In 49 seconden weet kunstenaar Lulu de tragiek van de Palestijnen te vatten. De boodschap: er komt geen einde aan de ellende

Sociale media Lotfi El Hamidi volgt de socials, op zoek naar trends in de wereld waarin we leven. Deze keer: De digitale intifada gaat onverminderd door, maar met nieuwe vormen.

Beeld uit animatiefilm over het bombardement op Gaza van Azzedine Lulu (Ezz Lulu)
Beeld uit animatiefilm over het bombardement op Gaza van Azzedine Lulu (Ezz Lulu) Ezz Lulu

Moet de Palestijnse vlag de kleuren blauw en geel bevatten om de aandacht van de wereld te trekken voor het oorlogsleed van de Palestijnen? Dat was min of meer het sentiment onder veel (pro-)Palestijnse activisten op sociale media tijdens de laatste Gaza-oorlog, toen eerder deze maand in één weekeinde tientallen Palestijnen omkwamen bij Israëlische bombardementen en honderden gewonden vielen, onder wie veel burgerslachtoffers. Onder de hashtag #GazaUnderAttack lieten Palestijnen en sympathisanten luid van zich horen.

Het is inmiddels een terugkerende aanklacht op sociale media: de ‘dubbele moraal’ van westerse leiders en media. Die wel sympathie zouden hebben voor het verzet van Oekraïne tegen de Russische agressor, maar in de Palestijnse strijd voor zelfbeschikking de kant kiezen van de onderdrukker of onverschillig blijven. Vooral de westerse mantra dat ‘Israël het recht heeft zich te verdedigen’ is een doorn in het oog van mediacritici als de Canadese Sana Saeed, werkzaam voor AJ+, een sociale mediakanaal van Al Jazeera dat populair is onder jongeren. Op Instagram deelde ze een story waarin ze uitlegt dat volgens het internationaal recht juist de Palestijnen zich op zelfverdediging mogen beroepen – een bericht dat door Instagram vervolgens werd verwijderd. Activisten beklagen zich over censuur.

Persbureau Reuters kreeg ervan langs toen het in een bericht sprak van Palestijnse ‘militanten’ in Gaza, terwijl een maand eerder Oekraïners werden omschreven als ‘vastberaden verdedigers’ van hun belegerde steden. Een cartoon van maart van de omstreden Braziliaanse tekenaar en radicaal-linkse activist Carlos Latuff, waarop de ‘mainstream media’ de Oekraïense brandbomgooier tot held bestempelen en de Palestijnse tot terrorist, werd ook weer veel gedeeld. Saillant: het twitteraccount van de Russische ambassade in Egypte postte de cartoon ook, maar dan met de interpretatie dat het Westen de Russen ‘demoniseert’, terwijl het de Israëli’s met rust laat.

Maar de ‘digitale intifada’ is in het algemeen rauwer dan het delen van cartoons en memes. Foto’s van omgekomen kinderen, gewikkeld in witte doeken passeren op de tijdlijn, en van rouwende ouders en chaotische begrafenisstoeten. Het zijn de bekende beelden van decennialang geweld in de Palestijnse gebieden, beelden waar de westerse nieuwsconsument zich doorgaans niet mee identificeert of afgestompt door is geraakt. Joris Luyendijk beschreef deze cynische mediadynamiek al in 2006 in zijn boekHet zijn net mensen.

Toch slagen Palestijnen er steeds beter in om hun penibele leven onder bezetting en belegering voor het voetlicht te brengen. Vorig jaar werd al geconstateerd dat Israël de sociale-mediaoorlog aan het verliezen is. Jonge Palestijnen zoeken online naar creatieve manieren om de digitale toeschouwer te confronteren.

Zo maakte de Palestijnse geneeskundestudent en kunstenaar Azzedine Lulu het leed indrukwekkend en met nieuwe vormen zichtbaar, door schetsen te maken aan de hand van echt beeldmateriaal, verwerkt in een digitaal filmpje . Daarin zoomt hij met zijn vingers op het scherm steeds verder in op een tekening van een oog, dat overgaat in een andere scène: van een begrafenis naar een huilende moeder, naar zes ontredderde meiden, en zo verder.

In 49 seconden weet Lulu de tragiek van de Palestijnen te vatten, letterlijk vanuit hun oogpunt, aan de hand van zeven schetsen van foto’s, allemaal uit dat ene bloedige weekend. Zijn boodschap: er komt maar geen einde aan de ellende.