Opinie

Bloedsport

Carolina Trujillo

Dit weekend eindigde het WK Speciësisme in Denemarken. Speciësisme is discriminatie op grond van soort, het stelt de ene soort moreel boven de andere bij vergelijkbare belangen. Het voor menselijk plezier fokken en berijden van planeetgenoten moet wel onder speciësisme vallen. Een andere benaming hiervoor zou menselijk suprematistisch denken kunnen zijn, maar dat vinden mensen akelige woorden, dus hou ik het vandaag op speciësisme. Beide denkwijzen staan mensen ongestoord toe dieren hun wil op te leggen.

In Herning, Denemarken, kwam speciësisme in actie in de categorieën springen, dressuur en voltige. Vanuit de Valkenburghoeve te Oosterbeek werd dit van commentaar voorzien in een online talkshow. Annette van Trigt deed de presentatie, dressuurruiters Hans Peter Minderhoud en Tineke Bartels deden de analyses en Britt Dekker zat er waarschijnlijk omdat ze een peperdure knol heeft van John de Mol.

Het publiek bestond uit mensen die zichzelf, net als hun soortgenoten rond de talkshowtafel en de ruiters in Herning, waarschijnlijk paardenliefhebbers noemen. Allemaal hebben ze naast dezelfde liefhebberij nog een ding gemeen: een verwrongen idee van wat liefhebben is of kan zijn. Als een paard een been breekt, kan het de deelname aan een sportevenement met zijn leven bekopen. Ruiters weten dit. Voor sportplezier Russische roulette spelen met het voorwerp van je affectie, zou als psychische aandoening een naam mogen krijgen.

Tineke en Britt waren enthousiast over een Spaans paard. Tineke vertelde een anekdote over een Spaanse ruiter die vroeger het publiek uit zijn dak liet gaan door een elegant gebaar te maken na elke pirouette en de ring te verlaten in Spaanse pas. „Hij had dan ook een stiervechtersachtergrond.”

Britt: „Oh echt?! Een soort clown?!”

In de speciësismebubbel leek niemand problemen te hebben met een stijl die je oppikt bij een zogenaamde bloedsport. In dit geval het doodmartelen van een stier voor het plezier van menselijke toeschouwers. Bloedsport is ook sport zullen ze daar gedacht hebben.

Uit een Zwitsers onderzoek waarin recreatiepaarden werden vergeleken met sportpaarden, bleek dat een sportpaard gemiddeld twee uur per dag buiten komt. Dat is een uur langer dan mijn vader per dag werd gelucht toen hij in de gevangenis zat van de Uruguayaanse dictatuur. De rest van de dag zat de gevangene in zijn cel, een ruimte die veel op een paardenbox lijkt: tralies, grendels en water uit een fontein. Het contact met soortgenoten is zowel voor paarden als gevangenen beperkt.

Mensen die belang hebben bij het voortbestaan van de ruitersport, zeggen dat paarden er veel plezier aan beleven. Ze wijzen naar de gespitste oren en de houding van het dier: kijk hoe graag hij bereden wordt. Mijn vader en consorten gingen ook met gespitste oren de gevangenistuin in, die hadden daar ook zin in. Zij droegen geen zadels maar grijze overalls. Waarschijnlijk waren ze ook naar buiten gegaan als ze de cipier op hun rug hadden moeten dragen. Buiten is buiten. Zondag werd Herning 2022 afgesloten met onder andere ‘individueel springen’ – paard uiteraard niet meegerekend. Op tv is het amper zichtbaar, maar wie goed kijkt, ziet dat de paarden, onder de zadels, grijze overalls dragen.

Carolina Trujillo is schrijfster.