Opeens is het uit voor Tom Dumoulin

Oud-wielrenner Het winnen van de Giro in 2017 was het bepalende moment uit de carrière van Tom Dumoulin – er was een vóór en een ná. Hij stopt per direct.

Sinds maandagavond prijkt er prominent op Tom Dumoulins Instagrampagina een foto van hem in het roze. Hij is genomen op 28 mei 2017, op het Piazza del Duomo in Milaan. Dumoulin houdt een trofee boven zijn hoofd, de gouden confetti dwarrelt om hem heen en de roze trui die hij draagt mag mee naar huis, want hij heeft zojuist de Giro d’Italia gewonnen. De grijns op zijn gezicht is gelukzalig.

Het is waarschijnlijk het gelukkigste moment uit de carrière van Dumoulin, die maandag bekendmaakte per direct te stoppen met wielrennen. Het is in ieder geval het meest bepalende moment geweest. Want er was een Dumoulin vóór en een Dumoulin na die Giro-zege.

De Dumoulin vóór die overwinning fietste voor de lol door de heuvels van zijn Limburgse geboortestreek. Talent had hij wel, maar dromen over roze, gele of rode truien deed hij niet. Hij wilde net als zijn vader geneeskunde gaan studeren. Pas toen hij daarvoor uitgeloot werd, besloot hij profwielrenner te worden.

De Maastrichtenaar ontpopt zich daarna door zijn fenomenale uithoudingsvermogen tot een uitstekend tijdrijder, eentje die bovendien graag het avontuur zoekt als rittenkaper. In 2015 breekt hij door als hij twee etappes wint en tot diep in de slotweek van de Ronde van Spanje in de rode leiderstrui rijdt. Bergop komt hij die grote ronde nog tekort, maar zijn potentie als klassementsrenner is dan wel aangetoond.

Er volgen etappezeges en het roze in de Ronde van Italië van 2016, twee ritzeges in de Tour de France, en olympisch zilver op de tijdrit in Rio de Janeiro, voordat Dumoulin in 2017 historie schrijft met zijn overwinning in de Giro. Hij is de eerste Nederlandse winnaar van de Italiaanse ronde en de derde groterondewinnaar die Nederland voorbrengt na Jan Janssen en Joop Zoetemelk. Dumoulin, die dat jaar ook nog wereldkampioen wordt op de tijdrit, vestigt zich als een van de grootste namen in het peloton.

Met die nieuwe rol heeft Dumoulin de jaren erna moeite. Hij wordt in 2018 nog tweede in zowel de Giro als de Tour, maar de hooggespannen verwachtingen spelen hem steeds vaker parten. Alles wat de openhartige Limburger zegt, wordt breed uitgemeten. Nergens kan hij meer gaan zonder opgemerkt te worden.

Langzaam maar zeker verliest Dumoulin zo het plezier in het wielrennen. Het dieptepunt volgt in 2020, als hij zo zeer twijfelt aan zijn eigen kunnen dat hij zich als kopman in de Tour opoffert voor een teamgenoot. Huilend van de pijn, de twijfels en de teleurstelling, zit hij na afloop in de teambus. Een paar maanden later kondigt hij aan tijdelijk te stoppen met wielrennen.

Tranen van geluk

Onduidelijk is dan of Dumoulin ooit nog zal terugkeren, maar vier maanden later is hij plots weer terug om zich te richten op de olympische tijdrit in Tokio. Als hij daar verrassend zilver haalt, vloeien er opnieuw tranen, ditmaal van geluk.

Lees ook deze column van Marijn de Vries: Trotse Tom

Het voedt de hoop bij wielerliefhebbers en hemzelf dat Dumoulin toch nog terug kan keren als ronderenner. Maar de Giro van dit jaar loopt uit op een fiasco: hij moet in de veertiende etappe afstappen vanwege fysieke problemen.

En nu is het ineens klaar voor de 31-jarige Dumoulin, ondanks zijn voornemen nog mee te zullen doen aan het WK tijdrijden in Australië van volgende maand. „De tank is leeg en de benen voelen zwaar”, schrijft Dumoulin bij zijn Instagrambericht. „Ik merk dat ik het niet meer kan opbrengen.”

‘De vlinder van Maastricht’, zoals Dumoulin in zijn beste dagen werd genoemd, heeft er vrede mee, zei hij eerder dit jaar in gesprek met NRC: „Ik heb behoorlijk mooie dingen laten zien als profwielrenner, maar ik heb ook een fantastische tijd gehad toen ik vier maanden geen prof was. Dus als ik twijfel of ik het nog wil, dan stop ik er lekker mee.”