Veel ‘Nederlandse’ Afghanen hoeven niet meer op hulp van het kabinet te rekenen

Asiel Honderden Afghanen die recht hebben om zich in Nederland te vestigen, zijn op zichzelf aangewezen om uit hun land weg te komen.

Een demonstratie in Kandahar, Afghanistan, om te vieren dat de Taliban een jaar aan de macht is.
Een demonstratie in Kandahar, Afghanistan, om te vieren dat de Taliban een jaar aan de macht is. Foto Mohammad/Anadolu

Het haalt nauwelijks nog het nieuws, maar een jaar na de chaotische evacuatie uit Kabul worden er nog steeds Afghanen in veiligheid gebracht.

Afgelopen vrijdag landde op luchthaven Eindhoven een chartervlucht uit Pakistan, met aan boord 184 mannen, vrouwen en kinderen, die volgens het kabinet recht hebben op asiel in Nederland.

Voor het demissionaire kabinet-Rutte III kwam de val van Kabul als een verrassing. Inlichtingenrapporten van de Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) waarschuwden weliswaar al maanden voor een overwinning van de Taliban, maar bij het ministerie van Defensie ging men ervan uit dat de definitieve ineenstorting van de door het Westen gesteunde Afghaanse regering nog wel even op zich zou laten wachten.

Toen de Taliban op 15 augustus de hoofdstad Kabul binnen wandelden, had men bij Defensie nog maar weinig voortgang geboekt met het evacueren van 273 Afghaanse tolken die voor de Nederlandse missie hadden gewerkt, en nu acuut gevaar liepen. Het getreuzel had al eerder tot grote irritatie geleid bij de vaste Kamercommissie voor Defensie. Nu was de maat vol.

Op 18 augustus, drie dagen na de val van Kabul, nam de Tweede Kamer een motie aan van D66-woordvoerder Salima Belhaj waarin de regering werd opgedragen niet alleen de tolken onmiddellijk in veiligheid te brengen, maar alle Afghanen die voor Nederland hadden gewerkt: koks, bewakers, medewerkers van Nederlandse hulporganisaties, fixers van Nederlandse journalisten.

Lees ook: De Taliban stonden voor zijn deur, maar Nederland weigert te helpen

Motie werd omarmd

Het demissionaire kabinet kon moeilijk anders dan de motie ‘omarmen’, maar zag zich intussen wel voor een onmogelijke opgave geplaatst. Bij het ministerie van Defensie bestond niet eens een goede administratie van de tolken: welke ándere Afghanen op grond van de motie-Belhaj moesten worden geëvacueerd was volstrekt onduidelijk. Op een speciaal e-mailadres dat werd opengesteld door het ministerie van Buitenlandse Zaken kwamen in een mum van tijd 20.000 verzoeken binnen. In de humanitaire chaos rond de luchthaven van Kabul lukte het uiteindelijk om 1.600 van de ‘Nederlandse’ Afghanen te evacueren voordat de Amerikanen hun bondgenoten opdroegen om het vliegveld te ontruimen. Op 26 augustus vertrokken de laatste Hercules-transportvliegtuigen vanuit Kabul.

Daarmee was het Afghanistan-dossier echter niet gesloten. Op 16 september nam de Tweede Kamer een motie van afkeuring aan tegen demissionair minister van Buitenlandse Zaken Sigrid Kaag (D66) en minister van Defensie Ank Bijleveld (CDA). Kaag (die haar optreden in de crisis fel had verdedigd) trok meteen haar conclusie en trad af. Pas een dag later maakte ook Bijleveld haar aftreden bekend – duidelijk met grote tegenzin.

De motie-Belhaj werd daarna zorgvuldig uitgekleed. Staatssecretaris voor Asielzaken Ankie Broekers-Knol (VVD) rekende in het AD voor dat als het kabinet de 20.000 binnengekomen asielverzoeken zouden inwilligen, er in totaal 100.000 Afghanen naar Nederland zouden komen: „Dat kunnen we hier niet aan.”

Het kabinet kondigde daarom eenzijdig af dat de „evacuatiefase” nu was afgerond, waardoor de uitvoering van de motie-Belhaj kon worden gestaakt.

Maximale inspanning

Om de verontwaardiging daarover te dempen, zegde het kabinet wél toe om een „speciale voorziening” te treffen voor enkele bijzondere groepen: medewerkers van Nederlandse hulporganisaties, voormalig personeel van Defensie en de politiemissie Eupol in een „zichtbare functie” en fixers van Nederlandse journalisten die al waren opgeroepen maar het vliegtuig niet hadden kunnen bereiken.

Hoewel Buitenlandse Zaken stelde zich ‘maximaal in te spannen’ waren de Afghanen die nog in aanmerking kwamen voor asiel vaak op zichzelf aangewezen om het land uit te komen.

Honderden Afghanen die er in slaagden de grens met Pakistan of Iran over te steken werden alsnog overgevlogen naar Nederland. Inmiddels zouden nog zo’n 500 Afghanen wachten op ‘overbrenging’. Voor vele duizenden anderen wil Nederland niets meer doen. Het speciale mailadres waarop Afghanen zich kunnen melden voor evacuatie is al sinds september 2021 gesloten.

Bekijk ook deze fotoserie: Onder de Taliban zijn vrouwen steeds verder verdrongen uit het publieke leven