. Mijn vader niet meer, die is naar zijn voorvaderen vertrokken. Mijn moeder heeft een grote tuin. Ik heb een grote tuin. Daar is altijd wel wat te doen.

„Ik heb pak ’m beet acht banen gehad in mijn leven. Mijn eerste baan was in een magazijn, daarna ben ik naar verschillende bouwmarkten gegaan. Bij de laatste ben ik ontslagen, om bedrijfseconomische redenen. Mijn vader overleed en die had een bloemenkraam. Ik dacht: als ik mijn best doe kan ik dat wel aanslingeren. Dat was in het begin lastig, alles wat mis kon gaan gíng mis. En ik werd enorm tegengewerkt.

„Ik heb het uiteindelijk wel zes jaar met plezier gedaan. Ik nam ernaast een baantje op de bloemenveiling voor twintig uur in de week, om een beetje inkomen te garanderen. En de kiosk was veertig uur. Op een gegeven moment moest de kiosk weg omdat er gebouwd werd op die plek.

„In het begin dacht ik: ik heb nog wat boekjes te lezen, wat klusjes te doen. Maar na twee weken boekjes lezen en klusjes doen was dat ook wel weer klaar. Ik kwam een advertentie tegen van een maaltijdbezorger, die koelverse maaltijden rondbracht. Ze waren verrast toen ik belde. Meestal zijn het mensen van gepensioneerde leeftijd die het erbij doen. Ik zei: joh, ik verveel me gewoon een beetje. Dus dat doe ik nu ook al twee jaar, een paar uur in de week.

Met zijn drieën op vakantie

Frits: „Ik heb geen druk leven. Ik moet om 06.30 uur op mijn werk bij de veiling wezen. Het is zaak om gelijk bed uit te komen. Als ik mezelf nog een keer omdraai, loopt het meestal verkeerd af. Door de bank genomen ben ik om 12.00 uur wel weer thuis. Ik zie mijn moeder om de dag, als ik terugkom van de veiling ga ik even langs. Met mijn vader had ik een redelijke band. De laatste jaren van zijn leven werd dat beter. Toen gingen ma, ik en pa samen op vakantie, met zijn drieën in de tent naar Italië.

„Mijn moeder heeft een groot erf. Ik maai eens een keer het gras, ik snoei de bomen, ik schilder de kozijnen. In de winter is het allemaal wat minder. Dan nodig ik af en toe wat vrienden te eten uit. Ik heb niet veel vrienden: een handjevol. Het zijn wel goeie. Dat heb ik liever dan iedere verjaardag en elk feestje een huis vol, en als er verhuisd moet worden dat niemand tijd heeft.

„Verder lees ik een boekje. Ik zit wat te rommelen met de computer. Ik kook graag, soms uitgebreid. En daarna ga ik een of twee keer lopen met de hond. In mijn vrije tijd is het een beetje hetzelfde. Ik pak nog weleens een marktje. Of ik ga wandelen, neem een afbakbroodje mee en stop halverwege een keertje om over de plassen uit te kijken. Lanterfanten. Da’s een verloren gegane kunst.”

„Mijn hond Dyonna is voor mij bijna net zo belangrijk als de rest van mijn familie, misschien nog wel belangrijker. Ze komt oorspronkelijk uit Roemenië. Een zwerfhond was ze.

„Toen ik mijn werk kwijtraakte bij de bouwmarkt was het zomer. Ik had toen nog genoeg te doen in de tuin, en ik ging op vakantie. Het werd winter en ik had nog steeds geen werk. Dan word je 's morgens om 07.00 uur wakker en denk je, waarom ga ik mijn bed uit? Een week later wordt het 08.00 uur. Als je niet uitkijkt zit je tot het ’s ochtends licht wordt achter de computer.

„Ik kwam in die tijd een organisatie tegen die honden haalt uit het buitenland. Dan zoeken ze eerst mensen om ze op te vangen, voordat ze verder naar iemand in Nederland gaan. Ik wilde die tussenpersoon wel zijn, tot ik een baan heb gevonden, zei ik. Ik vond het zielig om Dyonna alleen thuis te laten. Maar de buren hoorden geen gejank toen ik weer werk vond. De organisatie zei: ze is er nou al zo lang en jullie zijn zo leuk samen. Ik had geen geld voor een sterilisatie, maar die kreeg ik van hen.

„Ik had door de hond een reden om de deur uit te gaan. Je loopt op straat en iemand zegt: goh, da’s een mooie hond. Dan heb je effe een gesprekje. Sommige mensen zouden in die situatie wat anders zoeken. Maar ik had een hond gevonden. En zij mij.”

‘Ik houd van mij’

Frits: „Een van mijn favoriete liedjes is van Harrie Jekkers: ‘Ik houd van mij’. Ik kan het prima vinden met mezelf. Ik ben niet bewust alleen, het is een beetje zo gegroeid. Ik zag mensen tijdens het hele coronaverhaal depressief worden, omdat ze niet meer naar het café konden of ‘huidhonger’ kregen... Ik vond het alleen maar vervelend dat ik niet naar de bouwmarkt kon bijvoorbeeld, als ik een schilderijtje wilde ophangen en ik had geen schroeven.

„Mijn moeder uitgezonderd komt het ook weleens voor dat ik behalve met wandelen en op werk twee weken niemand zie. Da’s ook goed. Veel mensen zeggen: dat is toch niet leuk? Niemand die thuis op je wacht, met je praat? Wat denk je ervan dat ik er helemaal niet op zit te wachten? Ik zou mezelf best voor 95 procent gelukkig willen noemen, nu sinds een paar jaar. Da’s een tijdje, toen ik mijn baan verloor, niet gelukt.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl

Actuele vacatures

Meer vacatures

Uitgelichte artikelen

Meer artikelen