Opinie

Het conflict om Taiwan is er al jaren. Dit keer is het anders

Taiwan Een inval van China in Taiwan mag roekeloos en immoreel zijn, dat betekent niet dat die nooit gaat plaatsvinden. over de waarschijnlijkheid van een Amerikaans-Chinees conflict.
Het Chinese vasteland bezien vanuit de Taiwanese kust van een van de Kinmen-eilanden.
Het Chinese vasteland bezien vanuit de Taiwanese kust van een van de Kinmen-eilanden. Foto Sam Yeh / AFP

Als een internationaal geschil zich al tientallen jaren voortsleept, krijgt het soms iets van een chronische kwaal die nooit dodelijk zal worden. De Verenigde Staten en China ruzieden al in de jaren vijftig over Taiwan. Over de crisis in de Straat van Taiwan van 1995 schreef ik een omslagverhaal voor The Economist. Het is verleidelijk om de bedreigende legeroefeningen die China voor de kust van Taiwan houdt gewoon als het jongste hoofdstuk in een langlopende geschiedenis te zien.

Maar deze keer voelt anders aan. In het verleden leek een Amerikaans-Chinese oorlog om Taiwan wel een reële mogelijkheid – maar ook niet meer dan dat. Nu is een groeiend aantal deskundigen van mening dat een Amerikaans-Chinees conflict niet alleen mogelijk, maar ook waarschijnlijk is. James Crabtree, directeur Azië bij het International Institute of Strategic Studies, zegt: „Bij onze huidige koers lijkt inmiddels een soort militaire confrontatie tussen de VS en China in de komende tien jaar eerder wel dan niet waarschijnlijk.”

Hoge westerse functionarissen zijn te voorzichtig om zoiets in het openbaar te zeggen – maar privé deelt menigeen Crabtrees pessimisme. Admiraal Phil Davidson gaf een inkijkje in het Amerikaanse denken toen hij in 2021 bij zijn aftreden als hoofd van het Amerikaanse Indo-Pacific Command tegen het Congres zei dat hij binnen „de komende zes jaar” een „manifeste” dreiging van een Chinese inval in Taiwan zag.

De retoriek van de Chinese regering is bepaald nationalistisch en oorlogszuchtig. Qin Gang, de Chinese ambassadeur in de VS, reageerde vorige week op het omstreden bezoek van Nancy Pelosi aan Taiwan met een tweet van een Top Gun-achtig filmpje van een oefenend Volksbevrijdingsleger – compleet met afgevuurde raketten, explosies, sirenes en joelende soldaten. De boodschap was duidelijk en onmiskenbaar.

De angst voor een dreigende oorlog komt voort uit de veranderingen in China, de VS en Taiwan zelf.

Historische missie

Sinds Xi Jinping in 2012 aan de macht kwam, is het buitenlands beleid van Beijing merkbaar agressiever geworden. China heeft overal in de Zuid-Chinese Zee legerbases ingericht en bij gevechten in de Himalaya zijn Indiase soldaten door Chinese troepen gedood. Dankzij de gestage militaire opbouw heeft China nu meer marineschepen dan Amerika.

Anders dan zijn voorgangers, die bereid leken op een uiteindelijke ‘hereniging’ met Taiwan te wachten, noemt Xi de kwestie een historische missie die „niet van generatie op generatie kan worden doorgeschoven”. De verwachtingen van het volk zijn zo hoog opgevoerd dat sommige Chinese nationalisten teleurgesteld leken dat het Volksbevrijdingsleger het vliegtuig van Pelosi niet heeft neergehaald.

De Taiwanezen weten dat Xi’s praatjes over ‘vreedzame hereniging’ codetaal voor inlijving zijn

Ook in de VS is de houding veranderd. Zo ongeveer het enige waarover de partijen in Washington het eens lijken, is dat China een steeds gevaarlijker rivaal is die ze het hoofd moeten bieden. De heffingen op Chinese goederen uit de tijd van Trump zijn door de regering-Biden gehandhaafd. De regeringen van Trump en Biden hebben allebei de banden met Taiwan verruimd.

Biden heeft nu driemaal gezegd dat de VS Taiwan bij een Chinese inval met geweld zouden verdedigen – in afwijking van het officiële Amerikaanse beleid van ‘strategische dubbelzinnigheid’. Zijn medewerkers beklemtoonden telkens dat hun baas zich verkeerd had uitgedrukt, maar dit wordt steeds minder overtuigend.

Bidens herhaalde suggestie dat de VS een oorlog om Taiwan zouden beginnen staat in schril contrast met zijn duidelijke uitspraak voorafgaand aan de Russische inval in Oekraïne dat Amerika niet rechtstreeks bij een militair ingrijpen betrokken zou raken. Hieruit spreekt de wijdverbreide overtuiging in Washington dat het machtsevenwicht in de 21ste eeuw om strategische en ideologische redenen zal worden bepaald door het lot van Taiwan.

Eén land, twee systemen

De spanningen zouden misschien niet zo hoog oplopen als er ook in Taiwan zelf geen veranderingen plaatsvonden. In 2016, en in 2020 opnieuw, koos het eiland Tsai Ing-wen tot president, de leider van de Democratische Progressieve partij, die van oudsher als ‘pro-onafhankelijkheid’ wordt beschouwd. Ook al heeft Tsai geen enkele formele stap naar onafhankelijkheid gezet, toch is wel duidelijk dat de jongere generatie Taiwanezen haar toekomst steeds meer als los van het vasteland ziet.

De formule van ‘één land, twee systemen’, die Beijing voor Hongkong had afgekondigd, voerde het ook op als model voor Taiwan. Maar na de Chinese repressie in Hongkong lijkt dit voor Taiwan meer een gruwelijke waarschuwing dan een mogelijk rolmodel.

Lees ook: China gaat Taiwan niet frontaal aanvallen. Wel zijdelings

De Taiwanezen weten dat Xi’s zoete praatjes over ‘vreedzame hereniging’ in werkelijkheid codetaal voor inlijving en opname in een dictatuur zijn. Dat zullen ze niet accepteren – en terecht. Als het Xi dus ernst is om de kwestie Taiwan per se binnen deze generatie naar tevredenheid van Beijing te willen oplossen, betekent dit dat zijn enige keus geweld is.

Mocht China zijn toevlucht tot geweld nemen, dan zou dit niet alleen een tragedie voor Taiwan, maar ook voor het Chinese vasteland zijn. Het zou leiden tot talloze slachtoffers aan beide zijden, een blijvende verwijdering tussen Taiwanezen en vastelanders, en een breuk in de wereldeconomie die tientallen jaren van Chinese groei in gevaar zou brengen. En het zou vooral ook het risico inhouden van een rechtstreeks conflict met de VS en een derde wereldoorlog.

Maar dat een inval in Taiwan roekeloos en immoreel zou zijn, wil nog niet zeggen dat die nooit zal plaatsvinden. Zoals de Russische aanval op Oekraïne laat zien kunnen nationalisme, autoritarisme en wrok tegen de Amerikaanse macht een krachtige en gevaarlijke combinatie zijn.

Terwijl ze zich beraden op een conflict om Taiwan, voelen Beijing en Washington zich verplicht tot harde taal en stoer optreden. Beide partijen hopen dat de ander bluft. Laten we hopen dat ze allebei gelijk hebben.

Dit artikel is vertaald uit het Engels en verscheen eerder in de Financial Times.